Brieven en het ‘mavo-meisje’ - maar waar gaat het over?

Afgebrand worden in je eigen krant, journalisten zijn er als de dood voor. Ze letten dus ook scherp op ingezonden brieven over hun werk, en melden zich in nood soms bliksemsnel bij de brievenredacteur om een weerwoord te eisen, of liever nog: een enkeltje prullenbak.

Een volwassen krant gaat daar ook niet krampachtig mee om, onder het motto: journalisten moeten zich allereerst veilig voelen bij hun eigen krant, maar wie uitdeelt, moet natuurlijk ook kunnen incasseren. Mits de kritiek zakelijk is en niet persoonlijk of onder de gordel.

Maar als je columnist van buiten bent, en zelden of nooit op de redactie komt, hoe dan?

Actrice Georgina Verbaan, columniste van nrc.next, kreeg er dinsdag ongenadig van langs in de brievenrubriek van NRC Handelsblad. Maar liefst drie snerende brieven waren door de ballotage gekomen, nadat haar column ineens ook op de Achterpagina van de zaterdagkrant was verschenen, de plek waar al sinds jaren Youp van ’t Hek zijn act opvoert.

Achtereenvolgens werd de Gouden Kalf-winnares afgeserveerd als een „mavo-meisje” dat niet in NRC Handelsblad hoort, een „slaapmiddel voor de geest”, een „uitsloverige glossy girl” met „onbenullige waarnemingen”. Boven de brieven prijkte het brilletje van Van ’t Hek met de tekst „We missen je”.

Leuk. Het zal je maar gebeuren, meteen na je debuut in de middagkrant.

Verschillende lezers vroegen me waarom die brieven waren afgedrukt. Ze waren niet de enigen: Georgina Verbaan is een bekendheid met een grote schare fans – dus de storm stak op. ‘Georgina Verbaan met grond gelijk gemaakt’, bazuinde SBS Shownieuws al dinsdagmiddag. Bewonderaars, gesteund door stokende redacteuren van andere media, eisten op Twitter excuses van de krant. Verbaan zelf reageerde onderkoeld: „Op de mavo bezigden wij in dergelijk gevallen graag het Franse spreekwoord: fuck ’em.”

Een opinieredacteur van NRC Handelsblad mengde zich die avond – als enige verantwoordelijke die iets van zich liet horen – in het gewoel. Hij gaf toe dat het bij nader inzien zo niet had gemoeten. Conform de digitale mores kreeg hij een bak gal over zich heen (en hup, daar belandde hij al op de zwarte lijst van ‘redacteuren voor wie ik nooit wil werken’). Hij haalde de Linda, de Telegraaf, SBS Shownieuws en The Post Online, die hem uitriep tot ‘haatredacteur’.

Gretig en soms ranzig – met een scheutje van het leedvermaak waar NRC Handelsblad al kennis mee maakte in, laten we zeggen, iets zwaardere maatschappelijke kwesties. Een lezer die mij schreef, drukte de kritiek gelukkig wat ingetogener uit: dit was geen „eerlijke introductie” van een nieuwe columnist.

Nee, dat was het niet. Want, gretig of niet, de critici hadden wél gelijk. Een krant of site hoeft zijn columnisten niet onvoorwaardelijk te beschermen, maar dit was het andere uiterste: op het schild gehesen en er weer afgekieperd. Niet chic.

Waarom? Eerder chaos dan complot. Want wat de lezers niet wisten (en de brievenredactie ook niet), was dat de column van Verbaan op de Achterpagina belandde als noodgreep. Een artikel dat bedoeld was om de plek van Van ’t Hek te vullen, werd die vrijdagavond afgekeurd. Wat nu? De chef Achterpagina opperde dan maar de column van Verbaan uit nrc.next eenmalig over te hevelen. Die zou voortaan toch ook in de lifestyle-bijlage Lux van de middagkrant verschijnen. Aldus geschiedde – en het laatste kwam er ook onder te staan.

Alleen, ook Verbaan zelf wist niet dat haar stuk zaterdag op de plek van het beroemde brilletje terecht zou komen; de redactie lichtte haar niet in. Ze schrok zich „een hoedje”.

Dat is geen detail, het is voor een columnist van belang te weten waar hij of zij komt te staan. De plaats van Van ’t Hek (overigens: ook mavo) is een andere, hetere omgeving dan de bijlage Lux, of een pagina in nrc.next. Nu was het alsof de populaire actrice zonder script opeens het podium van de Koninklijke Schouwburg werd opgeduwd.

De redactie Opinie lichtte maandag op haar beurt de rest van de krant (en Verbaan) niet in over de boze brieven. Ze werden afgedrukt, want, was de redenering: de lezer mag iets terugzeggen, en waarom zouden columnisten worden ontzien? Ja, zegt de chef Opinie nu, als hij de geïmproviseerde gang van zaken met de column had gekend, had hij de brieven bij nader inzien niet afgedrukt.

De hoofdredacteur, die de ophef niet had meegekregen, ontstak op zijn beurt in woede over die brieven. Geheel vanuit het principe van centralistisch anarchisme: gaat het lager in de organisatie fout, dan rekent de top hard af. Die brieven konden ook niet, nee, al begon de hele toestand met de niet gecommuniceerde beslissing op vrijdagavond.

De krant probeerde het woensdag goed te maken door van de weeromstuit vier lovende brieven over Verbaan te plaatsen. Ook zelden vertoond. De zaak werd uitgesproken met de columniste.

Valt er iets van te leren?

Ja, natuurlijk moet een columnist ook in zijn of haar ‘eigen’ krant inhoudelijke kritiek kunnen krijgen, net als redacteuren. Een krant is geen bunker. Trouwens, er is in het recente verleden ook wel eens door de hoofdredactie een column uit de krant gehaald, of in een column geschrapt om die aan te passen.

Maar deze brieven waren niet zozeer kritisch, ze uitten – al na één stukje – in drievoud ad feminam afkeer van een ‘mavo-meisje’. Terwijl opinies en brieven in de krant (of op de site) nu juist een andere lading zouden moeten hebben dan wat gangbaar is op Twitter of op blogs waar sommige auteurs, tot hun eigen grote vreugde, aan een ongeneeslijke vorm van Tourette lijken te lijden.

Los daarvan, columns van medewerkers zijn ook geen kopij waar zomaar mee kan worden geschoven, zeker niet nu NRC Handelsblad en nrc.next meer naar elkaar toe zullen gaan groeien. Dan is een goede introductie en begeleiding van auteurs essentieel, net als journalistiek overleg op de redactie.

En ja, dat kan ook gaan over de vraag welke columnisten je wilt hebben. Maar niet over de vraag of ze met een mavo-diploma wel binnen mogen.