Bedoelt u opvang of dumpen in de regio?

Die buurlanden bezwijken zonder onze hulp, meent Thomas Spijkerboer.

De huidige problemen rond vluchtelingen in Europa zijn ontstaan doordat de opvang in hun eigen regio mislukt is. Die mislukking is veroorzaakt door kortzichtigheid van de internationale gemeenschap, en zeker ook van Europa. Sinds de oorlog in Syrië vier jaar geleden uitbrak vluchtten miljoenen Syriërs naar Libanon, Turkije en Jordanië. De internationale gemeenschap heeft de afgelopen jaren slechts de helft van het geld bij elkaar gebracht dat nodig was voor noodhulp. Daardoor zijn steeds grotere aantallen Syrische vluchtelingen in een steeds uitzichtlozer positie gebracht.

Er ontstond een enorme vraag naar mensensmokkel. Daarin wordt voorzien door een groot aanbod, en daarvan maken ook anderen dan Syriërs graag gebruik. De kortzichtigheid schiep een fantastische markt voor smokkelaars, en de gevolgen daarvan zien we dagelijks op het journaal.

Dat opvang in de regio mislukt is niet nieuw. Veel grote groepen vluchtelingen zijn vergeten, zoals de Palestijnen na 1948 en 1967, de Afghanen sinds 1979 en de Somaliërs sinds 1990. Miljoenen van hen zitten nog steeds in een uitzichtloze toestand in opvangkampen. Velen van hen migreren, en sommigen zijn vatbaar voor radicalisering. Europa heeft er alle belang bij dit beter aan te pakken.

Voor de korte termijn zijn de gevolgen van het wanbeleid niet goed te keren. Europese landen zullen allereerst hun eigen rommel moeten opruimen: veel asielzoekers opvangen en hun procedures afwikkelen. De EU wil de markt voor smokkelaars kapotmaken, een goed idee. Het middel dat de EU wil inzetten is verdere versterking van de strafrechtelijke aanpak van smokkelaars. Maar dat is juist onderdeel van het kortzichtige beleid dat op zo’n spectaculaire manier gefaald heeft. Wie de markt voor mensensmokkel wil vernietigen, moet de vraag naar smokkel wegnemen. Op korte termijn kan dat alleen door met de rijkste landen van de wereld de visumplicht voor Syriërs af te schaffen. Verder moet er zo snel mogelijk veel geld voor noodhulp aan vluchtelingen in de regio komen. Voor noodhulp voor Syriërs is de EU nu eindelijk wakker, voor andere groepen nog geenszins. Om wantoestanden op de langere termijn te voorkomen, moet de opvang in de regio eindelijk serieus worden genomen. Opvang aldaar kan alleen als de noodhulp voor vluchtelingen ruim gefinancierd wordt, wat de afgelopen decennia niet is gebeurd. Het gaat niet alleen om geld, maar ook om serieus en permanent overleg waaraan alle betrokken landen en organisaties deelnemen. Noodhulp is naar zijn aard tijdelijk. Opvang in de regio werkt alleen als er zicht is op duurzame oplossingen. Het beste zou terugkeer naar het land van herkomst zijn omdat de situatie verbeterd is. De realiteit gebiedt te zeggen dat dat meestal een illusie is. Ook wordt gepleit voor veilige zones in Syrië. Maar die vereisen militaire interventie, en die leiden tot meer, niet minder vluchtelingen (Afghanistan, Irak, Libië). Verder waren safe havens in Bosnië niet zo’n succes. Duurzame oplossingen moeten vooral in twee andere richtingen gezocht worden: lokale integratie in de regio, en hervestiging elders.

De overgrote meerderheid van de vluchtelingen op de wereld integreert in de regio. Daarbij spelen drie problemen. Ten eerste: als de vluchtelingen verknoopt zijn met een breder politiek conflict (Palestijnen, Koerden), dan doet de rest van de wereld er verstandig aan zich voor te bereiden op migratie van de vluchtelingen vanuit de regio. Ten tweede: als er domweg te veel vluchtelingen zijn, houdt het een keertje op. In Libanon is nu ruim een kwart van de bevolking Syrische vluchteling. Daar komen nog eens bij de half miljoen Palestijnse vluchtelingen die al een halve eeuw in VN-kampen zitten, en illustreren wat er gebeurt als vluchtelingen vertrouwen op de internationale gemeenschap. Ten derde dreigen vluchtelingen door internationale hulp beter af te zijn dan de lokale bevolking. Dat betekent dat opvang in de regio veel bredere ontwikkelingshulp vereist.

Landen in de regio zou daarom gevraagd moeten worden hoeveel vluchtelingen zij kunnen integreren, met name door hen na verloop van tijd te naturaliseren. Hun moet ook gevaagd worden welke steun zij daarbij nodig hebben.

Mensen die niet in de regio kunnen integreren moeten elders perspectief krijgen. Dat vereist een stevige verhoging van het aantal uitgenodigde vluchtelingen in westerse landen. Daarnaast verdient het aanbeveling om het particulier initiatief ruim baan te geven, zoals het Canadese systeem waarbij kerken en andere groepen vluchtelingen kunnen sponsoren. Op zich is het mogelijk om een einde te maken aan de wantoestanden die onaanvaardbaar zijn voor zowel inwoners van Oranje als voor vluchtelingen. Daarvoor is loyale samenwerking met landen in de regio vereist. Die hebben nu alle reden om Europa te wantrouwen, omdat ‘opvang in de regio’ tot nu toe vooral betekent dat Europese landen proberen vluchtelingen te dumpen in volstrekt overbelaste landen.