Laatste beetje hoop: stress bij de Turken

Het Nederlandse elftal moet morgen winnen van Tsjechië en Turkije moet verliezen van IJsland, alleen dan gaat Oranje door naar de play-offs voor een EK-ticket. Kansloos? Nee. De passie van de Turken kan ook hun valkuil zijn.

Terence Kongolo, Vernon Anita en de last-minute opgeroepen Kenneth Vermeer. Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

In de zoektocht naar een sprankje hoop zou Edward Sturing best een bevredigend antwoord kunnen geven. Ja, de nationale voetbalploeg van Turkije heeft mindere punten. De oud-trainer van Vitesse heeft lang genoeg in Turkije gewerkt om te weten dat het elftal van bondscoach Fatih Terim niet volmaakt is. „Veel grote ego’s bijvoorbeeld. Ze willen allemaal het mannetje zijn. Dat individualisme gaat wel eens ten koste van het collectieve denken.”

Maar als de gewezen assistent-trainer van Genclerbirligi en Kayseri Erciyesspor dan toch vooruitblikt op de ontknoping in kwalificatiegroep A voor het EK, wil hij ook wat anders gezegd hebben: kijk niet te veel naar Turkije. „We moeten morgen eerst zelf maar eens zien te winnen van Tsjechië. Pas als dat lukt, ben je afhankelijk van Turkije. Daarom is dit in meer opzichten een onprettige situatie. Ik kan gewoon niet optimistisch zijn.”

Play-offs voor EK-ticket

Zij die dat nog zijn, zullen sinds zaterdagavond ver in de minderheid zijn. Overdag was er nog hoop geweest. Hoop dat het Nederlands elftal zou winnen bij Kazachstan en concurrent Turkije later op de avond punten zou verspelen in Tsjechië. Dat eerste gebeurde. Oranje won in Astana met 2-1, na doelpunten van Georginio Wijnaldum en Wesley Sneijder, die beiden fraai afdrukten met hun linkervoet. In de blessuretijd kwam Kazachstan nog terug tot 1-2. Was dat iets eerder geweest, dan had het nog vreselijk kunnen spoken in Astana.

Het tweede gewenste resultaat bleef uit. Vanuit hun hotelkamers in Astana zullen de spelers van het Nederlands elftal hebben gezien hoe Turkije later op de avond met 2-0 won in Tsjechië, waardoor de Turken de voornaamste kanshebber zijn om via de derde plek nog het EK van 2016 in Frankrijk te halen. Ze staan twee punten voor op Nederland en zijn bij een gelijkspel tegen IJsland zeker van de play-offs om een EK-ticket. Oranje moet morgen winnen van Tsjechië en hopen dat Turkije verliest van IJsland.

Kortom, weinig reden tot optimisme, maar kansloos? Dat is Oranje niet. Zolang Turkije maar te maken krijgt met stress-situaties, zoals een vroeg tegendoelpunt of een lang durende achterstand. Het was wat Pierre van Hooijdonk vrijdag opmerkte in het AD, toen hij zogenoemde gevoelens van hoop wilde onderbouwen met argumenten. Hij vertelde over zijn ervaringen als speler van het Turkse Fenerbahce. „Dan staat het lang 0-0, maar valt er plots een goal en wil iedereen van de niet-scorende partij het goedmaken. Dan zie je de linksback ineens voorzetten geven alsof hij de rechtsbuiten is. De verkeerde keuzes die dan gemaakt worden, leiden vaak tot panieksituaties.”

De Turks-Nederlandse schrijver Özcan Akyol herkent het. Volgens hem zijn Turken zeker niet als Duitsers, die tot de laatste seconden blijven geloven in een goede afloop. „Dat is iets wat ze minder beheersen. Hoe groter de belangen op het veld, hoe meer gele en rode kaarten er vallen. Ze kunnen hun hoofd verliezen. Ik zie het vaak genoeg.”

Oud-prof Jan Verheijen weet er alles van, zij het op amateurniveau. De voormalig speler van PEC Zwolle en Feyenoord is trainer van tweedeklasser SV Turkse Kracht uit Deventer. Zijn ploeg, volledig bestaande uit jongens van Turkse origine, speelt weliswaar veel lager, maar in het algemeen kan hij wel wat zeggen over de mentaliteit van Turkse spelers. „Als hun hart overkookt van passie, zijn ze tot grootste dingen in staat, maar het kan ook fataal zijn. Ik zeg altijd tegen mijn jongens: als ik de tegenstander ben van Turkse Kracht, zou ik jullie helemaal opfokken. Dan zijn ze in staat hun opdrachten te vergeten.”

Hij vertelt over twee van zijn spelers die op het veld bijna ruzie kregen over de vraag wie een vrije trap mocht nemen. „We hebben daar regels voor opgesteld, maar toch gingen ze bekvechten. Ik kan, ik moet en ik zal; dat is hoe ze er dan in staan. Ik heb een aantal heel goede voetballers in mijn ploeg, maar het moet wel gaan zoals zij het voor ogen hebben.”

Tegelijk schuilt in die furie een kracht. Verheijen: „Als het wel gaat zoals ze willen, kunnen ze fantastisch voetballen. Vol emotie. Ik denk dat sommigen in staat zijn om op het veld te sterven voor hun vaderland. Wij Nederlanders denken al snel: ach, jammer, over twee jaar weer een nieuwe kans op het WK.”

Eerste plek consolideren

De pech van Oranje is dat de ploeg afhankelijk is van de goede wil van een land dat weinig meer te winnen heeft. IJsland plaatste zich vorige maand al voor het EK en bij spelers die voorzien zijn van zilverwaar, is het vaak de vraag of ze voldoende motivatie hebben om hun zegereeks te vervolgen. Het land zal de eerste plaats willen consolideren met oog op de loting voor het EK, maar toen dat zaterdag kon tegen Letland, gaven de eilanders niet thuis. In Reykjavik werd het prompt 2-2. Wat deed denken aan de Duitse kampioen Bayern München vorig seizoen. Bayern won bijna alles, tot het de titel in bezit had: toen verloor het drie keer achter elkaar.

Hoewel IJsland zaterdag teleurstelde, zei spits en voormalig Ajacied Kolbeinn Sigthorsson dat hij en zijn medespelers vol voor de winst zullen spelen in Konya. „We zijn er namelijk op gebrand om de poule te winnen.”

Voor wat het waard is. Zoals het ook twijfelachtig is of 42.000 Turken in Konya überhaupt geconfronteerd zullen worden met stress. Elk beetje hoop doet leven in deze donkere dagen voor het Nederlandse voetbal, maar het is houvast met heel weinig grip.