De mannen van ’t riool kregen veel cadeaus

Ambtenaren bij de Haagse afdeling Riolering en Waterbeheersing namen het niet zo nauw met de regels. Ze lieten zich fêteren door aannemers.

Foto’s David van Dam

Zitten een aannemer en een ambtenaar in een Haags café. De ambtenaar vertelt over zijn nieuwe tuin: hij wil graag van die mooie terracotta tegeltjes op zijn terras. De aannemer zegt: geen zorgen, ik regel dat.

De volgende dag staat de aannemer bij de ambtenaar voor de deur met tien vierkante meter aan terracotta tegels. Kosten: 1.500 euro. De ambtenaar zegt: laat me dat betalen. Hoeft niet, zegt de aannemer, dat komt wel goed.

De week daarop stuurt de aannemer een factuur voor een gemeenteklus naar diezelfde ambtenaar. De ambtenaar schrikt: onderaan staat een veel te hoog totaalbedrag. Hij wil de aannemer bellen om verhaal te halen, maar dan denkt hij aan de terracotta tegels.

Zo ging het jarenlang bij de afdeling Riolering en Waterbeheersing van de dienst Stadsbeheer van de gemeente Den Haag. Dat blijkt uit gesprekken die deze krant voerde met betrokkenen, en uit het strafdossier van een oud-ambtenaar. Deze Marcel B. werd in april wegens zelfverrijking en het aannemen van giften van aannemers veroordeeld tot een werkstraf en 15.000 euro boete. Zijn advocaat is in hoger beroep gegaan.

Het was min of meer toeval dat Marcel B. tegen de lamp liep. Zijn naam kwam naar boven in een groot politieonderzoek naar een Vlaardingse drugsbaron, bij wie hij vaak over de vloer kwam. Pas toen de rijksrecherche naar aanleiding van dit onderzoek op 15 april 2011 een inval deed op het stadhuis, kwam de gemeente in actie. De ambtenaar werd op non-actief gesteld en naar hem werd een intern onderzoek gedaan, uitgevoerd door een integriteitsmedewerker van de gemeente.

Hij was zeker niet de enige

Maar Marcel B. was zeker niet de enige ambtenaar bij Riolering en Waterbeheersing die het niet zo nauw nam met de regels, blijkt uit verklaringen in het dossier en uit gesprekken die deze krant voerde met oud-medewerkers. Bij de uitvoerende dienst heerste jarenlang een cultuur van smeren en fêteren, zonder dat de hoge ambtenaren ernaar omkeken.

Opvallend is dat die cultuur in het interne onderzoek naar Marcel B. niet werd besproken. Andere ambtenaren werden wel ondervraagd, maar de onderzoeker zelf merkte daar al over op dat zij wellicht niet de waarheid spraken om zichzelf niet te belasten.

De afdeling Riolering en Waterbeheersing is een productieve afdeling, zegt een oud-medewerker. De ambtenaren werken er hands on en denken oplossingsgericht. Met papierwerk hebben zij minder op: veel werk wordt ‘onderhands enkelvoudig’ aan aannemers gegund: mondeling, aan één partij – zonder offerte vooraf.

Deze praktijk, die volgens verklaringen in het dossier tot begin 2013 veelvuldig voorkwam, is in strijd met de officiële procedures. „Maar tegen de tijd dat de offerte bij de afdeling Riolering en Waterbeheersing werd ingediend, was het werk vaak allang gedaan”, zegt de oud-ambtenaar.

„Via de officiële weg was je weken kwijt voordat er eindelijk begonnen kon worden. Als ambtenaar wilde je graag snel resultaat zien, en aannemers willen het liefst aan het werk. We waren ons van geen kwaad bewust, en van hogerhand werden we niet gecorrigeerd.”

Officieel mogen alleen calamiteiten zoals een gebroken rioolpijp of een gat in een brug op deze manier aan aannemers worden gegund, maar ook daarvoor was een oplossing: heel veel klussen kregen het label van spoedklus of „verkeersonveilige situatie”. Een andere manier om onder de regels uit te komen, was het opknippen van werk. De regels zijn mild voor klussen van onder de 50.000 euro.

Aannemers die ambtenaren tegemoetkwamen werden op de afdeling Riolering en Waterbeheersing ‘huisaannemers’ genoemd. „Met dat fenomeen werd ik al snel bekend toen ik op de afdeling kwam werken”, zegt de oud-ambtenaar. „In het begin beoordeelde ik de offertes nog netjes, en sprak ik een aannemer erop aan als hij te veel rekende. Van mijn collega’s kreeg ik dan te horen: bij hem moet je niet te moeilijk kijken, dat is de huisaannemer.”

