Taalkundigen stappen op bij uitgevers

Taaltijdschriften keren hun uitgevers de rug toe. Ze willen goedkoper artikelen kunnen publiceren die vrij toegankelijk zijn voor iedereen.

Tijdschrift Lingua onderhandelt nog met uitgever Elsevier over publicatiekosten. Foto ANP

Uit onvrede over de ongunstige contractvoorwaarden heeft een aantal internationale taalwetenschappelijke tijdschriften besloten te vertrekken bij hun uitgever. De onvrede draait onder meer om de hoge kosten van het open access publiceren. Daarbij wordt een artikel na betaling online gepubliceerd, en is het vervolgens voor iedereen gratis toegankelijk.

Het initiatief is mogelijk door de financiële steun van zes Nederlandse universiteiten en de Haagse onderzoeksfinancier NWO. Zij staan samen garant voor in totaal een half miljoen euro, voor eventuele juridische, en andere kosten.

Verzet tegen machtige uitgevers

De overstap van de linguïstische tijdschriften illustreert het toenemende verzet van de wetenschappelijke wereld tegen de macht van de traditionele, commerciële uitgevers. Die hebben afgelopen decennia steeds meer greep gekregen op het uitgeefproces. Zo moeten wetenschappers hun auteursrecht afstaan. Universiteitsbibliotheken worden op kosten gejaagd, met steeds duurdere abonnementen op groeiende bundels van gecombineerde tijdschriften.

Twee taalkundige tijdschriften zijn inmiddels overgestapt, en zitten nu bij de Britse uitgever Ubiquity Press. Die uitgever laat wetenschappers hun auteursrecht houden. Bovendien vraagt hij veel minder voor het open access publiceren van artikelen: 400 euro per artikel. Bij traditionele, commerciële uitgevers ligt dat soms wel vier keer zo hoog. De overgestapte tijdschriften zijn Laboratory Phonology (zat bij uitgever De Gruyter) en Journal of Portuguese Linguistics (tot voor kort uitgegeven door de Universiteit van Lissabon).

Nog eens twee tijdschriften zijn in onderhandeling met hun huidige uitgever. Daarbij zit ook het vooraanstaande blad Lingua, dat wordt uitgegeven door het Nederlandse Elsevier, de grootste wetenschappelijke uitgever ter wereld.

Stichting betaalt

Hoofdredacteur van Lingua Johan Rooryck, hoogleraar Franse taalkunde aan de Universiteit Leiden, wil er niet al te veel over kwijt. „In principe willen we met elke uitgever in zee, als die maar onze principes onderschrijft.” Volgens die principes blijft het auteursrecht van een artikel ook na publicatie bij de wetenschappers, en is de redactieraad de eigenaar van een tijdschrift.

De vier linguïstische tijdschriften hebben een stichting opgericht, LingOA, dat de betaling van de open access artikelen afhandelt. Rooryck hoopt dat andere linguïstische tijdschriften er zich nog bij aan zullen sluiten. En volgens hem kan het initiatief ook als voorbeeld dienen voor andere vakgebieden.

Rooryck noemt het bijzonder dat het initiatief wordt gesteund door Nederlandse universiteiten en NWO. De half miljoen euro die zij reserveren is voornamelijk bedoeld om de eerste vijf jaar de publicatie van artikelen te bekostigen. Ook artikelen van wetenschappers uit het buitenland. „Nederland is hier gidsland”, zegt Rooryck. Na vijf jaar worden de kosten van publicatie overgenomen door de Open Library of the Humanities, een online platform voor geesteswetenschappelijke publicaties, gesponsord door universiteitsbibliotheken wereldwijd.

De Nederlandse steun voor dit initiatief past bij het doel dat staatssecretaris Sander Dekker (VVD) van Wetenschap twee jaar geleden uitsprak. Hij wil dat alle Nederlandse wetenschappelijke artikelen in 2024 open access worden gepubliceerd.