35.000 Syriërs vluchten voor nieuw regeringsoffensief

Het tweede offensief van president Assad op Aleppo kan een nieuwe golf van vluchtelingen veroorzaken.

Syrische rebellen rennen tijdens gevechten van afgelopen zaterdag met het Syrische regeringsleger nabij de berg Azzan, zo'n 24 kilometer ten zuiden van Aleppo. Foto Thaer Mohammed/AFP

Minstens 35.000 Syriërs zijn op de vlucht geslagen nadat het Syrische regeringsleger van president Assad een tweede offensief is begonnen tegen rebellen ten zuiden van Aleppo. Volgens de Turkse premier Davutoglu kan het nieuwe geweld “een nieuwe golf van vluchtelingen veroorzaken” voor Turkije en Europa.

De cijfers komen van de VN. Eerder op de dag sprak de BBC van tienduizenden ontheemden op basis van de voorzitter Zaidoun al-Zoabi van de hulporganisatie Unie van Syrische Medische Hulporganisaties (UOSSM).

Momenteel onderhandelen de EU en Turkije over het afremmen van de vluchtelingenstroom richting Europa in ruil voor geld en een versneld EU-lidmaatschap voor Turkije. In een reactie op de onderhandelingen zei Davutoglu vandaag dat hij niet zal toestaan dat zijn land “een concentratiekamp” voor vluchtelingen wordt en maar alle vluchtelingen opvangt die anders richting Europa zouden reizen. Turkije is zich bewust van zijn sterke onderhandelingspositie en vraagt daarom meer geld van de EU.

Mogelijk Iraanse strijders betrokken

De regeringstroepen van Assad worden bij het offensief, dat vrijdag werd ingezet, ondersteund door Russische bommenwerpers. De afgelopen weken werd ook bericht over de betrokkenheid van Iraanse strijders bij het offensief van Assad. Buitenlandredacteur Toon Beemsterboer schreef daarover:

“De afgelopen weken zijn er berichten dat Iran honderden, mogelijk zelfs duizenden strijders heeft ingezet in Syrië. Het zou de eerste keer zijn dat Iraanse strijders op grote schaal deelnemen aan de strijd. Of het gaat om militairen of vrijwilligers is niet duidelijk. Het nieuws wordt door verschillende media gemeld op basis van anonieme bronnen en is niet te verifiëren.”

“Feiten over de Iraanse betrokkenheid zijn moeilijk te vinden. De meeste analisten gaan ervan uit dat Iran alleen militaire adviseurs naar Syrië heeft gestuurd, die de strijd op de achtergrond dirigeren. Het zou gaan om honderden leden van de Quds Brigade, de internationale tak van de Revolutionaire Garde, een elitekorps. Vorige week sneuvelde nog een prominente generaal van de Revolutionaire Garde in de buurt van Aleppo.”

Aleppo is voor de helft in handen van de rebellen, die ook het gebied ten westen van de stad in handen hebben. Gisteren kwam de militaire commandant van een van de rebellengroeperingen in Aleppo, Nour al-Din al-Zinki, om bij hevige gevechten.

Op meerdere fronten

Het regime probeert, gesteund door Iran en Rusland, de rebellen op meerdere fronten onder druk te zetten. Vier dagen geleden breidde het Syrische leger het grondoffensief in de centrale provincie Homs uit. Daar wordt al twee weken hevig gevochten. Volgens buitenlandredacteur Toon Beemsterboer wil Assad dit gebied terugveroveren op de rebellen, omdat het op een belangrijke route ligt:

“De route verbindt de grootste Syrische steden (Aleppo, Hama, Homs en Damascus) met elkaar. Daarnaast vormt het een toegangsweg richting de westelijke provincie Latakia, het bolwerk van de alawitische minderheid in Syrië waartoe ook Assad toebehoort.”

De rebellen hebben volgens persbureau Reuters sinds het tweede offensief op Aleppo nieuwe Amerikaanse TOW-anti-tankraketten van Saoedi-Arabië, dat twee jaar geleden 13.795 van die wapens kocht, ontvangen. De meeste wapens komen met medeweten van de CIA via Turkije in handen van de rebellen. Volgens het in Engeland gevestigde Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten hebben de rebellen sinds vrijdag minstens elf voertuigen geraakt met hun nieuwe wapens.