Bij schaliegas doen feiten er niet meer toe

Ingenieur en publicist Remco de Boer ontleedde het debat over schaliegaswinning, die voorlopig niet doorgaat. Feiten deden er in het debat niet toe, concludeert hij in zijn boek.

Protestborden in Marknesse in de Noordoostpolder tegen proefboringen naar schaliegas, eerder dit jaar. Foto's Kees van de Veen

Het is een vreselijk woord, maar de Nederlandse politiek kan niet meer zonder: draagvlak. Vluchtelingen, windmolens, schaliegas, het gaat allemaal om dezelfde patronen, zegt Remco de Boer, ingenieur en publicist. Activisten organiseren verzet met een overdreven voorstelling van zaken, politici nemen die over om de kiezer te vriend te houden en de media verzuimen om de feiten die door zowel activisten als politici worden gedebiteerd deugdelijk na te trekken. In zijn boek Tussen hoogmoed en hysterie krijgt iedereen ervan langs.

„Ja, veel betrokkenen zijn ongelukkig met dit boek.” Wat hem er niet van heeft weerhouden uit te zoeken wat er precies is gebeurd tussen het moment dat het Britse schaliegasbedrijf Cuadrilla vergunningen kreeg om in Nederland te onderzoeken hoeveel schaliegas er in de grond zit en het moment dat minister Kamp (Economische Zaken, VVD) er afgelopen zomer voorlopig een streep door zette. Waarom de gemeente Boxtel zich eerst rijk rekende aan het schaliegas en later volop in verzet ging. Waarom de PvdA het schaliegas eerst een goed idee vond om vervolgens een ‘never nooit niet’-standpunt in te nemen.

Expertise telt niet meer

In de gepolariseerde verhoudingen binnen de Nederlandse energiewereld ligt het voor de hand om in De Boer een zegsman te zien van Cuadrilla, het exploratiebedrijf dat zijn vergunningen in rook zag opgaan. In het voorwoord van zijn boek haalt hij ook aan hoe hij door Geert Ritsema, campagneleider van Milieudefensie, in een tweet wordt uitgemaakt voor ‘gaslobbyist’.

Maar het een noch het ander is het geval, stelt de schrijver. „Ik heb nooit voor Cuadrilla, of de gasindustrie, gewerkt.” De Boer, bouwkundig ingenieur uit Delft, heeft de geschiedenis van de besluitvorming rond het schaliegas nageplozen omdat hij wilde weten „hoe het zat”. Zijn conclusie is: feiten doen er niet meer toe, expertise telt niet meer. „De ingenieurskennis staat op het spel”.

Bijvoorbeeld bij het fracken, het kraken van hard gesteente. Die techniek, waarbij water en chemicaliën gebruikt worden om het gas uit harde steenlagen te winnen, wordt in Nederland al zestig jaar toegepast bij de traditionele gaswinning uit kleine velden. „Bij alle 6.000 boringen die verricht zijn, zijn er nog nooit problemen geweest met het grondwater. Dat is een feit. Dat hebben drie opeenvolgende ministers ook gezegd.”

Toen in 2010 de eerste schaliegasvragen werden gesteld in de Tweede Kamer, verklaarde toenmalig minister van Economische Zaken Maria van der Hoeven (CDA) inderdaad al dat de omstandigheden in Nederland niet te vergelijken zijn met die in de VS: boren gebeurt hier met andere, gescheiden boorkanalen, de schalielagen zitten op grotere diepte en alles staat onder toezicht van het Staatstoezicht op de Mijnen, terwijl in de VS de eigenaar van de grond het voor het zeggen heeft. Het was net de tijd dat de eerste gruwelverhalen uit de VS kwamen over vervuiling van milieu en oppervlaktewater door de winning van van schaliegas.

Van der Hoevens opvolgers Maxime Verhagen (CDA) en Henk Kamp (VVD) herhaalden die boodschap. Maar de mogelijke vervuiling van het grondwater ging in de discussies toch de boventoon voeren. Illustratief is de rol van de chemicaliën zelf. Cuadrilla maakte al in de eerste contacten met Boxtel, waar de eerste proefboring zou worden gedaan, bekend welke chemicaliën er zouden worden gebruikt – polyacrylamide en glutaaraldehyde – en in welke hoeveelheden. Toch zaaide de directeur van drinkwaterbedrijf Brabant Water voor de camera van Omroep Brabant twijfel. „Hoewel al vijf maanden publiekelijk bekend is welke chemicaliën Cuadrilla gaat gebruiken, heeft de directeur het over ‘allerlei vreemde stoffen’.”

Deur nog op een kier

Opmerkelijk is de rol van de PvdA in de schaliegasdiscussie. Aanvankelijk stond toenmalig energiewoordvoerder Samsom positief tegenover fracken. Ook Samsoms opvolger Jan Vos steunde het kraken van het harde gesteente aanvankelijk, als het maar „zo schoon en veilig mogelijk” gebeurt. Maar in de loop van vijf jaar veranderde het woordje „ zo mogelijk” in „onomstotelijk”.

Inmiddels wil vrijwel niemand meer zijn handen branden aan het schaliegas. Geen gemeente, geen politieke partij en ook geen commerciële partij. Toch heeft minister Kamp de deur nog op een kier staan. Hij behoudt zich het recht voor om proefboringen te laten verrichten „met een zuiver wetenschappelijk karakter”. We weten immers nog steeds niet hoeveel schaliegas in de grond zit en of het rendabel te winnen is. Eind dit jaar komt het kabinet met een integrale visie op de Nederlandse energievoorziening.

De behoefte aan gas blijft voorlopig bestaan, voorspelt De Boer. Nu de gaskraan in Slochteren langzaam dicht wordt gedraaid, zou schaliegas ineens toch weer op de agenda kunnen belanden.