OM eist tot zeven jaar cel in Haags jihadproces

Hoofdverdachte Azzedine C. kreeg de hoogste straf: volgens het Openbaar Ministerie was hij aanjager van de groep.

Rechtbanktekening van de verdachte (van links naar rechts) Iman B., Azzedine C., Rudolf H., Oussama C., Jordi de J. en Moussa L. tijdens het Haagse jihadproces. Foto Aloys Oosterwijk / ANP

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft vanmiddag tot zeven jaar geëist tegen negen verdachten in het jihadproces. Een groep van negen extreme Haagse moslims stond de afgelopen zes weken terecht op verdenking van onder meer ronselen voor de jihad in Syrië en Irak, opruiing en lidmaatschap van een criminele organisatie.

De hoogste straf werd geëist tegen Azzedine C., volgens het OM de leider van de groep. De jonge prediker Oussama C. (19) hoorde vijf jaar cel tegen zich eisen. Hij zou de ideoloog van de groep zijn. Het OM eiste zes jaar cel voor de bekeerling Rudolph H. die een soort PR-functie vervulde voor de groep. Op zijn weblog De Ware Religie verheerlijkte hij de jihad en de martelaarsdood.

Op 10 december doet de rechter uitspraak.

Jihadproces

In dit proces moet duidelijk worden of ronselen voor de gewapende strijd bestreden kan worden via het strafrecht. Iemand “ideologisch rijp maken” voor de strijd is strafbaar volgens de Nederlandse wet. Tijdens de vele zittingsdagen werd duidelijk dat de Haagse verdachten in online berichten, filmpjes en lezingen de terreurdagen van Islamitische Staat goedpraatten en het het martelaarschap aanprezen.

Toch blijft het lastig precies aan te geven waar vrijheid van meningsuiting overgaat in ronselen. Volgens de rechtbank werden jongeren zo verleid tot de jihad. De verdachten zelf hebben steeds gezegd dat iedereen die naar Syrië vertrok dat uit vrije wil deed.