‘Filmen moet de wereld inzichtelijker maken’

Suzanne Raes (46)

is documentairemaker. Haar nieuwste film De Tegenprestatie wordt maandag uitgezonden op televisie.

Keuze

„Ik kom helemaal niet uit een filmmakersnest. Mijn vader is psychiater, mijn moeder pedagoog, hulpverleners. Ik wilde journalist worden, maar werd uitgeloot. Daarna raakte ik verkrampt, zo bang de verkeerde studie te kiezen. Mijn vader zei toen: ‘Het maakt niet uit wat je kiest, het gaat erom hoe je de dingen doet.’ Ik koos geschiedenis. Per toeval kwam ik terecht op de redactie bij Ischa Meijer en ontmoette daar documentairemaakster Ireen van Ditshuyzen. Bij haar ging ik stage lopen en ben tien jaar gebleven. Het duurde nog tien jaar voor ik mezelf echt regisseur durfde te noemen.”

Bakermat

 

„Ik groeide op in een nieuwbouwwijk van Nijmegen, met het idee dat de wereld overzichtelijk is: blank, welvarend en boordevol goede bedoelingen. Door Ireen leerde ik hoe de Nederlandse maatschappij in elkaar steekt, dat het leven lang niet altijd rechtvaardig is. In de auto vertelde ze verhalen: hier heb ik daklozen geïnterviewd, deze school heeft een bijzondere directeur. Ze liet me ook zien hoe je ergens gewoon kunt zijn, zonder de interviewer uit te hangen. Observeren. Luisteren. Dat je alleen door scherpe vragen de waarheid kunt achterhalen, is het grootste journalistieke misverstand dat er is.”

Noodzaak

„Het kost minimaal een, soms twee, drie jaar om een film te maken. In de loop van die tijd krijg ik altijd het waanidee dat ik de enige ben die het verhaal ziet en kan vertellen. Daar heb ik dan alles voor over. Als ik iets hoop voor mijn kinderen, is het dat ze iets echt gaan willen. Vanaf de eerste gedachte aan een nieuw film, droom ik de beelden. Het verhaal reist met me mee, verandert gaandeweg. Filmen gaat voor mij over verhalen vertellen die de wereld inzichtelijker en mooier maken. Maar het is ook houvast. Ik kan soms in paniek raken als ik de krant lees, dit is mijn manier om de waanzin te lijf te gaan.”

Impact

„Het meest verbonden voel ik me met De huizen van Hristina. Hristina was mijn hulp, destijds illegaal uit Bulgarije. Ik ben haar gaan filmen in de huizen waar ze schoonmaakte. Tegelijkertijd legde zij haar leven in die huizen vast door foto’s te maken, tegen de eenzaamheid. De film is voor ons allebei heel bepalend geweest. Ik heb ermee laten zien dat ik ook in vorm bijzondere films kan maken. Sindsdien ben ik een van de weinige gelukkigen die kan leven van documentaires maken. Hristina werd toegelaten op de Kunstacademie en trouwde een Nederlandse man. We zien elkaar nog steeds. Ik voel me haar grote zus.”

Worsteling

„Ik zoek voor elke film een andere vorm, die past bij het onderwerp en mijn groei als maker. Toen ik iets wilde met mijn ongenoegen over de apathische maatschappelijke houding van mijn generatie, wist ik dat het een persoonlijke film moest worden. Ik ben mijn klasgenoten gaan opzoeken; hoe heeft die jaren 70-jeugd ons gevormd? Zo ontstond De mooiste jongen van de klas. De persoonlijke zoektocht was een experiment, ik voelde me er niet lekker bij. In de montage moet je materiaal inkoken tot de essentie, dat is moeilijk als je zelf de hoofdpersoon bent. Als personage vond ik mezelf toch niet zo interessant.”

Nadenken

„Voor De Tegenprestatie filmden Monique Lesterhuis en ik bij de Sociale Dienst in Rotterdam. Daar werd, vooruitlopend op de Participatiewet, een tegenprestatie voor een uitkering gevraagd. Tijdens een voorvertoning zei iemand: ‘Ik switch steeds in sympathie tussen de ambtenaar en de werkzoekende.’ Dat is precies wat ik wil, mensen laten nadenken. Wat willen we pechvogels bieden? Hoe zou ik reageren als ik papier moest prikken? In 2010 filmden we in Zutphen het ‘granieten bestand’, mensen die waarschijnlijk nooit werk vinden. Nu treft werkloosheid iedereen. Ik dacht regelmatig: twee keer pech en dan zit ik daar!”

Rode draad

„Mijn volgende film gaat hopelijk over de olympische zwemploeg. Heel dicht op het nietsontziende afbeulen, op de tegenslag en het succes, dat fascineert me. De overeenkomst in mijn films is dat het altijd gaat over mensen die de moeite waard zijn, het gaat nooit over klootzakken. De muzikanten van De Dijk, de familie met een bedrijf in Kakiemon-porselein, allemaal mensen die proberen iets goed te doen. Ik kan slecht tegen onverschilligheid of gemakzucht. Toch weer: het maakt niet uit wat je doet, maar hoe je het doet. Je kunt ook een geweldige buschauffeur zijn. Dan ben ik blij als ik je tegenkom.”

    • Brenda van Osch