De regisseur kon niet echt kiezen, en dat merk je

In de keuken van het Thais-Chinees-Vietnamees wokrestaurant De Gouden Draak drommen de vijf koks samen. De jongste lijdt aan hevige tandpijn. Die tand moet getrokken. Maar niet door een tandarts, want de jonge Chinees is illegaal. De mozaïekvertelling De Gouden Draak keert steeds terug bij de koks, maar schakelt ook naar scènes bij omwonenden, die hun eten bij het restaurant halen. Met onder meer een bier zuipende man die door zijn vrouw wordt verlaten en twee vermoeide stewardessen. En er is een fabel rond een mier die een krekel misbruikt. Vijf acteurs vertolken alle rollen, vrouwen spelen mannen en omgekeerd.

Regisseur Casper Vandeputte van Het Nationale Toneel kon niet kiezen tussen absurd en grotesk, geëngageerd of komisch en eindigt in het midden, bij koddig. Die speelstijl houdt de voorstelling fragmentarisch en vlak. De acteurs lijken niet te weten wat ze aanmoeten met het eindeloos opsommen van de bestellingen met elke keer alle ingrediënten of bij het voortdurend uitspreken van de regieaanwijzing ‘korte pauze’. Grappig wil het maar niet worden. Tamheid smoort ook de aanwezigheid van mishandelde illegalen, die geen moment tragisch wordt. Het is even leuk als Anniek Pheifer bier slempt of Antoinette Jelgersma pogoot. Maar het doorbreekt de verveling bij De Gouden Draak maar even.