Dubbele petten zijn in Brussel heel gewoon

‘Dieselgate’ vestigt de aandacht op politici die tegelijk actief zijn in het bedrijfsleven. Corien Wortmann bijvoorbeeld: zij wisselde haar werk als europarlementariër af met allerlei nevenfuncties in de autolobby.

Aegon heeft het goed voor elkaar in Brussel. Het lobbykantoor van de verzekeraar is strategisch gevestigd op Schumanplein 6, recht tegenover de Europese Commissie en op een steenworp afstand van het Borschette-gebouw, waar ook werknemers van Aegon in ‘expert groups’ de Commissie adviseren.

Bij het Europees Parlement, enkele straten verderop, heeft Aegon eveneens goede contacten. Eén van de commissarissen, Corien Wortmann, was tot voorjaar 2014 als europarlementariër voor het CDA spin in het web bij nieuwe wetgeving om de financiële sector toekomstbestendig te maken. Direct na haar afscheid stapte ze over naar Aegon. Een half jaar later werd ze ook bestuursvoorzitter van pensioenfonds ABP (lobbykantoor op Schumanplein 9). Deze week werd ze herkozen als vicevoorzitter van de machtige christen-democratische Europese Volkspartij, waardoor ze, alhoewel geen europarlementariër meer, nog regelmatig in de wandelgangen van het Europees Parlement is te vinden.

Nu Brussel zich vanwege dieselgate bij Volkswagen afvraagt of de stem van de industrie niet te zwaar weegt, komen ook dit soort draaideurconstructies en nevenfuncties van europarlementariërs weer in het vizier. De SP riep op tot een verbod op alle nevenfuncties van Europarlementariërs, nadat Hans van Baalen (VVD) onlangs zijn betaalde bijbanen bij autolobbyclub RAI en Mercedes had neergelegd. Na eerdere schandalen waarbij europarlementariërs omkoopbaar bleken, herhaalden non-gouvernementele organisaties (verenigd in Alter EU en Corporate Europe Observatory) vanwege dieselgate hun oproepen om de invloed van het bedrijfsleven te verkleinen. Het Europees Parlement bespreekt voorstellen om lobbyisten uit het gebouw te weren en snelle transfers van parlementariërs naar bedrijven te voorkomen.

Schijn van belangenverstrengeling

Hoe de belangen van het bedrijfsleven en de politiek in Europa door elkaar kunnen lopen, wordt mooi geïllustreerd door de carrière van Corien Wortmann. In het Europees Parlement was Wortmann gedurende haar hele zittingsperiode (2004-2014) lid of plaatsvervangend lid van de invloedrijke commissie transport. Zowel bij autolobbyclub RAI (2006-2009) als bij Mercedes (2012-2014) was zij Van Baalens voorganger. Van 2004 tot 2008 was zij ook voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Binnenhavens (NVB). In het beleidsplan van de NVB wordt haar toenmalige functie zo omschreven: „De voorzitter onderhoudt primair het politiek/strategische netwerk.”

Voorbeelden die de schijn van belangenverstrengeling wekken, zijn er te over. Zo diende Wortmann in 2006 een initiatiefrapport in om de Europese binnenvaart financieel te steunen. Als betaald adviseur van de RAI stemde ze over een reeks voorstellen die de autosector raakten, van toelating van extra lange vrachtwagens (voor) tot een Europees inhaalverbod voor vrachtwagens (tegen). Volgens de website van de RAI is het „behartigen van collectieve ledenbelangen bij Nederlandse en Europese overheden (politieke lobby)” het bestaansrecht van de afdeling ‘speciale voertuigen’, waar ook vrachtwagens onder vallen. Ook stelde Wortmann in die periode schriftelijke vragen aan de Europese Commissie over bijvoorbeeld energielabels op auto’s.

In 2012, Wortmann was toen al betaald commissaris bij vrachtwagenproducent Mercedes, stemde ze tegen een voorstel van de Europese Commissie om een accijnsvoordeel voor dieselrijders te schrappen. „Dit leek meer op vrachtwagentje pesten dan het milieu sparen”, was Wortmanns commentaar.

