Deense regering wil migranten nóg harder afschrikken

De regering moet nog een meerderheid vinden, maar de boodschap is duidelijk.

Vluchtelingen, kom niet naar Denemarken. Dat is de boodschap die de Deense regering sinds haar aantreden in juni wil overbrengen. Inger Støjberg, de Deense minister van Immigratie en Integratie, benadrukte dat dinsdag toen ze voor de derde keer in enkele maanden tijd hervormingen bekendmaakte waardoor immigranten moeilijker in Denemarken kunnen blijven. Om een permanente verblijfsvergunning te krijgen moeten migranten onder meer beter Deens beheersen. Ook moeten ze van de laatste drie jaar tweeënhalf jaar lang werk hebben gehad; dat was tot nu toe drie jaar van van de laatste vijf.

„Grote kans dat de regering hier een meerderheid voor vindt”, zegt Marcus Knuth, parlementslid voor de centrum-rechtse regeringspartij Venstre. „Dat hebben we eerder ook gedaan.” Knuth doelt op de strengere regels die vorige maand in werking traden. Toen werd de uitkering van immigranten van 1.500 euro haast gehalveerd tot 800 euro en werd familiehereniging lastiger gemaakt. Ook werden de regels om een Deens paspoort te krijgen aangescherpt.

„Je ziet al dat onze maatregelen werken”, zegt Knuth. Ondanks de crisis meldden zich de afgelopen maanden vergeleken met vorig jaar minder migranten, zegt hij. Die gaan nu naar de buurlanden zegt Thomas Gammeltoft, onderzoeksdirecteur voor het Deense Instituut voor Mensenrechten. „Denemarken is een transitland geworden: een grote last voor Duitsland en Zweden.” Ook hoeft Denemarken niet verplicht vluchtelingen op te vangen van de Europese Unie.

Als de hervormingen worden doorgevoerd is dat vooral problematisch voor arme en laagopgeleide migranten, verwacht Anika Liversage, onderzoeker bij het Deense Centrum voor Sociaal Onderzoek. „Een analfabeet kan misschien Deens op niveau 1 leren, maar het zwaardere niveau 2 wordt een probleem”, zegt ze. Het is onduidelijk of de regering uitzonderingen maakt voor dit soort gevallen.

De strengere Deense asielplannen zijn in lijn met de koers van de minderheidsregering van premier Lars Løkke Rasmussen, die 34 van de 179 zetels heeft, en leunt op de gedoogsteun van de Deense Volkspartij, die lijkt op de PVV en met 37 zetels de op een na grootste partij is.