‘Bek dicht, treed toch af!’, hoort Aboutaleb 

Beverwaard wil geen azc met 600 asielzoekers. Dat merkte de burgemeester, toen hij naar de wijk kwam.

Inwoners van de Rotterdamse wijk Beverwaard gisteravond tijdens een bijeenkomst over de komst van een asielzoekerscentrum. Burgemeester Ahmed Aboutaleb was naar Beverwaard gekomen.

„Hek open! Hek open!” En dan gebeurt het toch, na een lange avond vol dreiging: de ME komt in actie. Een paar harde tikken, paarden en honden erbij. De ongeveer honderd mensen die zich buiten voor het hek hebben verzameld worden door een linie agenten weggedreven. 

Dit is Beverwaard, de bijeenkomst die de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb (PvdA) had laten organiseren om de onrust in de wijk het hoofd te bieden. Aanleiding voor die onrust: de aangekondigde komst van een asielzoekerscentrum voor 600 mensen. Dat moet hier worden gebouwd, op het terrein van een voormalig honkbalvereniging. Een verzetsgroep op Facebook heeft binnen een dag ruim 1.400 aanmeldingen, meer dan tien procent van deze wijk van 12.000. Collegepartij Leefbaar Rotterdam had tot protest opgeroepen.

De bijeenkomst begint al gespannen. Door al het geschreeuw is Aboutaleb achterin de haastig opgezette tent niet te verstaan: „Klootzak!” „Bek dicht!” „Treed toch af!” Maar als de aanwezigen de kans krijgen om vragen te stellen, wordt er voor het eerst echt geluisterd.

‘Deze wijk is er net bovenop’

Martin Dijkhuizen (41), organisator van het protest, vat het sentiment samen: „Deze wijk is er net bovenop aan het krabbelen. Het gaat net beter in Beverwaard, maar dit blijft een probleemwijk: werkloosheid, criminaliteit. Nu ga je hier probleemmensen bij zetten. Een blind paard kan zien dat dat misgaat.” Thea Pits (55) valt hem bij: „Nu durf ik ’s avonds alleen een patatje te halen, dat was twee jaar geleden wel anders. En dan komen jullie nu hiermee!”

Buiten neemt de onrust toe. De teller van de deurwacht leest ‘625’, het maximale aantal dat binnen mag. Zij die in de regen moeten blijven staan, achter het hek, zijn woest.

De confrontatie met de politie eindigt in een patstelling op het kruispunt, rond een vastgelopen tram. Verkeer stokt, het tankstation sluit vlug zijn deuren. De ME heeft de groep omsingeld. „We willen niet matten”, zegt Ronald Hoek (47). „Maar we wijken niet. Ook niet voor ME.” Uiteindelijk krijgt de politie de straat leeg zonder grote confrontatie. Her en der liggen stukken van losgetrokken stoeptegels. Op de achtergrond knalt vuurwerk, wolken rode rook zoals je die kent uit het voetbalstadion. Maar burgemeester Aboutaleb kan rustig vertrekken.

„Wij zien elkaar heel snel weer”, sist een vertrekkende man tegen een van de ME’ers. „Geloof me, asielzoekers komen er niet. Dit zijn geen lieve jongens die met eieren gooien, dit zijn Rotterdammers.”