Column

Straffeloos de fiscus tillen? Zo moet het

Wie zou het zijn? Welke multinational heeft eerder dit jaar voor het imposante bedrag van 32 miljard euro intellectuele eigendomsrechten verkocht aan een Nederlandse dochtermaatschappij?

Daarbij kan het gaan om octrooien, patenten, wellicht ook merknamen. Het is een ongewoon groot bedrag, kun je afleiden uit een bericht van De Nederlandsche Bank. De verkopende multinational steekt direct een bom duiten in zijn Nederlandse dochter, zodat die het geld heeft voor de aankoop. Dat telt dan weer als een buitenlandse investering in Nederland. Maar dat heeft niks te maken met ons vestigingsklimaat, zoals onze hoog opgeleide en flexibele beroepsbevolking en de infrastructuur.

Nee, dit oogt als een fiscaal opzetje. Het zou mij niks verbazen als het Nederlandse bedrijf de eigendomsrechten in licentie verkoopt aan werkmaatschappijen van de multinational. De Nederlandse dochter incasseert royalty’s en kan dat geld als dividend uitkeren aan andere vennootschappen binnen de groep. Liefst in een belastingparadijs. De buitenlandse werkmaatschappijen die voor de licentie betalen reduceren hun winst.

De vraag is wel of deze constructie het vorige week aangekondigde aanvalsplan van de Oeso overleeft. Deze club van industrielanden pakt kunstmatige en onrechtmatige belastingconstructies aan.

Wie kan er 32 miljard euro intellectueel eigendom hebben? Techbedrijven als Apple, Google, Facebook of Dell. Of Ikea. Of een farmareus. De Britse krant The Guardian publiceerde vorige week een exposé over een fiscale Nederlandse vluchtheuvel van medicijnenfabrikant AstraZeneca. Die zou eraan bijdragen dat AstraZeneca geen winstbelasting betaalde in het Verenigd Koninkrijk.

AstraZeneca is een kleine krabbelaar in vergelijking met de agressieve trucs van de ‘X Group AG’, een Zwitsers bedrijf. Dat blijkt uit een uitspraak, vorige week, van de belastingkamer van het Amsterdamse gerechtshof. In de uitspraak die is openbaar gemaakt ontbreken namen. De ‘X Group AG’ heeft onder meer een Britse bank en een Nederlandse dochter die binnen het concern geldt leent en krediet geeft.

In de uitspraak passeren vennootschappen in Londen, Luxemburg, Nederland, Kaaiman Eilanden, Guernsey en elders de revue. Bedrijven worden gekocht en verkocht. Miljarden gaan heen en weer. Kapitaal wordt gestald in een Spaanse commanditaire vennootschap. Help, ik verdwaal in een fiscaal doolhof. Op mijn twitteradres @menno_tamminga komt een link naar de uitspraak.

Het gerechtshof oordeelt vernietigend. Dit is een „schending van doel en strekking van de Nederlandse belastingwet” en dat ook nog eens „vrijwel naar willekeur en tot grote omvang” en een „welbewust in het leven geroepen structuur die leidt tot een rechtens niet aanvaardbare uitholling van de Nederlandse belastinggrondslag.”

Straf dus. De cel in. Of in elk geval een fiscale boete... Nee. Dit mocht allemaal. Zegt het hof. Want in het maatschappelijk klimaat ten tijde van het opzetten en implementeren van deze constructies (2005-2008) en „in de maatschappelijke kringen waarvan belanghebbenden en haar adviseurs deel uitmaakten” werden dit soort fiscale structuren „als legaal en toelaatbaar beschouwd.”

Kortom: ze verkeerden in de verkeerde kringen en daarom is het fiscale bedrog niet strafbaar. Maatstaven van behoorlijk bestuur gelden kennelijk niet. Ethiek ook niet.

Straffeloos de fiscus tillen, da’s ook een belastingparadijs.