Afkomst onbelangrijk? Hartstikke belangrijk!

Identiteitspolitiek wordt het antwoord op spanningen in de polder. Oftewel: werf allochtone dienders en allochtone raddraaiers laten zich beter tot de orde roepen.

Maar wat oogt als diversiteitbeleid, is in werkelijkheid een knieval. En dat is zorgelijk, vindt Sebastien Valkenberg

‘Zet een streep door discriminatie.’ Verschillende BN’ers (Giel Beelen, Sylvana Simons, Margriet van der Linden) schaarden zich achter deze boodschap in een gelikte mediacampagne. Je zou haast denken dat we het gelijkheidsbeginsel een warm hart toedragen. Dat valt in de praktijk vies tegen.

„Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld”, zegt artikel 1 van de Grondwet. „Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.”

Ja, als het zo uitkomt. Officieel heet het dat afkomst irrelevant is, maar die vermaning klinkt alleen wanneer er achterstelling van minderheden wordt vermoed. In andere gevallen blijft het doodstil. Steeds vaker is het juist de bedoeling om iemands afkomst hogelijk te waarderen.

Welkom in de era van de identiteitspolitiek. Ooit was het beledigend als je iemand uitmaakte voor iets wat hij niet was. Nu is het erg als je geen aandacht hebt voor wat hij wél is. Daarvoor is het belang van het kwintet godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht te groot.

Het leidt tot situaties die uit de pen van Kafka hadden kunnen komen. Pek en veren voor de werkgever die een sollicitant afwijst vanwege zijn niet-westerse achternaam. Maar een pluim voor de werkgever die sollicitanten met een niet-westerse achtergrond voorrang geeft. De Correspondent gaat op deze manier werven, liet adjunct-hoofdredacteur Karel Smouter onlangs weten, en de NPO deed dit al in haar zoektocht naar een nieuwe netmanager.

Het publiek kunnen aanvoelen, in staat zijn consensus te zoeken, over een academisch werk- en denkniveau beschikken. Volgens de vacaturetekst moet de nieuwe netmanager aan een hele rits eigenschappen voldoen.

En bij voorkeur is die ook nog eens niet-westers en – helemaal perfect – vrouw. Kennelijk gelden deze eigenschappen (niet-westers-zijn en vrouw-zijn) tegenwoordig ook als kwaliteiten die op het cv thuishoren. Gedaan is het met de gezonde onverschilligheid waartoe het gelijkheidsbeginsel oproept. Afkomst onbelangrijk? Hartstikke belangrijk!

Het toverwoord is hier natuurlijk diversiteit. Onder verwijzing hiervan kunnen discriminatiebestrijders doen wat ze zouden moeten afwijzen. Ineens is er geen sprake meer van discriminatie (onacceptabel), maar van quota die de doorstroming van achtergestelde groepen moeten bevorderen (duim omhoog).

Het is een van de invloedrijkste opinions chics van deze tijd. Organisaties behoren een afspiegeling van de samenleving te zijn. Pas dan zouden de verschillende bevolkingsgroepen zich er in herkennen. Dus een goede journalist heeft een fijne pen, maar tevens de juiste achtergrond. Net zoals het inmiddels niet langer genoeg is dat politieagenten ‘waakzaam en dienstbaar’ zijn, zoals op de flanken van hun patrouillewagens staat. Waakzaam, dienstbaar én van allochtone komaf, is het nieuwe wervingsprofiel in Den Haag.

Vorige week werd bekend dat de politie daar quota gaat hanteren, een reactie op de rellen in de Schilderswijk na de dood van Mitch Henriquez afgelopen zomer. Het politiekorps zou te blank zijn en ter compensatie zijn meer allochtone agenten nodig.

Identiteitspolitiek als antwoord op spanningen in de polder. Werf allochtone dienders en allochtone raddraaiers laten zich beter tot de orde roepen, is de achterliggende gedachte. Wie weet zal het zo gaan. Maar moet je dit mechanisme tot hoeksteen van je beleid maken?

Wat oogt als diversiteitbeleid, is in werkelijkheid een knieval. Impliciet geeft de overheid toe dat een neutraal politieapparaat niet kan bestaan. Bevolkingsgroepen kunnen het beste worden benaderd door agenten uit diezelfde bevolkingsgroepen. Het resulteert in een korps op tribale grondslag.

Zorgelijk. Wellicht wint de allochtone agent aan gezag in de Schilderswijk. Maar de toch al wankele positie van de autochtone diender wordt er verder door uitgehold. Elke keer dat zij iemand staande houden, is extra verdacht. Ze hebben immers de verkeerde huiskleur.

De beleidsmakers zeggen het zelf en het valt ook niet te verwachten dat de anders zo geëngageerde BN’ers aan de bel trekken.