Zijn pees zei ‘pang’, weg judocarrière

De wereldkampioen van 2005 wilde nog graag naar Rio. Maar op de Toekomst kwam aan die droom een einde.

Guillaume Elmont was goed op dreef dit seizoen. Bij de EK in Bakoe, de eerste Europese Spelen in de geschiedenis, pakte hij in juni brons. Foto Vincent Jannink/ANP

Guillaume Elmont (34) was gisteravond onderuitgezakt op zijn loungebank voor de televisie gaan zitten met een emmer Ben & Jerry’s Satisfy My Bowl – bananenijs met karamel, koekjes en chocolade – en hij was pas overeind gekomen toen die halve liter helemaal op was. Een beetje comfort food was het, een dag of negen na het abrupte einde van zijn topsportcarrière.

En trouwens, één emmer valt nog mee. Het gebeurt ook wel dat hij op een avond een liter ijs wegwerkt. Hij traint die calorieën er de volgende dag dan wel weer af, met gemak zelfs. Maar nu hij al meer dan een week niets heeft gedaan, begint zijn grijze joggingbroek te knellen. Het was zijn vriendin (ex-judoka Kitty Bravik) ook al opgevallen. Elmont moet erom lachen terwijl hij zijn schouders wat ophaalt en zich dan afvraagt waar de appeltaart blijft. Bravik had het vijf minuten geleden aangeboden, maar het staat nog niet op tafel.

Och, wat was het vorige week onbenullig gegaan op de Toekomst (het trainingscomplex van Ajax), vertelt hij al prikkend in het puntje taart, zijn linkerarm bedekt met blauw gips. Elmont is er al jaren performancetrainer van jongens tussen de 15 en 18 jaar, en hij deed op een dinsdagochtend wat testjes om te kijken hoe het zat met de lichaamscontrole van de aanstormende talenten. Een van de zwaardere voetballers bleek niet in staat een handstand tegen de muur te maken. Elmont besloot te helpen door diens benen te begeleiden. De handstand ging goed, maar toen de jongen probeerde terug te komen, liet hij zijn benen vallen. Elmont ving ze op met gebogen armen en pang, alsof je een lintje doorknipt, scheurde de pees die de spierbal op spanning houdt volledig af.

 

Operatie is geslaagd! Over week mag ik al uit het gips en revalideren. Gaat best snel allemaal. #judo #elmontbrothers #no #roadtorio anymore

Een foto die is geplaatst door Guillaume Elmont (@guillaume_elmont) op

Die pees is helemaal door

Tien seconden pijn, meer was het niet, maar Elmont wist het gelijk: einde carrière. Hij had dit eerder gezien bij een worstelaar die een grondoefening deed. Die spande uit reflex zijn spierbal aan en hij zag zo die hele pees richting bovenarm oprollen. Daardoor wist hij nu: ontspannen, dan hoeven ze in elk geval niet mijn hele arm open te snijden straks. Bij Ajax zijn medici nooit ver weg, dus Elmont werd binnen een paar minuten naar een echoapparaat gebracht. Daar stelde sportarts Don de Winter vast wat de judoka zelf al wist: die pees is helemaal door. Herstel kost zes tot tien weken zonder en drie maanden met operatie. „Dan stop ik nu met judo”, zei Elmont ter plekke. De komende weken zouden allesbepalend worden, met Grand Slam-toernooien in Parijs, Abu Dhabi en Tokio. Daar zou hij het fundament leggen onder zijn vierde en laatste Olympische Spelen, ten koste van zijn concurrent in de klasse tot 90 kilo, de 24-jarige Noël van ‘t End. Nu hij die toernooien zou gaan missen, had het geen enkele zin meer om door te gaan.

De medische staf van Ajax trok wit weg: voor hun neus beëindigde een sportman een glansrijke carrière van meer dan tien jaar, met een wereldtitel in 2005 als hoogtepunt. Voor Elmont zelf lag het anders: hij was al sinds 2013 bezig geweest afscheid te nemen van de sport. In dat jaar was hij op het WK in Rio de Janeiro door de Griek Ilias Iliadis met een heupworp op zijn nek gegooid. Er waren wervels verschoven en bekneld geraakt, en die veroorzaakten stralingspijn in zijn schouders, zijn armen en zijn rug. Zijn arts had hem destijds gewaarschuwd: als je nog een keer op je nek valt, dan is het niet de vraag óf je verlamd raakt, maar vanaf waar. En in het ergste geval ben je op slag dood.

Kom op knietjes

Het was een logisch moment geweest om te stoppen met judo, maar zijn carrière voelde nog niet af. Hij sprak met zijn broertje Dex en zijn moeder af dat als hij weer met die techniek gegooid zou worden, hij dan door zou rollen, weg van die nek. Maar vanaf dat moment stond er een gehandicapte judoka op de tatami. Altijd gefocust op die nek, eigenlijk judo je dan met één arm op je rug. Waar hij vroeger voor iedere wedstrijd sprak met zijn knieën, zo ongeveer het enige lichaamsdeel dat nog nooit geknakt was – „kom op knietjes, jullie krijgen het weer zwaar vandaag, maar het komt goed” – was er nu vaak een angstvallig knikje naar Dex op de tribune, die een duikbeweging maakte om zijn grote broer eraan te herinneren in hemelsnaam voorzichtig te zijn.

Die angst is nu weg, bij de hele familie. Iedereen is opgelucht, Elmont zelf ook, maar niet alleen om die nek. Hij is eindelijk van die vreselijke hardlooptrainingen bij Kraantje Lek in Overveen af, en hij hoeft ook nooit meer in de gewichten te hangen als hij daar geen zin heeft. Hij hoeft zijn versleten lichaam niet nog verder af te breken. Want wat is dat 34-jarige lijf opgebruikt: hij scheurde pezen in zijn pols, brak zijn sleutelbeen, boog zijn kuitbeen en zag zijn vingers ieder jaar krommer worden door het gesleur aan het pak van zijn tegenstanders. En dan dat afvallen vlak voor de wedstrijd, soms wel negen kilo. Het hoef niet meer. Hij mag ongestoord dik worden. „Daar heb ik aanleg voor.”