Geheime documenten drone-oorlog VS gelekt

Uit documenten op website The Intercept blijkt dat Amerikaanse drone-oorlog onzorgvuldig wordt gevoerd.

De Amerikaanse luchtmacht toont een MQ-1 Predator, een onbemand vliegtuig. Foto LT. COL. LESLIE PRATT/EPA

Op dezelfde dag dat president Barack Obama aankondigde dat 9.800 Amerikaanse soldaten tot zeker het einde van zijn presidentschap in Afghanistan blijven, publiceerde website The Intercept gisteren geheime documenten over Amerika’s drone-oorlog boven, onder meer, hetzelfde land. De documenten zijn gelekt door een anonieme klokkenluider, die wil laten zien dat de oorlog „vanaf het eerste moment gewoon fout was”.

Nooit eerder kwam er zo veel interne informatie naar buiten over de drone-oorlogen boven met name Afghanistan, Jemen, Pakistan en Somalië. Uit de documenten blijkt dat de oorlog onzorgvuldig wordt gevoerd: er vallen veel burgerdoden, en de inlichtingen waarop wordt vertrouwd, zijn gebrekkig. Mede daarom hebben de Amerikanen zich in lokale en regionale conflicten gestort. Krijgsheren en militieleiders worden gedood, hoewel ze geen bedreiging voor de VS vormen.

De regering-Obama verklaarde in 2013 dat de aanvallen met onbemande vliegtuigen „precies, legaal en effectief” zijn. De VS gebruiken al drones sinds 2002, maar Obama heeft het gebruik ervan na zijn aantreden scherp opgevoerd. Volgens een recente telling van drone-expert Micah Zenko van de Council on Foreign Relations zijn er circa vierduizend mensen door gedood, van wie zeker 476 burgers.

200 doden, 35 waren doelwit

De gisteren gelekte documenten laten zien dat ‘niet-intentionele slachtoffers’ eerder regel dan uitzondering zijn. Tussen januari 2012 en februari 2013 doodden Amerikaanse drones in het noordoosten van Afghanistan meer dan tweehonderd mensen, van wie 35 ook echt het doelwit van de aanvallen waren. In vijf maanden tijd was 90 procent van de doden niet het beoogde doelwit. Volgens de regering gaat het meestal om medestrijders, maar The Intercept schrijft dat dat niet te controleren is.

Burgerdoden zijn eerder regel dan uitzondering


Tot nu toe was niet bekend hoe de Amerikaanse inlichtingendiensten hun doelen vaststellen. Volgens de documenten worden profielen gemaakt van verdachte personen, zogeheten ‘baseball cards’. Ze krijgen een cijfer van één tot vier, waarbij één de hoogste categorie is. Gemiddeld duurt het 58 dagen voordat de president zijn handtekening zet onder een bevel tot aanval. Het probleem bij deze ‘baseball cards’ is dat inlichtingen beperkt zijn.

Gebrek aan Amerikaanse troepen of andere bronnen op de grond maakt de inlichtingendiensten afhankelijk van metadata: gegevens over telefoon- en internetverkeer. Die worden vaak door buitenlandse partners aangeleverd, en zijn weinig precies. Toch worden in Jemen en Somalië in meer dan de helft van de gevallen via deze informatie doelwitten uitgekozen. Door de gebrekkige informatie richten Amerikaanse drones zich vaak op verkeerde doelwitten. Het gaat vaak om strijders die voor de oorlog tegen terrorisme niet van belang zijn.

Het Witte Huis en het Pentagon hebben nog niet inhoudelijk gereageerd. Obama’s woordvoerder Josh Earnest zei wel dat de regering „heel ver gaat in het beperken van burgerslachtoffers”.