FARC gaat helpen vermiste Colombianen op te sporen

52.000 Colombianen werden ontvoerd tijdens halve eeuw burgeroorlog.

De Colombiaanse vredesonderhandelaar Humberto de la Calle op archiefbeeld. Foto Ernesto Mastrascusa / EPA

De Colombiaanse overheid en rebellenbeweging FARC hebben afgesproken om samen te gaan zoeken naar Colombianen die zijn verdwenen tijdens de burgeroorlog. Die teistert het land al een halve eeuw, maar lijkt zijn einde te naderen.

Het gaat om zowel de opsporing van lichamelijke overblijfselen als om een speurtocht naar degenen die wellicht nog in leven zijn. Dat meldt persbureau Reuters.

Het akkoord tussen de Colombiaanse regering en de FARC moet een van de laatste obstakels wegnemen richting een vredesverdrag. In september dit jaar beloofden beide partijen in het conflict te willen proberen binnen een half jaar vrede te sluiten.

52.000 mensen ontvoerd

Sinds 2012 wordt er in Cuba onderhandeld over een vredesakkoord. Vijftig jaar oorlog in Colombia kostte aan ruim 200.000 Colombianen het leven. Ook werden er zo’n 52.000 mensen ontvoerd. NRC-correspondent Nina Jurna schreef daarover afgelopen week:

De afgelopen jaren werden tienduizenden Colombianen door [FARC] ontvoerd en gevangengezet in de jungle. Meestal om geld […]. Ook politici werden gekidnapt, zoals presidentskandidate Ingrid Betancourt, die na zes jaar in 2008 door het Colombiaanse leger werd bevrijd.

Veel ontvoerde Colombianen zijn echter nog altijd vermist. De FARC heeft nu beloofd te helpen bij de opsporing van ongemarkeerde graven waar de lichamen van de vermiste Colombianen misschien liggen.

Ook zullen de rebellengroep en de Colombiaanse regering, zo stelt een gezamenlijke verklaring, een gespecialiseerde organisatie opzetten die zich volledig richt op de opsporing van mensen die als vermist te boek staan.

Beide partijen zullen bovendien informatie aan het Rode Kruis verstrekken die de opsporing van slachtoffers beter mogelijk moet maken.

Pas vrede indien er meer informatie komt over de vermissingen

Vorige maand was er al een eerste doorbraak binnen de vredesonderhandelingen. Toen kwam er overeenstemming over de berechting van guerrillastrijders en militairen. Er komt een waarheidscommissie waarin guerrillastrijders én militairen zich moeten verantwoorden voor misdaden tegen de menselijkheid.

Maar NRC-correspondent Nina Jurna schreef afgelopen week al dat dit voor veel nabestaanden van de vermiste personen niet voldoende was. Zij willen pas vrede als zij weten wat hun dierbaren is overkomen.

Sommige voormalige rebellen werken al samen met de Colombiaanse instanties om ongemarkeerde graven op te sporen, in ruil voor strafvermindering. Maar de opsporing is een lastige klus, omdat de graven zich niet zelden bevinden in afgelegen oerwouden en bergachtige gebieden.

Mensenrechtenadvocaten en families van de vermisten hebben de laatste tijd gewaarschuwd dat als niet meer lichamen worden gevonden, geïdentificeerd en teruggegeven aan de families, Colombia het riskeert zijn ontwikkeling na de ondertekening van de vrede te schaden.

FARC ontkent nog mensen vast te houden

De Colombiaanse overheid en de FARC hebben zich 23 maart volgend jaar als deadline gesteld voor de vredesonderhandelingen. Zodra de vrede gesloten is, zal de Colombiaanse bevolking zich moeten uitspreken over de ratificatie van dat vredesakkoord.

Overigens ontkent de FARC dat zij nu nog mensen vasthoudt, schreef correspondent Jurna afgelopen week:

Maar openheid over de circa nog altijd driehonderd vermisten geeft de organisatie ook niet. Zijn ze vermoord? Waar zijn dan de graven? Dat zou volgens Maria Consuelo van de stichting País Libre, die de belangen van FARC-slachtoffers behartigt, al in de eerste fase van de besprekingen moeten zijn gedaan. “Die informatie is essentieel. Van daaruit hadden de besprekingen verder moeten worden gevoerd. Waar zijn de vermisten? Vermoord? Waar zijn dan de graven of de lichamen? Hoe pijnlijk de waarheid ook is, pas dan kan met verwerking en afsluiting worden begonnen.”