Veel interesse was er niet op het Haagse stadhuis voor de afdeling, zolang er maar geen klachten waren over werk dat bleef liggen of slecht werd uitgevoerd. In feite was er maar één ding van belang, zo verklaarden diverse ambtenaren tegenover de rechter-commissaris. En dat was dat de budgetten opgemaakt werden. Dit om te voorkomen dat er het volgende jaar op de afdeling zou worden gekort.

Het potje moest leeg

Dit was vooral van belang voor het rioleringsbudget, dat werd betaald uit de opbrengsten van de rioolheffing. Het was niet de bedoeling dat de gemeente geld over zou houden in dit potje, want dat was een van de weinige budgetten waarvoor wel politieke belangstelling bestond, omdat het meetelde in de lokale lasten.

Het gegoochel met budgetten creëerde een wederzijdse afhankelijkheid tussen aannemers en ambtenaren. „Ambtenaren vroegen om werk zo vaag mogelijk te omschrijven, zodat ze het uit een ander potje konden betalen”, vertelt een oud-aannemer. „Ik heb wel eens een parkeerterrein moeten aanleggen en ongeveer driekwart van de kosten als het schoonmaken van sloten in rekening moeten brengen.”

Een andere oud-aannemer: „Vaak kreeg je over bepaalde kostenposten – administratiekosten, vervoerskosten – te horen: zet die maar gewoon onder de manuren. Waarom? Geen idee. Je deed het gewoon.”

Het bleef niet bij een rommelige administratie of het schuiven met budgetten. Volgens verklaringen van aannemers vroegen diverse ambtenaren om cadeautjes, persoonlijke gunsten en luxe goederen, die moesten worden weggeschreven als ‘directiekosten’.

„Aannemers vragen nooit naar de reden van het aanschaffen of het moeten leveren van goederen. Als er bijvoorbeeld twee iPhones geregeld moeten worden, vraag je als aannemer niet of dat privé of zakelijk is. Doe je dat twee keer, ben je je werk kwijt”, verklaarde een voormalig ambtenaar.

„Als ze op de afdeling een laptop wilden hebben”, verklaart een aannemer, „belde ik mijn leverancier dat er iemand langs zou komen. Ik zei dan dat hij de rekening naar mij moesten sturen.”

De oud-ambtenaar: „Op papier staat er nooit dat die computers geleverd zijn. Dat wordt weggezet als een aantal putranden of wat dan ook.”

„Dit soort praktijken zijn bij deze afdeling heel veel voorgekomen”, vertelt de oud-ambtenaar. Volgens hem waren aannemers bereid ver te gaan, omdat ze afhankelijk waren van de opdrachten van de gemeente. Het systeem werkte ook de andere kant op. Volgens oud-aannemers hadden foute ambtenaren „een bepaalde stijl van het onder de aandacht brengen van hun wensen.” Zo ontstond een systeem waarbij beide partijen aan een half woord genoeg hadden.

Gevoel van onkwetsbaarheid

Dat systeem bestond jarenlang, en doorstond bijvoorbeeld een onderzoek door Hoffman Bedrijfsrecherche – herinneren twee betrokkenen zich. Deze particulier rechercheurs werden ingeschakeld na een tip over een ambtenaar die in een te dikke auto zou rijden, maar vonden in 2010 geen onregelmatigheden. Dat gaf de rommelende ambtenaren een gevoel van onkwetsbaarheid, totdat in april 2011 de rijksrecherche een inval deed op de werkplek van ambtenaar Marcel B. Vanaf dat moment werden de een-tweetjes tussen aannemers en ambtenaren minder openlijk.

Een oud-ambtenaar: „Tot en met 2011 was het heel normaal dat ambtenaren zich door aannemers lieten fêteren met borrels en diners. Ze kregen computers, dvd-spelers, gereedschap, tuinmeubels. In december een hele lading aan kerstpakketten. Er is mij zelfs een geval bekend waarbij aannemers ambtenaren trakteerden op fankleding van ADO Den Haag.”

Of er recentelijk nog met geld of cadeaus is geschoven is niet bekend. Marcel B. is ontslagen, net als een ambtenaar van een andere afdeling, die onder meer een zitgrasmaaier cadeau had gekregen.

Tijdens de strafzaak tegen Marcel B. verklaarden diverse ambtenaren en aannemers dat het schuiven met budgetten en het onderhands gunnen van klussen in ieder geval tot in 2013 was doorgegaan. Een van de getuigen bood tijdens zijn verhoor in 2014 zelf aan om als klokkenluider op te treden over de verziekte bedrijfscultuur bij de dienst, maar heeft nooit meer iets gehoord over zijn aanbod.