Ze waren al bijna bij de ingang

Een sporthal vol migranten in Woerden is belaagd. Burgemeesters in andere gemeenten maken zich zorgen.

Bij sportcentrum Snellerpoort worden nieuwe hekken neergezet, nadat relschoppers vrijdagavond de opvang bestormden.

Volstrekt onacceptabel, noemde burgemeester Victor Molkenboer de aanval, vrijdagavond, op de vluchtelingen in sporthal Snellerpoort in Woerden. Andere politici eensgezind in hun veroordeling van het geweld, en Mark Rutte bezocht de vluchtelingen zaterdagavond. Inmiddels heeft Woerden extra beveiliging ingezet, maar wat blijft zijn een ongemakkelijke twijfel: was dit een incident, zijn vluchtelingen wel veilig in Nederland en welke maatregelen worden er genomen om hun veiligheid te garanderen?

De aanval vrijdag was weliswaar niet de eerste, maar wel de ernstigste actie tegen groepen nieuw aangekomen vluchtelingen. Ongeveer twintig in het zwart geklede mensen met bivakmutsen op trokken met veel geweld de hekken om rond de sporthal waar bijna 150 vluchtelingen in Woerden zijn opgevangen. Toen volgden explosies van vuurwerk- en nitraatbommen. Vooral die laatsten geven hevige explosies. „Wat het extra eng maakte, is dat de vluchtelingen niet konden zien wat er gebeurde, maar wel het geluid konden horen”, zegt burgemeester Victor Molkenboer. „Ze komen net uit een oorlogssituatie.” Vooral de vele kinderen – er zijn er 51 in deze groep van hoofdzakelijk Syrische gezinnen – waren in paniek, zegt de burgemeester.

Beveiligers blokkeerden vrijdagnacht in Woerden de ingang, het is niet duidelijk of de aanvallers werkelijk van plan waren de sporthal binnen te dringen, zegt Molkenboer. „Maar ze waren wel dicht bij.” Hij heeft die avond met de vluchtelingen gepraat om ze ervan te overtuigen dat ze veilig waren, en niet moesten vertrekken. „Dit is een laffe daad tegenover een weerloze groep mensen die hier tegen hun wil zijn, op de vlucht.” Een dag later melden zich aan de lopende band inwoners van Woerden bij de sporthal met spullen voor de vluchtelingen: bloemen, schoenen, rolkoffers, snoep.

Ook in Oisterwijk incidenten

Elf van de aanvallers in de leeftijd van 20 tot 35 zijn gearresteerd, één van hen kwam uit Woerden. De rest uit omliggende gemeenten, 5 mannen uit Montfoort. „Dit was een weloverwogen groepsactie. Dit had overal kunnen gebeuren”, zei burgemeester Molkenboer.

Het incident in Woerden was niet het enige. De afgelopen week liep het in Oisterwijk zo uit de hand tussen groepen plaatselijke jongeren en asielzoekers, dat burgemeester Hans Janssen besloot een noodverordening in te stellen. De politie moest ingrijpen toen een groep asielzoekers, bewapend met takken en stokken, de Oisterwijkse jeugd te lijf wil gaan. Volgens Janssen is de situatie niet te vergelijken met die in Woerden. Hij denkt dat het conflict in Oisterwijk is ontstaan doordat de lokale jeugd de asielzoekers zat te jennen, waarna de vlam in de pan sloeg. „Wij dachten eerst dat het een incident was”, vertelt Janssen. „Maar binnen een week zijn er meerdere voorvallen geweest tussen de twee groepen. Daar zijn we van geschrokken. Extra toezicht werkt blijkbaar niet, daarom hebben we de noodverordening ingesteld.” Dit betekent in de praktijk dat er veel politie rondloopt, en dat er preventief gefouilleerd mag worden. De aanval in Woerden is voor Janssen aanleiding beter te onderzoeken waarom de jongeren asielzoekers aanvielen. „We willen uiteraard niet dat hetgeen in Woerden is gebeurd ook hier kan gebeuren.”

Jaarbeurs beter beveiligd

Het gevolg van ‘Woerden’ is dat iedere burgemeester met opvanglocaties in de gemeente zich moet afvragen of de beveiliging adequaat is. Burgemeester Jan van Zanen van Utrecht liet in De Telegraaf weten dat hij de beveiliging bij de noodopvang in de Jaarbeurs heeft opgeschroefd. De burgemeester van Voorschoten heeft een avondklok ingesteld voor de vluchtelingen in de lokale sporthal. Ook Woerden heeft extra beveiliging ingesteld. Daar waren naast de zogeheten boa’s (bijzondere opsporingsambtenaren) al particuliere beveiligers aanwezig.

Er is op het niveau van de burgemeesters of de politie nog geen centrale coördinatie van de beveiliging, zegt burgemeester Bernt Schneider van Haarlem, tevens voorzitter van het Nederlands genootschap van burgemeesters. „Dat is wel te overwegen, als blijkt dat wat in Woerden is gebeurd geen incident is.” Mocht er structureel meer beveiliging nodig zijn, dan gaat dat de capaciteit van de politie te boven, denkt Schneider. „Er worden nu al bijna dagelijks opvanglocaties geopend. Daar is al veel extra politie voor nodig, ook omdat omwonenden daar om vragen.” Het is nog te doen, zegt Schneider, maar als er op de langere termijn beveiliging nodig is, gaat dat ten koste van andere politietaken. „Dan moeten we bijvoorbeeld kijken of het COA extra kan bijdragen.”

De nationale politie doet geen uitspraken over de beveiliging zelf. Een woordvoerder bevestigt wel dat inzet van extra agenten kan leiden tot capaciteitsproblemen. Mogelijk blijven andere politietaken dan op de plank liggen, want „je kunt een politiemens maar een keer inzetten”.

Morgen is er regulier overleg tussen burgemeesters, de politie, het OM en de minister van Veiligheid en Justitie. De politie-inzet bij de beveiliging van noodopvanglocaties in gemeenten staat er „hoog op de agenda”, zegt een woordvoerder van het ministerie van Justitie.

    • Elsje Jorritsma