Vader geeft stress door via RNA in sperma

De kinderen van gestresste mannenmuizen hebben een minder adequate stressreactie, terwijl ze nooit hun vader zagen. Die gedragsverandering kan alleen via het sperma zijn veroorzaakt. Negen kleine RNA-moleculen in het sperma blijken de gedragsverandering in het nageslacht te veroorzaken. Ze remmen de bloedvatgroei in een klein hersengebiedje (de paraventriculaire kern) waardoor signaalstoffen moeilijker in en uit kunnen stromen. Dat remt de stressregulering. Onderzoekers uit Philadelphia publiceerden er deze week over in PNAS (early edition, online).

Honger, zwaarlijvigheid, stress, gifblootstelling en drugsgebruik: levenservaringen van vader en moeder veranderen groei of gedrag van hun kinderen. Dat komt natuurlijk door de opvoeding, maar de afgelopen 20 jaar werd ook de rol van epigenetica ontdekt, de veranderingen rond de genen. Die veranderingen verhinderen of stimuleren het aflezen van genen, waardoor stofwisseling en gedrag kunnen veranderen. Het gaat om methylgroepen die aan DNA-moleculen hechten. Of om veranderingen aan de eiwitten (histonen) waar het DNA omheen ligt. Of om micro-RNA dat aan DNA of aan boodschapper-RNA bindt en zo de genactiviteit beïnvloedt. In dit geval blijkt het om micro-RNA’s te gaan.