Stinkend theewater uit een oud karrespoor

Olielaagje' op een Schots plasje veroorzaakt door de ijzerbacterieLeptothrix discophora. Foto Rosser1954

Terug naar eerder werk. Vorige week is onderzocht hoe gevaarlijk de oversteek is van het Turkse vasteland naar Griekse eilanden als Kos en Lesbos als je per rubberboot oversteekt. Opgemerkt werd dat de Franse arts Alain Bombard de eerste was die met een rubberbootje ver de Middellandse Zee op ging. Dat was in 1952. Bombard is in hetzelfde jaar met dezelfde Zodiac (zonder motor) de Atlantische Oceaan overgestoken, in het kielzog van Thor Heyerdahl en zijn Kon Tiki. Hij wilde aantonen dat je van de zee kon leven en dat het ongevaarlijk is om af en toe zeewater te drinken.

Van bevoegde zijde wordt er op gewezen dat Bombard ook figureert in Een wonderkind of een total loss van W.F. Hermans (1967), maar dan als Bobard. ‘Zoals Bobard die op een vlot dertig dagen ronddreef en alleen zout water dronk en niet dood ging, een geruststelling was voor iedereen die ooit in zee zou kunnen vallen.’ Het overleven op zee fascineerde Hermans. De donkere kamer van Damokles (1958) begint met: ‘Dagenlang zwierf hij rond op zijn vlot, zonder drinken.’ Alain Bombard was destijds een beroemdheid. Het is niet goed met hem gegaan.

Vorige week is, nog maar eens, de stelling uitgesproken dat er in de natuur geen grote draaikolken voorkomen, geen draaikolken die je ziet als het bad leegloopt, met zo’n tornado-achtige slurf naar de diepte. Charybdis van Homerus en de Maelstrom van Poe, Verne en Melville waren verzinsels. Dat wil niet zeggen dat er geen gevaarlijke waterwervelingen bestaan. Dankzij YouTube kunnen we tegenwoordig vanuit de leunstoel kijken naar de Noorse Saltstraumen en Moskstraumen, en gezegd moet worden: dat ziet er verontrustend uit. Je wil wel aannemen dat zelfs geoefende zwemmers daar in moeilijkheden zouden raken. Kopje-onder gaan.

Of dat ook gebeurt bij de waterwervelingen in de Waal, de ‘neren’ bij de kribben van die rivier, valt te bezien. Rijkswaterstaat denkt het, maar Waalzwemmers die de AW-redactie kent, en ook andere Waalzwemmers, hebben nooit gemerkt dat ze naar beneden werden getrokken.

De maansverduistering van 28 september was niet bijzonder, is hier op 3 oktober gezegd. De maan was niet rood en verduisteringen zijn niet zeldzaam. Eén lezer vond hem wel rood en wel bijzonder, want het was de laatste verduistering van vier volledige verduisteringen op rij. Ja, wie zo leeft heeft elke dag feest. De natte sneeuw die deze week in Limburg viel viel precies veertig jaar en één dag na het absolute vroegterecord!

Dat de ‘superbloedmaan’ wat groter was dan gemiddeld bleef onzichtbaar. De vergroting viel in het niet bij de schijnbare vergroting die de maan ondergaat naarmate zij dichter tot de horizon nadert. Deze illusie, in detail besproken in The mystery of the moon illusion van Helen Ross en Cornelis Plug, houdt de mensheid al millennia bezig. De maan aan de horizon lijkt wel twee keer zo groot als de maan bij het zenit. ‘In werkelijkheid worden beide manen onder dezelfde hoek gezien’, stond hier. Dat is niet waar, schrijft lezer Bert S. in Schagen. De maan aan de horizon wordt zelfs onder een kleinere hoek gezien omdat ze iets verder weg staat. Het scheelt ongeveer een aardstraal. Hij heeft gelijk.

Op 26 september ging het over de halsbandparkieten die het zo naar hun zin hebben in Amsterdam. Vogelaars en andere natuurvrienden hebben een pesthekel aan de papegaaitjes, omdat ze hier niet horen. Ze zijn ontsnapt uit kooien en vogelparken, het zijn invasieve exoten. Welnee, schrijft lezer Gjalt H. uit Amsterdam. Het is redelijk zeker dat de parkiet een slimme cultuurvolger is. De idee dat de vogel oorspronkelijk alleen tropisch is lijkt fout. Hij is hier op eigen kracht naartoe gekomen.

De AW-redactie zag de parkieten onrijpe lijsterbessen eten en nam later waar hoe houtduiven zich te goed deden aan onrijpe vlierbessen. Onrijpe vlierbessen gelden als hartstikke giftig. Er volgde een beschouwing over de giftigheid van bessen an sich. Wat voor zoogdieren giftig is is dat vaak niet voor vogels. Hoewel. Hoezo zijn onrijpe vlierbessen giftig, schrijft lezer Bert B. in Vianen. „Wij hebben onlangs kappertjes gemaakt van onrijpe vlierbessen, ze smaken prima en alles in ons doet het nog.”

Dat is, met alle respect, niet een bewijs voor de onschuldigheid van de bessen. Om met Paracelsus (1493-1541) te spreken: het is de dosis die de doorslag geeft. Hoevéél namaakkappertjes zijn er gegeten, en hoe vaak. Bovendien is er verschil tussen rauwe onrijpe bessen en verwerkte onrijpe bessen. Maar dit is waar: op internet wordt maar raak gekakeld over giftigheid.

Op 12 september is hier aangetoond dat het inderdaad mogelijk is, zoals survivalgidsen beweren, om drinkwater te winnen uit bebladerde boomtakken. Maar het merendeel van wat in die gidsen staat wordt achter de computer verzonnen, ze hebben geen oog voor praktische kwesties.

Kan de eenzame trekker die al 24 uur geen water vond zijn halfje jenever aanspreken om de dorst te lessen? En als hij, zoals tien dagen geleden, dan opeens diep in het bos een oud karrespoor vindt waarin nog water staat, maar water met een iriserend laagje erop, kan hij dat dan als drinkbaar beschouwen? Waaruit bestaat zo’n laagje?

De gidsen zwijgen. Als er spleten en barsten in voorkomen is het geen olie, zeggen biologen. Dan zijn het ijzerbacteriën, beter gezegd: stoffen die door die bacteriën gevormd worden. We kunnen er nu aan toevoegen: de stinkende pikzwarte thee van het water onder het laagje in het karrespoor was niet te genieten.