Column

Het verraad van de middenklasse

Alleen vanmiddag nog even, en dan zijn Lieke Mensink en Jolanda Selderslaghs voorgoed uit de Bijenkorf weggepest. Vandaag is de laatste Dwaze Dagen-dag in het warenhuis. Mensink, sociaal werkster met pensioen, en Selderslaghs, sociaal-juridisch dienstverlener in deeltijd, horen hierna niet meer tot de doelgroep en dat voelen ze.

Jolanda Selderslaghs kwam hier vroeger met haar moeder in de Sinterklaastijd naar de klimmende Zwarte Pieten kijken. Hier kocht ze ooit een onverwoestbaar espressoapparaat. Hier kocht ze, tijdens de eerste Dwaze Dagen in de jaren tachtig, haar uitzet, een Villeroy en Boch-servies en een bestekcassette „met wel duizend gulden korting”. „De middenklasse wordt hier uitgesloten’’, zegt ze nu. Haar dochter staat naast haar; zij komt „nooit’’ in de Bijenkorf.

Ze lopen over de begane grond tussen de ingebouwde filialen van Louis Vuitton en Hermès door. Nu zijn die vrijwel leeg, want daar zijn de dagen niet dwaas. Straks zijn ze weer vol, want de Premium Shopping Experience wordt de strategie van de Bijenkorf.

Ooit was dat de aantrekkingskracht van de Bijenkorf: hier maakte de middenklasse kennis met de luxe van de upper class. In de Bijenkorf vonden zij kwaliteitsmode die met wat sparen binnen hun mogelijkheden viel. Dat geldt niet voor de Speedy-tas van Louis Vuitton: 970 euro.

Zoals een oud-directeur me ooit zei: „Warenhuizen die overleven, zitten aan de onderkant of aan de bovenkant van de markt.” Dit is een droom die bewust buiten het bereik van de gewone burger wordt getild.

Alsof die het al niet moeilijk genoeg heeft. Banen die ooit de sleutel waren naar een burgermansbestaan, een premiekoopwoning en een Opel Kadett, zijn nu weggeautomatiseerd of worden tegen Oosteuropa-bestendige lonen uitbesteed aan nep-zzp’ers.

De arbeidersklasse en de hogere bourgeoisie weten dat ze onmisbaar zijn, schreef Hans Magnus Enzensberger in een bundel essays uit 1982. „De kleine burgerij daarentegen moet voortdurend vechten met het gevoel dat ze overbodig is.”

En nu zegt de Bijenkorf volmondig: jullie zijn overbodig. In de analyses van overwinningen van Pim Fortuyn en later Wilders wordt steeds benadrukt dat een bovenklasse van bedrijvige burgers met een hoge opleiding en een goed inkomen en een onderklasse van bedreigde burgers met een lage opleiding en een gering inkomen elkaar in het populisme hebben ontmoet. Daartussen zweeft een silent majority – die wordt voor het gemak vergeten.

Het afgelopen jaar bleek uit een serie onderzoeken van het Sociaal- en Cultureel Planbureau dat die tussenlaag, de burgerij in Nederland, de handdoek in de ring gooit. Hun werkgelegenheid verdwijnt: de medewerker salarisadministratie, de magazijnbediende, de verzekeringsadviseur, de medewerker klantenservice, de bankmedewerker, de technisch controleur, de archivaris. Ze drijven af naar de onderklasse.

Mensink en de Selderslaghs zoeken bij de kinderkleertjes – maar vinden alleen die van Kenzo. En ja, twintig procent korting, maar twintig procent waarvan? „Clinique is hier met korting nog altijd duurder dan bij Ici Paris”, zegt de dochter van Jolanda Selderslaghs. De ogen van Lieke Mensink lichten op. „Ik vind er geen bal meer aan.”