Kapotgemaakt door de overheid

Geen inkomen, torenhoge schulden, vrouw depressief – toch is archeoloog Aart Vermeulen blijven vechten.

„Het had zo mooi kunnen zijn”, zegt Aart Vermeulen, archeoloog en mededirecteur van het opgraafbedrijf ArcheoMedia. Elf jaar geleden groeven Vermeulen en zijn 32 personeelsleden bij bouwplaatsen en afgravingen door heel Nederland naar bodemschatten, maar na jaren van juridische strijd is er weinig meer over van zijn bedrijf.

„We hadden veel meer kunnen weten over alle schatten in de Nederlandse bodem”, zegt Vermeulen. „Maar mijn bedrijf is kapotgemaakt. Al mijn energie is in het gevecht met de overheid gaan zitten – en niet in het opgraven.”

Die schade is groot – zegt Vermeulen, ook op het persoonlijke vlak. „Sinds begin 2005 heb ik geen inkomen meer. Ik heb torenhoge schulden, haal mijn eten bij de voedselbank en heb constant deurwaarders aan de deur. Mijn vrouw is depressief en op doktersadvies verhuisd naar waar haar kinderen wonen, omdat zij de jarenlange procedures niet meer aankon. Zelf ben ik aan het herstellen van een hersenbloeding, het gevolg van de stress van elf jaar strijden tegen de overheid”, aldus Vermeulen. „Het is dat ik een vechter ben. Daarom leef ik nog.”

Booming business

Na de millenniumwisseling was de tot dan toe slaperige sector van de archeologie opeens booming business. Aanleiding was een nieuwe wet die gemeenten en projectontwikkelaars verplichtte om bodemonderzoek te doen, voordat er een nieuw bouwproject werd gestart. Om aan de grote vraag te voldoen werd de markt voor archeologie, tot dan toe een zaak van overheden en universiteiten, opengesteld voor private bedrijven.

Zoals ArcheoMedia. In vier jaar tijd groeide het bedrijf uit van een tweemanschap tot een archeologisch bureau met 32 man personeel en opgravingen door heel Nederland. „En toen begon het”, zegt Vermeulen. „De belangrijkste archeoloog van Nederland bleek niets op te hebben met commerciële bedrijven, ook al werkten die sneller, goedkoper en minstens net zo goed als de klassieke archeologische diensten.”

De infrastructuur van de archeologie in Nederland bleek evenmin bestand tegen de stroom aan onderzoeken die het gevolg waren van het vrijgeven van de markt. De erfgoedinspectie liep grote achterstanden op bij het controleren van al het onderzoek, en er bleek onvoldoende plek om alle opgegraven bodemschatten op te slaan of tentoon te stellen.

Cowboys van de archeologie

„Honderden archeologische onderzoeken zijn blijven liggen of nooit uitgewerkt. Het broodnodige particuliere initiatief in de archeologie heeft een enorme knauw gekregen door deze affaire,” zegt Vermeulen.

Hoogleraar Willem Willems, die ArcheoMedia bijna eigenhandig uit de markt drukte, is eind 2014 overleden. De oud-decaan van de Leidse archeologiefaculteit en voormalig hoofdinspecteur van de erfgoedinspectie was tot zijn dood een spil in de Nederlandse archeologie. „Hij zag ons als cowboys die de archeologie verpestten. In feite vond hij dat alleen universitair geschoolde archeologen in dienst van een eerbiedwaardig instituut met een schep de bodem in mochten”, zegt Vermeulen.

In 2011 plaatste de erfgoedinspectie al een ‘rehabilitatiebericht’ op haar website. Daarin zei de dienst dat er „betreurenswaardige uitlatingen” waren gedaan over ArcheoMedia en dat er door de inspectie fouten waren gemaakt. Zo zou er „niet op feiten gebaseerde informatie” zijn verschaft. De dienst liet verder weten dat er maatregelen waren genomen „om dit soort gedrag niet meer te laten voorkomen”.

ArcheoMedia is niet het enige bedrijf dat in problemen kwam door de opstelling van hoogleraar Willems. Ook het Instituut voor Archeologisch en Aardkundig Onderzoek SOB Research uit Heinenoord is al meer dan een decennium in gevecht met de Erfgoedinspectie.

1,7 miljoen euro schade

Nu ArcheoMedia de procedure heeft gewonnen, hoopt directeur Jente van den Bosch op een uitweg. „In 2004 liet Willems zich in het door het ministerie uitgegeven vakblad Malta Magazine zeer negatief over ons uit, zonder reden. In de maanden daarna zagen we tweederde van onze klanten met stille trom vertrekken. Ik heb sindsdien nooit meer een dag vakantie gehad. Het is een wonder dat mijn bedrijf nog bestaat.”

Van den Bosch’ laatste contact met de Erfgoedinspectie dateert van twee jaar terug. „Na jaren van praten was het bericht toen dat zij het vonnis in de zaak-ArcheoMedia wilden afwachten. Dat is er nu, en ik hoop op een snelle oplossing – voor zover je na ruim elf jaar nog over snel kan praten. In 2009 heeft een gerenommeerd accountantskantoor vastgesteld dat mijn geleden schade 1,7 miljoen euro bedraagt.”

De Erfgoedinspectie laat in een reactie weten het vonnis nog te bestuderen en wil verder niet reageren. Bij een eerdere inhoudelijke behandeling van de zaak, begin 2014 in de Haagse rechtbank, zei hoofdinspecteur Hans Magdelijns dat hij ermee in zijn maag zat. „Deze zaak sleept al sinds 2007 en er moet een streep onder”, aldus Magdelijns. Betalen wilde de overheid indertijd niet, maar die is daar nu wel toe veroordeeld.