Collega’s wisten van niets

Dat jaar moesten europarlementariërs voor het eerst hun nevenfuncties openbaren. In het register stond bij Wortmann alleen ‘Raad van comm. MBNL’. Dat ‘MBNL’ staat voor Mercedes Benz Nederland moest de nieuwsgierige burger zelf uitzoeken; andere oud-leden van de transportcommissie zeggen dat ze niet op de hoogte waren van de nevenfuncties bij de RAI en Mercedes die Wortmann vanaf 2006 bekleedde.

Waarom wil een bedrijf als Mercedes in zijn raad van commissarissen een politicus als Wortmann of Van Baalen, en eerder europarlementariër en later verkeersminister Karla Peijs? Dat het alle drie politici zijn, is volgens een woordvoerder deels toeval. Mercedes zou vooral iemand zoeken die de branche goed kent. Zo was Wortmann eerder hoge ambtenaar bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat en zat Van Baalen tegelijkertijd in de adviesraad van autolobbyclub RAI. Los van hun inhoudelijke kennis kwam het bedrijf bij de europarlementariërs uit vanwege hun Europese blik. „Voor ons is de rol van Nederland in Europa van belang, bijvoorbeeld als het gaat om emissies of plannen voor transportcorridors”, zegt de woordvoerder. Dat Wortmann over diezelfde emissies en transportcorridors moest stemmen in de transportcommissie van het Europees Parlement leidde volgens hem niet tot belangenverstrengeling. „Wortmann en Van Baalen vertegenwoordigden als commissaris alleen de belangen van de Mercedes-medewerkers in Nederland. Mercedes Benz Nederland is een importeur, wij zijn geen verlengstuk van moederbedrijf Daimler.”

Dat Wortmann en Van Baalen in een raad van in totaal drie personen zaten met twee Duitse commissarissen van Daimler, onder wie het hoofd marketing en sales van Mercedes-Benz trucks en de wereldwijde directeur sales, doet daar volgens de woordvoerder niets aan af.

Hoogleraar staats- en bestuursrecht Wim Voermans (Universiteit Leiden) vindt de verdediging van Mercedes niet overtuigend. „Dat Mercedes in Nederland alleen importeur is, is natuurlijk een schijnonderscheid. Politici moeten zich twee keer bedenken als ze hiervoor worden gevraagd. Als commissaris behoor je tot de inboedel van zo’n multinational.” Ook hekelt Voermans het feit dat Wortmann stemde over onderwerpen die voor Mercedes, RAI en NVB van belang waren. „Ze heeft het principe dat je niet stemt over onderwerpen waar je een belang in hebt, met voeten getreden.”

Kapitaaleisen

Wortmann was tijdens haar periode in het Europees Parlement ook altijd lid of plaatsvervangend lid van de commissie voor economische en monetaire zaken. In 2012 diende ze een amendement in dat voorkwam dat Nederlandse zorgverzekeraars, waaronder Aegon, aan hogere kapitaaleisen moesten voldoen. In datzelfde jaar opende Wortmann het nieuwe Brusselse lobbykantoor van het Verbond van Verzekeraars, waar Aegon lid van is. Dat ze direct na haar parlementsperiode overstapte naar de verzekeraar werd haar kwalijk genomen door Corporate Europe Observatory (CEO). „Er moeten nieuwe regels komen om te garanderen dat europarlementariërs hun ervaring, contacten en kennis van binnenuit niet gebruiken om private belangen te dienen”, schreef CEO. Diverse andere leden van de invloedrijke commissie monetaire zaken stapten eveneens al snel over naar de financiële sector.

De Rotterdamse ‘lobbyprofessor’ Rinus van Schendelen, zelf ook belangenbehartiger in Brussel, noemt Wortmann in haar laatste parlementsperiode „de powerlady” van het Europees Parlement. „Iedereen was jaloers op haar”, zegt hij. Dat Aegon en het ABP haar kozen vanwege haar politieke contacten is voor hem vanzelfsprekend. Van Schendelen: „Zonder meer ‘ja’ met een uitroepteken.”

