Column

Het verzet voeden en zelf niets doen

Vrij veel mensen in de politiek zijn gesteld op de humor van Martin Bosma. De man heeft taalgevoel en timing. Ik zou niet durven beweren dat alles wat hij zegt, klopt. Wel dat hij, inderdaad, tamelijk geestig kan zijn. Zo ontving de Kamer een jaartje terug een PVV-initiatief voor een „Zwarte Piet-wet”. Het leverde massa’s publiciteit op: NOS, Telegraaf, Volkskrant, NRC, etc.

Bosma had er een heel weekeinde aan zitten schrijven, zei Geert Wilders 15 september vorig jaar live in Vandaag de Dag van WNL. De overheid diende Zwarte Piet onverwijld te beschermen.

Artikel 3 van het voorstel bevatte dat Piet „een egaal zwart of donkerbruin gezicht” heeft en gekleed gaat „in een fluweelachtig pak met pofbroek”. De pofbroek als populistisch wapen: je moet er maar opkomen.

Ik dacht eraan nu nieuwe deprimerende berichten in het ‘Zwarte Piet-debat’ de ronde doen. Debat is hier versluiering voor zelfexpressie: blijf met je poten van mijn Piet af. Het is al zover, las ik, dat AH zijn personeel instructies geeft ingeval de Piet-kleurkeuze van de winkelketen tot woede van klanten leidt.

Verstandige politici zwijgen in zo’n geval. Hun bemoeienis versterkt slechts de verdeeldheid – en die is al groot genoeg. Laat elke burger, winkel, gemeente en tv-maker vooral zelf zijn keuze maken.

Maar goed – je hebt ook politici die leven van verdeeldheid. „Ik kan zo boos worden”, zei Wilders vorig jaar in die WNL-uitzending, dat „de VN” en „de linkse partijen” dit „kinderfeest” vervuilen. Vandaar dat hij en Bosma eraan werkten „deze traditie te behouden”.

Even nagaan, dacht ik gisteren.

Feit is dat hij en Bosma hun initiatief 11 november, bijna twee maanden na alle publiciteit, inderdaad bij de Kamer indienden. Voor elk voorstel geldt dat parlementaire behandeling pas kan pas beginnen als de Raad van State heeft geadviseerd. Die reageerde gepast: 5 december, vertelde de Raad me gisteren, kreeg de PVV het advies toegestuurd.

Sindsdien – nu dus ruim tien maanden – heeft de PVV de kans haar voorstel aan de Kamer voor te leggen. Ik heb alle databanken geraadpleegd, en navraag bij alle instanties gedaan: er blijkt uit dat Wilders en Bosma sinds 5 december 2014 niets hebben gedaan om hun plan aanhangig te maken. 

De boosheid van de burger wilden zij graag voeden: kom in verzet. En zelf gingen zij daarna op hun handen zitten. Het zou grappig zijn als het niet zo treurig was.

Tom-Jan Meeus (t.meeus@nrc.nl; @tomjanmeeus) schrijft op deze plaats een wisselcolumn met Jutta Chorus.