De Facebookpagina is een uitlaatklep voor het ongenoegen over asielzoekers

Vluchtelingen? We kunnen er 1.600 opvangen, zei Hilversum. NRC beschrijft hoe. Aflevering 3: Verzet.

NRC / Merlin Daleman

Erik van Ouwerkerk is geen racist. Dat wil hij duidelijk gesteld hebben. Hij had zelf eens een paar weken een Algerijnse jongen in huis, hielp hem op weg hier in Nederland. Het is ook niet zo dat hij tegen vluchtelingenopvang in Hilversum is. Maar 1.600 vluchtelingen, dat zijn er te veel.

Van Ouwerkerk, kickboksveteraan, trainer van (top)kickboksers, zit in Café Zuid in Hilversum, samen met Efraïn Sluis. Zij zijn de mannen achter de Facebookpagina ‘Liever Iets Minder Vluchtelingen in Hilversum’. De site kreeg op de eerste dag, nu twee weken geleden, tweeduizend likes. Efraïn: „En daarna was het niet meer te houden. Binnen een week achtduizend volgers en heel veel reacties.”

Die reacties vormen ook een probleem. Gal spuwen mag, bevreesd en boos zijn ook. Maar schelden mag niet. Dreigen met geweld ook niet. Erik van Ouwerkerk modereert zich suf. „Reageer!”, schrijft hij steeds opnieuw. „Graag! Maar met respect.” De man die een foto plaatste van zijn dochter met daarnaast een man met een bivakmuts en een jachtgeweer ging te ver. „Ik ken die man”, zegt Van Ouwerkerk. „Hij is oké. Maar op de site past dat niet.”

Ze haalden er twee vrouwen bij om te helpen. Die doen dat geweldig, zegt Van Ouwerkerk. Het is goed voor de toon op de site.

Efraïn Sluis is ook geen racist, zegt hij. Hoe kan het ook. Sluis: „Ik heb zelf een kleurtje.” Hij hoorde op straat en op het schoolplein de ongeruste verhalen. „Ze krijgen alles, een huis, meubels, fietsen, een flatscreen. En een vrouwtje uit de wijk moest haar huis uit omdat ze het niet meer kon betalen.”

De Facebookpagina is een uitlaatklep voor dat ongenoegen. Over de gemeente die maar beslist zonder overleg met inwoners. Over woningen en werk dat er ook voor de Hilversummers onvoldoende is. En er is huiver. Is het mogelijk een burgerwacht op te richten die op straat kan surveilleren, wordt geopperd.

De groep vluchtelingen bestaat voor 90 procent uit alleenstaande mannen, zegt Van Ouwerkerk. „Jongenmannen, in de bloei van hun leven, hebben een hoog testosterongehalte. Die hebben zo hun behoeftes. En we hebben op de televisie gezien dat ze weinig respect hebben voor onze vrouwen. Natuurlijk maken mensen zich dan zorgen over hun dochters. Kunnen die nog over straat? En ’s avonds dan? Reële vragen. Je kunt je ogen ervoor sluiten. Maar als er iets gebeurt, is het te laat.”

Erik van Ouwerkerk heeft een groot netwerk in Hilversum. Efraïn Sluis ook: als je veel uit gaat, ken je iedereen. Hilversum is dorps. Via hun Facebookpagina zijn ze in staat Hilversummers te mobiliseren. Ze schreven burgemeester Pieter Broertjes een brief „namens vele bezorgde Hilversummers”. Ze willen minder vluchtelingen hier, schrijven ze. Anders wordt het chaos. Bovenal willen ze dat de burgemeester hen ziet staan, hen serieus neemt, het gesprek aangaat en hen op de hoogte houdt van opvangplekken en aantallen.

Erik van Ouwerkerk (rechts) en Efraïn Sluis van de Facebookpagina ‘Liever Iets Minder Vluchtelingen in Hilversum’. Foto: Olivier Middendorp / NRC

Het lag allemaal genuanceerder

Het succes van de Facebooksite zat de burgemeester kennelijk niet lekker, ze mochten bij hem langs voor een gesprek. Het lag allemaal genuanceerder, hoorden ze. Hilversum zou niet zestienhonderd vluchtelingen opvangen, maar – in eerste instantie – vierhonderd. En rondom Hilversum nog eens twee keer dat aantal.

Ik denk dat hij achteraf ook is geschrokken, zegt Van Ouwerkerk. Hij heeft een beetje een te grote broek aangetrokken (Hilversum wil er 1.600 opvangen!) en nu komt hij niet meer van het COA af. Medelijden hebben ze niet. „Regeren is vooruitzien. Ik ben opgeleid als tegelzetter, dat is ook vooruit zien. Je kan niet zomaar tegeltjes plakken, je moet vooraf bedenken wat je wil bereiken en wat de consequenties zijn.”