Geen eerlijke kans voor Maastricht op rechtbank

Al vóór onderzoek te verrichten gekozen voor Roermond

Maastricht heeft geen eerlijke kans gekregen in de procedure rond de keuze voor de hoofdvestiging van de rechtbank Limburg. Voordat het onderzoek naar de meest geschikte locatie begon, had het bestuur van de rechtbank al besloten dat het Roermond moest worden. Dat blijkt uit interne documenten van de Raad voor de rechtspraak.

Uit de stukken blijkt ook dat Peter Arnoldus, als lid van de Raad voor de rechtspraak belast met huisvesting, de onderzoeksopzet liet aanpassen, wat gunstig was voor Roermond.

De plannen om de rechtbank Maastricht in te krimpen staan in het Meerjarenplan Rechtspraak van de Raad en de presidenten van de rechtbanken en hoven. Volgens het plan moeten 7 van de 32 rechtbanken (Assen, Almelo, Zutphen, Alkmaar, Lelystad, Dordrecht en Maastricht) inkrimpen. Daar worden enkel kleinere zaken behandeld.

Roermond wordt volgens het plan de hoofdvestiging van de rechtbank Limburg. De basis voor dat besluit zou een onderzoek zijn van het bureau Laanbroek Schoeman adviseurs (LSa). Dat stelde twee businesscases op: één met Roermond als hoofdvestiging en één met Maastricht als hoofdvestiging. Daarbij kwam Roermond als voordeligste uit de bus.

De documenten laten zien dat het bestuur van de rechtbank al vóór de opdracht aan LSa om de businesscases te maken, had gekozen voor Roermond. In de opdracht staat dat het bestuur „het voornemen” heeft om naar Roermond te gaan. LSa diende de financiële „impact van dit voornemen” bestuderen. De Raad voor de rechtspraak zegt desgevraagd dat deze formulering „ongelukkig” is.

LSa wilde ook de kosten van het Openbaar Ministerie (OM) becijferen voor het scenario ‘Roermond’. In de onderzoeksopzet staat dat LSa „inzichtelijk” zal maken „wat het globaal kost om het OM terug te laten komen naar Roermond of op en neer te reizen tot huurcontracten expireren”. Dat was opportuun omdat het OM net Roermond had verlaten. Sinds 2014 heeft het parket zijn hoofdkantoor in Maastricht.

De kosten zijn nooit berekend. Na overleg met Arnoldus schrapte een van zijn medewerkers de passages over de kosten van het OM uit de onderzoeksopdracht.

LSa blijkt in november vorig jaar overigens enkel gevraagd te zijn om te adviseren over de concentratie in Roermond. Vervolgens werd de keuze voor Roermond opgenomen in het concept meerjarenplan. Pas daarna kreeg LSa de opdracht om ook een businesscase te maken voor Maastricht.