Column

Koop Hillary, loos Marco en Donald

De Amerikanen zullen het zelf niet weten, maar eens in de vier jaar organiseren ze het grootste gezelschapsspel voor Nederlandse intellectuelen: de voorverkiezingen voor de kandidatuur voor de presidentsverkiezingen – en de presidentsverkiezingen zelf. Van Iowa tot New Hampshire, van Democratische koplopers tot marginale Republikeinse kandidaten: alles wordt ook in ons land op de voet gevolgd. En omdat de voorverkiezingen in de praktijk steeds eerder in het nieuws komen (we zijn nu in het stadium van de voor-voorverkiezingen) duurt het gezelschapsspel ook steeds langer.

Je kunt nu gerust zeggen dat we er ook in Nederland zeker een jaar lang mee bezig zullen zijn. Tot en met de verkiezingen van begin november 2016. Soms welt het gevoel op dat we eigenlijk geïnteresseerder zijn in de verkiezingen dáár dan die in eigen land.

Opiniepeilingen spelen in die lange tussentijd een grote rol bij het verloop van het discours. Maar zoals vrijwel overal worden die peilingen steeds lastiger. Mensen willen niet, zijn telefonisch slecht bereikbaar. Mensen die hun telefoon wél plegen op te nemen (senioren bijvoorbeeld) dreigen oververtegenwoordigd te worden, waarvoor dan weer moet worden gecompenseerd. Enzovoort.

Dat verklaart mede de opkomst van ‘verkiezingsmarkten’, waar net als op een aandelenbeurs gehandeld kan worden in de kansen van kandidaten. In 1997 werd hier voor het eerst aandacht besteed aan de Iowa Electronic Market (IEM), van de Universiteit van Iowa. Het systeem is simpel: je koopt bijvoorbeeld het contract ‘Hillary Clinton wint de Democratische voorverkiezingen’. Als dat inderdaad het geval blijkt, dan keert het contract een dollar uit. Als ze niet wint, dan krijg je niets. Bij genoeg deelnemers ontstaat een markt van aan- en verkoop in het Clinton-contract, waarbij de koers een weerspiegeling is van de kans die haar wordt toegedicht. Een soort van crowdsourcing dus, zoals een echte aandelenbeurs natuurlijk, avant la lettre, eigenlijk ook is.

Iowa is al lang niet meer de enige markt. Er zijn twee veel professionelere spelers, Predictit (predictit.org) en Pivit (pivit.io) waar dagelijks enorme omzetten in ‘politieke aandelen’ worden gemaakt. Het contract ‘Clinton wint de presidentsverkiezingen’ had gisteravond een koers van 49 cent (en dus een ‘kans’ van 49 procent) op Predictit. Het aantal uitstaande contracten: 45.000. De Republikeinse mededingers Marco Rubio en Donald Trump deden respectievelijk 23 en 18 cent. En er zijn tal van andere contracten, van de uitslag van verkiezingsdebatten tot voorverkiezingen in deelstaten.

De opkomst van redelijk liquide markten als Predictit en Pivit leidt er langzamerhand toe dat ze een rol gaan spelen in de Amerikaanse media. CNN werkt al met Pivit samen.

Of deze markten goed voorspellen? De track record van Iowa is niet slecht. Maar onduidelijk blijft of deelnemers zelf in hun gedrag niet gewoon de echte peilingen volgen.

Aan de andere kant: de frequentie waarmee prijzen, en dus kansen, veranderen suggereert dat dit maar ten dele kan. En juist het acute, fluctuerende karakter maakt ze zo aantrekkelijk voor de Amerikaanse media. Het zou zomaar kunnen dat, in de loop van volgend jaar, de echte politieke wereld op deze markten begint te reageren.