Wortmann werd alom geroemd als architect van de Europese bankenunie. Had ze dit ook voor elkaar gekregen zonder nauwe banden met de financiële sector? Wellicht niet, maar de nevenfuncties tijdens haar zittingsperiode en de directe overstap naar Aegon vindt Van Schendelen onverstandig. „Vaak zeggen politici dat ze in zo’n raad van commissarissen moeten zitten om te weten wat er speelt in het bedrijfsleven. Maar dat is onzin. De lobbyisten in Brussel zorgen er wel voor dat de informatie jou bereikt. Je moet de schijn van belangenverstrengeling voorkomen.” Hoe Wortmann zelf haar dubbele petten en haar directe overstap naar de financiële sector verantwoordt, zullen we niet weten. Ze weigert medewerking aan dit artikel.

Van Schendelen is bij europarlementariërs, net als bij leden van de Europese Commissie, voorstander van een „jaar in quarantaine” als ze de overstap naar het bedrijfsleven willen maken. Ook hoogleraar Voermans is tegen snelle transfers. „Mensen kunnen hun opeenvolgende functies zelf misschien goed scheiden, maar je moet ook bedenken hoe het eruitziet voor de buitenwacht”, zegt hij.

Maar is het behartigen van nationale industriebelangen door leden van het Europees Parlement geen algemeen geaccepteerd fenomeen? Het komt zeker vaker voor. Maar als het om nevenfuncties gaat die conflicteren met hun eigen werk dan zijn de huidige Nederlandse europarlementariërs daar, in tegenstelling tot Wortmann destijds, meestal terughoudend in. „Het zijn brave Hendrikken”, zegt Van Schendelen. Bij diverse parlementariërs uit andere landen is dat veel minder het geval. Na onderzoek wees CEO afgelopen voorjaar negen europarlementariërs aan met zakelijke belangen die duidelijk conflicteren met hun parlementaire werk, en nog diverse anderen die zich laten inhuren als ‘consultant’ of ‘deskundige’ voor onbekende opdrachtgevers. Kampioen bijbanen is Guy Verhofstadt, de flamboyante voorzitter van de liberale fractie in het Europees Parlement, waar de VVD en D66 lid van zijn. Hij was tot april vicevoorzitter van de raad van commissarissen bij pensioenuitvoerder APG, onderdeel van het ABP. Die functie heeft hij neergelegd, maar Verhofstadt verdient nog altijd zo’n twee ton per jaar bij met andere nevenfuncties.

Ook leden van de Tweede Kamer mogen nevenfuncties bekleden, maar bijbanen die direct verband houden met het parlementaire werk komen nauwelijks voor. „Op het Binnenhof hebben we hier al eerder veel kabaal over gehad”, verklaart Van Schendelen dat. „Dat maakt parlementariërs angstig. Ook ligt Den Haag veel meer onder het vergrootglas van de media dan Brussel, waardoor belangenverstrengeling sneller wordt opgemerkt.”

Europarlementariërs zijn niet gewild

Pleidooien om nevenfuncties te verbieden en snelle transfers te voorkomen naar sectoren waarvoor parlementariërs wetgeving maakten, hebben tot nu toe geen weerklank gevonden. Een probleem is dat veel europarlementariërs merken dat werkgevers nu al niet op hen zitten te wachten na hun tijd in Brussel. Ze zijn dus amper geneigd zichzelf ook nog een jaar wachttijd op te leggen. Via deze weg kan de ongewenste beïnvloeding dus doorgaan.

Meer media-aandacht is waarschijnlijk minstens zo effectief om misstanden te voorkomen. Het laatste waar beursgenoteerde bedrijven, of een pensioenfonds als het ABP, op zitten te wachten is negatieve publiciteit over vermeende belangenverstrengeling. Dat blijkt wel uit de reactie van de Mercedes-woordvoerder na de ophef over de bijbaan van Van Baalen. Het lijkt onwaarschijnlijk dat zijn opvolger weer een actieve politicus wordt. Volgens de woordvoerder zal namelijk „nog nadrukkelijker” worden gekeken „naar de gevoeligheden rondom politici en betaalde nevenfuncties”.