Piep na harde muziek komt uit je hersenen

Wekelijks zoekt de redactie wetenschap antwoord op een vaak gestelde vraag. Vandaag: waarom piept je oor na, na een concert?

De verse herinnering aan een mooi popconcert is vaak een luide piep die urenlang, soms dagenlang aanhoudt. Een enkele keer verdwijnt hij nooit meer. Waar komt die piep vandaan? Hoe gaat hij weer over? En wat gebeurt er bij de mensen bij wie die piep niet verdwijnt?

Hard geluid frustreert de zenuwen die van het oor naar de hersenen lopen. „De contacten tussen zenuwcellen en geluid opvangende cellen in het oor raken beschadigd”, zegt Pim van Dijk. Hij is hoogleraar audiologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en werkt in het UMC in die stad.

Van Dijk doet onderzoek bij mensen met tinnitus. Die horen áltijd zo’n piep. Eerder deed hij ook proefdieronderzoek aan dieren die aan hard geluid werden blootgesteld. Uit zulk onderzoek werd bekend dat zenuwen in het oor de verbinding verbreken met cellen die hard geluid te verwerken krijgen.

Geluidstrillingen komen het oor binnen via het trommelvlies. Drie meetrillende kleine botjes (hamer, aambeeld en stijgbeugel) geven de trillingen door aan het slakkenhuis. Daarin ligt een rij haarcellen, die ieder bij een eigen frequentie resoneren. Die resonantie wordt opgepikt door zenuwuitlopers die in contact staan met de haarcellen.

„Die contacten, synapsen heten ze, gaan verloren bij hard geluid”, zegt Van Dijk. En als het doffe gevoel en de piep weer verdwijnen, is dat een teken dat de synapsen zijn hersteld. Van Dijk: „Althans: voor een deel.”

Bij proefdieren zag Van Dijk na hard geluid een tijdlang bijna geen activiteit in de zenuw van het oor naar de hersenen. „We weten niet of die dieren een piep horen”, zegt hij. „Maar na een tijdje ontstaat wel méér activiteit in het hersendeel – een stuk van de cortex – waarin de signalen vanuit het oor worden verwerkt. Het is alsof de cortex het ontbreken van signaal zelf gaat invullen. Je moet concluderen dat de hersenen zelf geluid ‘maken’. De piep komt dus niet uit het oor. We nemen aan dat het bij mensen ook zo gaat.”

Onderzoek met mensen met tinnitus in fMRI-apparaten die de hersenactiviteit meten, bevestigen dat. De fMRI-scans zijn nog niet nauwkeurig genoeg, zegt Van Dijk, maar je kunt wel de gemiddelde beelden van groepen mensen met en zonder tinnitus vergelijken. „We zien dan afwijkende hersenactiviteit bij mensen met oorsuizen.”

Maar waarom een piep? En wat bepaalt de toonhoogte? „Niet iedereen hoort een piep hoor. Sommigen horen ruis”, zegt Van Dijk, „of iets wat op krekels lijkt.” Bij mensen met een tijdelijke piep na hard geluid is bijna geen onderzoek gedaan. Wel bij mensen met tinnitus, met blijvend oorsuizen. Die hebben bijna altijd ook gehoorverlies. Meestal niet in het hele frequentiegebied, maar in een deel. „Zo’n piep”, zegt Van Dijk, „heeft vrijwel altijd een frequentie in het gebied met het ernstigste gehoorverlies. Bij mensen met gehoorverlies in de lage frequenties is de tinnitus vaak een continu laag gebrom.”

Gehoorschade door lawaai is te voorkomen door uit de buurt van hard geluid te blijven. Popconcerten zijn berucht, ondanks een begin 2014 getekend convenant tussen ministerie en poppodia om gehoorschade tegen te gaan. Het maximum mag gemiddeld niet meer boven de 103 dB komen, „gemeten aan de mengtafel op een hoogte van 2 meter boven de vloer”. Maar dat is nog steeds ruim voldoende om gehoorschade te veroorzaken. Vandaar dat ook oordoppen makkelijk beschikbaar moeten zijn, met het advies om die te dragen als het geluid harder is dan 87 dB.

Vreemd, zegt Van Dijk: „Niet alleen de bezoekers dragen oordoppen, maar ook de muzikanten en de technici. Iedereen draagt langzamerhand oordoppen. Dat is een goed idee bij die geluidsniveaus. Maar, je hebt het idee dat er een makkelijker oplossing moet zijn...”