Licht als een vlokje ging hij het leger in

Mike van de Vondervoort (1984-2015) was als militair nergens bang voor. Hij zwaaide af met een hoge onderscheiding en ging feesten alsof zijn leven ervan afhing.

Mike van de Vondervoort ontwikkelde zich in het leger tot een geharde infanterist.

Ruim 24 kilo spiermassa. Dat was het verschil tussen de frêle jongen die zich in 2000 aanmeldde bij de landmacht en de afgetrainde militair die in 2008 hoog onderscheiden afzwaaide. Mike van de Vondervoort werd in zijn dienstjaren een man. Zeg maar rustig: een kerel. Hij kon er zijn onuitputtelijke energie kwijt, maakte er vriendschappen en keek er de dood in de ogen. Begin deze maand overleed hij plots, aan wat zich laat aanzien als hartfalen.

Thuis in het Limburgse Neer, gelegen te midden van eindeloze velden vol pompoenen, andijvie en andere wintergroenten, speelt zijn zoon Vin op de grond. De slingers van diens tweede verjaardag hangen er nog. „Hij krijgt het gelukkig allemaal niet zo mee”, zegt zijn moeder Marleen Klinkenberg. „Soms zegt hij: ‘Papa, papa.’ Dan zeg ik: ‘Papa is een sterretje, ver weg.’ Wat moet ik anders?” Ze speelt even met haar tongpiercing. In een kooi liggen twee chinchilla’s. Dan zegt ze: „Hij krijgt het echte verhaal nog vaak genoeg te horen als hij groot is.” Haar oudste zoon Robin zit op school. „Die mist Mike erg maar gaat er goed mee om. De klap moet nog komen.”

Van de Vondervoort heeft als kind een bos met krullen en draagt een brilletje. Het enig kind speelt veel buiten en valt op school soms ten prooi aan pestkoppen. Dat is verleden tijd als hij zich als puber, 1.89 meter lang en slechts 64 kilo zwaar, opgeeft voor een oriëntatiejaar in het leger. Vlokje, luidt al snel zijn bijnaam. Hij krijgt een uniform maar geen bewapening. Leuk, maar het vuur van de strijd is juist wat Van de Vondervoort wil voelen.

Hij blijkt voor de duvel niet bang en beschikt over een ongekende wilskracht, zien zijn leidinggevenden. Er is plaats voor hem bij de Lucht Mobiele Brigade, één van de best getrainde eenheden binnen het leger. Van de Vondervoort slaagt voor zijn toelatingstest. Uit handen van de latere Commandant der Nederlandse Strijdkrachten Peter van Uhm krijgt hij zijn rode baret.

Explosie uit het niets

Vanaf de zomer van 2002 volgen zijn eerste missies, naar Irak en Afghanistan. Van de Vondervoort gelooft in de Nederlandse bijdrage. „Als wij de Taliban daar niet aanvallen, komen ze met hun bommen naar ons toe”, vertelt hij na terugkomst aan een groep geïnteresseerde studenten.

Na vijf jaar Lucht Mobiele Brigade komt Van de Vondervoort bij een bataljon dat is gestationeerd in het Afghaanse Poentjak. Van de Vondervoort, inmiddels een geharde infanterist van 90 kilo, vindt wat hij zocht: avontuur. De mortiergranaten vliegen de Nederlanders om de oren. Van de Vondervoort ziet als opgeleid hospik de gevolgen van nabij. Toch is angst hem vreemd, volgens betrokkenen. Een ernstig auto-ongeluk in Nederland waarbij hij in coma raakt, en een motorongeluk waaraan hij blijvend schouderletsel overhoudt, veranderen daar niets aan.

De ultieme test wacht begin 2007 tijdens zijn vierde missie. Uit het niets explodeert een met explosieven gevulde auto wanneer de Nederlanders tijdens een patrouille passeren. Een zelfmoordaanslag, als inleiding tot een hevig vuurgevecht met de gereedstaande Taliban. Van de Vondervoort verbindt zijn gewonde pelotonscommandant en baant zich als hospik al schietend een weg naar het andere Nederlandse voertuig met zwaargewonden. Met succes. De Nederlanders ontkomen.

Bij terugkomst twijfelt Van de Vondervoort over zijn toekomst. Hij wil niet zijn hele leven militair blijven. Op 12 augustus dat jaar ontmoet hij bij Solar, een groot muziekfestival in Roermond, de Limburgse kapster Marleen. Ze is net als Van de Vondervoort gezegend met een overdosis levenslust. Glunderend: „Mike was ook een party-animal.” Ze feesten alsof hun leven ervan afhangt. Van de Vondervoort voorop. Mysteryland, Q-base, Solar; hij is er bij. Zijn vrouw: „Soms zei ik tegen Mike: ‘Doe eens chill, man’.”

Niet echt een advies dat hij ter harte neemt. Stilzitten is aan hem niet besteed. Praten aanvankelijk ook niet. En al helemaal niet over gevoelens. Zijn vrouw Marleen: „Dat heb ik Mike echt moeten leren.” Zacht: „Het lukte hem steeds beter.”

In oktober 2008 onderscheidt minister van Defensie Eimert van Middelkoop de afgezwaaide Van de Vondervoort met het Kruis van Verdienste. Een dapperheidsonderscheiding die nu de woonkamer siert. Zelf is Van de Vondervoort niet bijster onder de indruk. „Ik heb gewoon gedaan wat ik moest doen”, zegt hij in interviews.

Thuis in Limburg bouwt hij een nieuw leven op. Door de week werkt hij op de siroopkamer van frisdrankfabriek Refresco, in de avonduren geeft hij kickboksles en in de weekenden is hij portier. Of nog liever: dj. Hardcore, terror of Frenchcore; zolang het maar hard gaat. Tot hij begin oktober na thuiskomst van zijn nachtelijke werk onwel wordt en sterft. „Heel gek maar de laatste tijd hadden we het vaak over de dood”, zegt zijn vrouw. Ze denkt even na. „Onbewust heb ik misschien altijd geweten dat me zoiets kon gebeuren met Mike.”