Extreem-rechts wint: de Zwitsers houden ons een spiegel voor

Dat extreem-rechts in Zwitserland de verkiezingen won, is niet revolutionair: ze waren al 16 jaar de grootste partij. Het land houdt de EU een spiegel voor. Wat we daarin zien: boosheid over globalisering werkt populisten in de hand.

Verkiezingsaffiche van de extreem-rechtse SVP bij het station van Zürich. Foto Fabrice Coffrini/AFP

Anders dan veel media berichtten, is de uitslag van de Zwitserse verkiezingen van zondag niet revolutionair. Maar de manier waarop wij andere Europeanen er ineens tegenaan kijken, mede door de vluchtelingencrisis, is veelzeggend.

De extreem-rechtse SVP, die zondag de Zwitserse verkiezingen won met 29,4 procent van de stemmen, is al sinds 1999 de grootste partij van het land. Al twintig jaar lang beheerst de partij elke campagne met dezelfde twee thema’s: immigratie en Europa. De boodschap van de SVP, die emotioneel en vrij bot wordt gepresenteerd, is dat burgers steeds minder baas zijn in eigen land: je stemt A, en toch gebeurt er B. De partij belooft burgers om invloeden van buiten – Brussel, islam, Schengenakkoorden – in te dammen en soevereiniteit terug te geven.

De SVP boekte een bescheiden winst: 2,8 procentpunt. Federale verkiezingen stellen in Zwitserland minder voor dan in Nederland: lokale verkiezingen en thematische referenda zijn er belangrijker. De opkomst was erg laag: 48 procent. Bovendien zitten alle belangrijke partijen, ook de SVP, in de regering. Daardoor zal de winst voor de SVP de politieke koers van het land niet ingrijpend wijzigen.

Wat wél nieuw is, is de manier waarop andere Europeanen naar de Zwitserse uitslag kijken. Wat analisten al langer zeggen, begint nu door te dringen: Zwitserland houdt heel Europa een spiegel voor. Europa wilde daar nooit in kijken. Maar nu wordt de boodschap van extreem-rechts in een aantal EU-landen, net als in Zwitserland afgelopen jaren, almaar meer mainstream. Door de vluchtelingencrisis en het onvermogen van regeringen om eenduidig antwoord te geven op zo’n complex internationaal probleem, scoren de Oostenrijkse FPÖ, het Franse Front National en de Nederlandse PVV óók om en nabij de 30 procent. Ineens kijkt Europa in de Zwitserse spiegel, en ziet het zichzelf.

Extreem open economie

Waar de SVP al decennia tegen vecht, is niet zozeer immigratie of Brussel. Beide fenomenen zijn uitingen van een onderliggende trend: de globalisering. Die vervaagt nationale grenzen en leidt tot schaalvergroting op elk terrein, ook die van nationale besluitvorming. Zwitserland kreeg eerder, en harder, met de globalisering te maken dan EU-landen. Het is een van ’s werelds meest geglobaliseerde landen. De Zwitserse economie is extreem open. Het land is geen lid van de EU en kan niet onder een gemeenschappelijke koepel schuilen, zoals een collectieve handelspolitiek tegenover China. Daardoor moeten de Zwitsers de sluizen naar de rest van de wereld extra openhouden om concurrerend te blijven. Mondiale ontwikkelingen manifesteren zich daarom eerder in Zwitserland dan in de EU. De Zwitsers waren wereldkampioen bankieren op Wall Street, met bankgiganten als UBS en Credit Suisse. De bankencrisis begon bij hen óók eerder: midden 2007 al. Discussies die nu in de EU gevoerd worden – over bankiersbonussen, belastingovereenkomsten voor multinationals en de groeiende ongelijkheid – voerden de Zwitsers tien jaar geleden al. Ook is Zwitserland allang een immigratieland. Bijna een kwart van alle Zwitsers komt van elders.

Door de globalisering verschuift een deel van de besluitvorming, die vroeger nationaal was, naar internationaal niveau. De democratie kan niet meer functioneren zoals vroeger. Ook dit besef drong eerder tot de Zwitsers door dan tot andere Europeanen. Zo werd het bankgeheim, waar de hele natie achter stond, door de Amerikanen om zeep geholpen: toen Washington dreigde de vergunning van UBS op Wall Street in te trekken, capituleerde Bern. Zwitserland kreeg keiharde klappen van de Griekse crisis. Veel beleggers kochten Zwitserse franken. De munt schoot omhoog. Om de koers ‘stabiel’ te houden, koopt de Zwitserse centrale bank voor een vermogen aan euro’s. Prijzen in Zwitserland liggen 60 procent hoger dan in 2008.

Steenrijke migranten

Ook op het gebied van migratie leverden de Zwitsers soevereiniteit in. Omdat hun bedrijven toegang willen tot de Europese markt (het chemiebedrijf van SVP-leider Blocher verdiende na de uitbreiding van de EU een fortuin in Oost-Europa), doen ze daar gretig aan mee. Dat betekent dat ze de regels van die markt moeten accepteren, waaronder vrij personenverkeer. Nu asiel- en migratie hot issues zijn in de EU, zijn ze nóg hotter in Zwitserland. Dat veel EU-burgers naar Zwitserland komen (85 procent van alle migranten) vinden veel Zwitsers problematisch. Maar dit zijn keurige expats: goed opgeleid, aan het werk, soms zelfs steenrijk. Veel Zwitsers verhuren hun huizen duur aan Duitse ingenieurs en Franse dokters. Wat de Zwitsers hier zo onverteerbaar aan vinden, is meer het feit dat ze over die instroom weinig te zeggen hebben. Veel Zwitsers vragen zich af: ‘We wilden toch niet bij de EU? Nu komt de EU via de achterdeur toch binnen. Waar dient onze democratie dan voor?’ Het is deze frustratie die de SVP zo vaardig exploiteert. In februari 2014 borrelde ze over: toen stemden de Zwitsers voor de terugkeer van immigratiequota, die alle afspraken met de EU op losse schroeven zetten.

Met enige vertraging heeft de clash tussen globalisering en democratie nu ook EU-landen bereikt. De Griekse crisis toonde dat eurolanden nog maar in beperkte mate soeverein over hun eigen begroting kunnen beslissen. Ook de vluchtelingencrisis demonstreert hoe machteloos staten nog zijn. Dit is een internationale crisis, één land kan de problemen niet oplossen: er kan dus alleen een internationale oplossing zijn. Dit staat haaks op de reflex van veel burgers, die zo veel nieuwkomers bedreigend vinden en juist deuren en ramen willen sluiten. „De staat heeft zijn politieke monopolie verloren en moet zijn macht met grensoverschrijdende actoren delen”, schreef oud-UBS-topman en oud-parlementariër Kaspar Villiger in februari in de Neue Zürcher Zeitung. „Dus kunnen burgers minder invloed uitoefenen.” Zwitserse kiezers hadden dit inzicht al. En het is precies wat kiezers nu ook in EU-landen zo ontevreden maakt.