Donororganen van varkens zijn nu iets veiliger

Donororgaan van varken wordt veilig na knippen van virus-DNA.

Brits kloonbedrijf maakte in 2002 varkentjes om organen uit te oogsten. Foto Getty Images.

Varkens kunnen misschien toch organen aan mensen doneren. Virus-DNA dat in het varkens-DNA verstopt zit was een potentieel probleem. Maar het is genetici gelukt om al het virus-DNA uit het genoom van een varken te knippen.

Alle zoogdieren dragen het erfelijk materiaal van talloze virussen in hun DNA. Dat kwam erin toen virussen, vaak al tienduizenden jaren geleden, bij infecties hun virus-DNA in het DNA van de gastheercel zetten.

Als dat virus-DNA ‘ontwaakt’ kan het de bron zijn voor een nieuwe infectieziekte of de aanzet voor de groei van tumoren. Toen dat besef kort voor de eeuwwisseling doordrong, betekende het vrijwel op slag het einde van het geloof in xenotransplantatie, zoals het gebruik van dierlijke organen voor de mens heet.

Maar nu hebben Amerikaanse wetenschappers onder leiding van ‘genentovenaar’ George Church van Harvard Medical School in Boston alle 62 virussen die zij opspoorden in het DNA van varkenscellen uitgeschakeld. Het onderzoek is vervroegd door Science gepubliceerd, nadat vorige week details van het onderzoek uitlekten naar de pers.

Xenotransplantatie kwam in de jaren negentig op als mogelijkheid om het tekort aan donororganen voorgoed op te lossen. Zoogdieren – vooral varkens waren kandidaat – konden genetisch zo worden veranderd dat hun organen niet door de afweer van de ontvanger zouden worden afgestoten.

Zoek-en-vervang

Het team van Church werkte met de Crispr-cas-technologie, een genetische techniek waarmee heel gericht bepaalde stukken van het DNA bewerkt kunnen worden. Crispr-cas werkt in DNA als de zoek-en-vervang-functie van een tekstverwerker. Het herkent een klein stukje van de DNA-volgorde, en knipt dat eruit. Dat ging niet meteen bij alle cellen goed, maar het team van Church vond cellen waaruit alle kopieën van het cruciale virusenzym waren verwijderd.

„Mooi onderzoek”, zegt medisch bioloog Henk-Jan Schuurman, die in het verleden voor Sandoz en Novartis aan xenotransplantatie werkte en nu een eigen adviesbureau op het gebied van xenotransplantatie heeft. „Maar dat virus-DNA was eigenlijk niet meer het belangrijkste obstakel voor xenotransplantatie.”

Dat virussen uit het DNA in varkenscellen naar menselijke cellen kunnen ontsnappen, werd in 1996 door virologen in Londen ontdekt. Maar nader onderzoek in de laatste tien jaar heeft laten zien dat het overspringen van virussen „waarschijnlijk een laboratoriumartefact” was, zegt Schuurman. „Bij de gebruikte menselijke cellijn bleek de verdediging tegen die virussen door een mutatie uitgeschakeld. Andere menselijke cellijnen nemen die varkensvirussen helemaal niet op.”

Wachtlijst niet opgelost

Niettemin is het knap, zegt Schuurman, dat dit potentiële probleem nu met moderne moleculair biologische technologie is aangepakt. „En keurig opgeschreven”, constateert Schuurman. „Ze schrijven dat het gevaar van overdracht is teruggebracht tot onder de detectielimiet, en niet tot nul, want dat is niet te bewijzen.”

Patiënten die nu op een wachtlijst staan voor een orgaantransplantatie moeten niet verwachten binnenkort met een varkensorgaan geholpen te kunnen worden, waarschuwt Schuurman. Er zijn nog steeds veel problemen met afstotingsreacties tegen de bloedvatbekleding van het varken. Church zei vorige week tegen Nature dat hij behalve het uitschakelen van virussen ook twintig andere genen in het varkensgenoom had bewerkt om deze verder aan te passen aan de menselijke biologie. Hij is mede-oprichter van het bedrijf eGenesis Biosciences dat xenotransplantatie wil ontwikkelen.