De voorstelling van De Warme Winkel begon nog zo goed

BAM van De Warme Winkel, gemaakt met collectief Touki Delphine, begint heel goed. In een industrieel pand staat een podium, waarop de jonge acteurs Karel Hermans en Marieke de Zwaan een bedeesde, erotische scène spelen. Hun plechtige dialoog is doorspekt met metaforen als : ‘Je borsten zijn als twee ketels.’ Als het doek valt spreekt Jeroen de Man een absurd gedicht uit – zoiets als een gedicht Herfst noemen en dan een glas water over je hoofd gooien, zoals Lucebert ooit deed. Alleen is BAM gebaseerd op het groteske, gewelddadige en seksuele universum van de Russische absurdist Daniil Charms (1905-1942), die een grote verzameling korte teksten naliet.

De beste scène is die waar De Zwaan en Mara van Vlijmen een showbizz-interview doen, met als vervreemdend element dat ze steeds drie tot vijftien seconden pauzeren als de ander wat heeft gezegd. Het gekwaak wordt door de vertraging een poëtische performance. Daarna daalt het peil snel. Het interview wordt nog twee keer net anders herhaald, een video wordt nagespeeld, een clown spreekt over leegte en er worden seksistische passages uit de game GTA5 getoond – alles met soundscapes van de Touki’s als decor. De willekeur bij Charms wordt zo wel getroffen, maar gekte, humor en redeloosheid zijn ver te zoeken. Het doet mat en ongeïnspireerd aan. Dat kan een keer bij een experimenteel gezelschap als De Warme Winkel. Wel spijtig dat Charms tekort wordt gedaan.