Gelukkig zien we elkaar ’s nachts en in het weekend

Elke week vertellen mensen over de balans tussen werk en privé. Deze week Friso Woudstra, directeur van een architectenbureau, en zijn vrouw Yneke Woudstra-Rijfkogel. Ze wonen op een landgoed.

Friso Woudstra: „Toen we ons landhuis in 1999 als een ruïne kochten, stond het al ruim dertig jaar leeg.”

Friso: „Ik werk eigenlijk altijd. Met zo’n groot architectenbureau en zo veel projecten sta je op met je werk en ga je ermee naar bed. Daar moet je wel tegen kunnen... Al werk ik al wel wat minder dan vroeger, toen zat ik ’s avonds ook nog te schetsen.”

Yneke: „Jij werkt keihard.”

Friso: „Dat komt ook doordat ik ontzettend veel contacten moet onderhouden. De markt voor het soort huizen dat ik ontwerp, landhuizen vaak vanaf meer dan een miljoen euro, is maar klein. Ik ben ook lid van businessclubs, waaronder de Country Hunters, de Rotary, Round Table 50+, De Kooperen Hoogte, bouwsociëteiten en jachtclubs.”

Zeilen met een skûtsje uit 1902

Friso: „Ik kom ook met BN’ers in aanraking, maar ik werk alleen voor hen als onze smaken matchen. Ik hou niet van blingblingarchitectuur en heb een ongelooflijke hekel aan wegwerparchitectuur. Als iets kapot is, kun je het repareren of restaureren. Ik heb eens een opdrachtgever gehad die na een paar maanden zijn peperdure keuken eruit liet slopen, omdat die toch tegenviel. Daar kan ik niet tegen...”

Yneke: „Friso is bijna nooit een avond thuis. Gelukkig zien we elkaar ’s nachts en in het weekend.”

Friso: „Yneke gaat de laatste tijd vaak mee als ik voor zaken op pad ga. Bijvoorbeeld naar opdrachtgevers in Zeeland, Hoorn, Hannover.”

Yneke: „Ik ben het wel gewend dat Friso het zo druk heeft. Maar we nemen tegenwoordig wel wat vaker vakantie. Dan gaan we eropuit met ons zeilschip.”

Friso: „Een skûtsje uit 1902. Want ik kom uit Friesland, dus we hebben een Fries zeilschip. En natuurlijk een oldtimer, dat past bij ons.”

Yneke: „Dit jaar zijn we de Eems afgezakt, een bijzondere belevenis.”

Ik ga nooit met pensioen

Friso: „Of je een drukke baan volhoudt, hangt af van hoe je je werk inricht. Je moet opdrachtgevers aandacht geven, de tijd voor ze nemen. Ik hoor weleens: het lijkt wel of jij altijd tijd hebt. Onlangs zijn twee mensen in het bedrijf medeaandeelhouder gemaakt. Dan staan er tenminste niet twintig mensen op straat als ik tegen een boom rij. Overigens ga ik nooit met pensioen, ik combineer het genieten gewoon met mijn werk.”

Yneke: „Jij ziet je werk meer als hobby.”

Friso: „Ja, ik leg mijn ziel en zaligheid erin. Net zoals we dat in ons eigen huis hebben gedaan. Dat is een landhuis uit 1852, ontworpen door Pierre Cuypers, dat in de jaren zestig van de vorige eeuw deels is afgebrand. Toen we het in 1999 als een ruïne kochten, stond het al ruim dertig jaar leeg. Na een verbouwing van twee jaar had het zijn oude glorie terug. We hebben ook het koetshuis, de theekoepel en de tuinen gerestaureerd. We hebben het landgoed wel opengesteld voor goede doelen: de Cliniclowns maken vanuit hier hun internet-tv-uitzendingen en we faciliteren paardrijlessen voor autistische kinderen. ”

Vossenjacht

Yneke: „Ik heb bijna dertig jaar een marketing- en personeelsfunctie gehad in een chemisch bedrijf in Zutphen, maar zestien jaar geleden ben ik in ons eigen bedrijf gaan werken. Verder stuur ik de buitendienst aan, die het landgoed in stand houdt, inclusief de levende have.”

Friso: „Mijn passie is de vossenjacht, in Europa een soort nepjacht, waarbij de honden en de jagers te paard een geurspoor volgen. Dankzij die hobby heb ik veel contacten in de paardenwereld. We hebben al veel stoeterijen gebouwd, voor onder anderen Edward Gal. Dat zijn vaak miljoenenprojecten. Ik ben ook sponsor van ruiters en ruiterevenementen, vooral evenementen voor de jeugd en mensen met een lichamelijke beperking. Mijn hele leven is verweven met paarden. Verder ben ik opgevoed in een gezin waarin muziek, vooral kerkelijke en klassieke muziek, de boventoon voerde. Dat heeft zeker bijgedragen tot mijn ontwikkeling op het gebied van historische bouw.”

Werk en privé volledig verweven

Yneke: „Ik kook en doe de boodschappen.”

Friso: „Ik kan niet zeggen dat ik geen verstand heb van koken, maar vergeleken met sommigen van mijn vrienden die halve chef-koks zijn en les hebben gehad van Bocuse, stelt mijn kookkunst weinig voor. Maar Yneke kan het heel goed.”

Yneke: „Ik vind het heel leuk om voor vrienden te koken, maar het is geen echte passie.”

Friso: „Yneke en ik hebben wel allebei een passie voor het retrogebeuren. De tafel feestelijk dekken, wonen in een sfeervol huis, rijden in een oldtimer. Wat dat betreft zijn ons werk en ons privéleven volledig met elkaar verweven. Maar daarin moet je wel een team vormen, want als mijn partner niet van paarden en zeilen zou houden, dan werd het niks.”

Yneke: „Hoewel we samen in hetzelfde bedrijf werken, praten we niet altijd over het werk.”

Friso: „Al probeer ik dat wel, hoor.”

Yneke: „Maar ik vind het wel fijn om veel te weten van zijn werk, dan kan Friso zijn verhalen beter kwijt.”

Friso: „We zitten natuurlijk in een elitaire sector. En wonen zelf ook op een bijzondere plek. Maar we blijven wel zien dat we bevoorrecht zijn als we ’s morgens de gordijnen opendoen en de reeën en konijnen in de tuin zien lopen.”