Biograaf: 'Je moet Donald Trump nooit, nooit onderschatten'

Campagnespots maakt hij niet; hij haalt het nieuws toch wel. Miljardair Donald Trump overwoog vijf keer eerder een gooi naar het Amerikaanse presidentschap. Nu ziet hij zijn kans. „Je moet hem nooit, nooit onderschatten”, zegt zijn biograaf Gwenda Blair.

Trump spreekt op een congres in Las Vegas. Foto Isaac Brekken / AFP

Toen Donald Trump zich in juni kandideerde voor het Amerikaanse presidentschap, wreven politici, journalisten en komieken zich in de handen. Natuurlijk was de miljardair en televisiester kansloos, maar het zouden enerverende maanden worden.

De aankondiging, in zijn eigen Trump Tower, was pompeus zoals iedereen het van hem kent. Zoals hij de roltrap afdaalde, begeleid door Rockin’ in the Free World. En zoals hij andere kandidaten beledigde, bijvoorbeeld omdat ze te veel zweten. De tabloid New York Daily News kopte: ‘Clown runs for prez’. En vertrekkend tv-komiek Jon Stewart riep uit: „Dánk u, dánk u, dat u mijn laatste zes weken de leukste maakt.”

Wie níet lachte, was Gwenda Blair. Toen zij Trump zijn toespraak zag geven, dacht ze terug aan al die keren dat hij gespeculeerd had om mee te doen, maar het toch niet deed. Hij wachtte op het goede moment. Ze herinnerde zich ook wat Trump haar zelf vertelde: áls hij mee zou doen, zou hij meedoen om te winnen. „En Donald Trump moet je nooit, nooit onderschatten”, zegt Blair met gebalde vuist. „Iedereen die deze fout maakt, betaalt daar uiteindelijk een prijs voor. Trump geeft niet op, verliest bijna nooit.” Op die middag in juni wist ze: hij kan iedereen verslaan. Trump kan president worden.

Gwenda Blair heeft „een doctorsgraad in Trumpkunde”, zegt ze zelf. Ze is zijn biograaf. Deze week verscheen een hernieuwde uitgave van haar (ongeautoriseerde) Trump-biografie uit 2007. Blair, die journalistiek doceert aan Columbia University in New York, is een kleine vrouw met grijs haar en een zachte stem. De luide Trump maakt tijd voor haar. Ze hebben veel lange gesprekken gevoerd.

Is er sprake van vriendschap? Nee, dat is onmogelijk, zegt ze, ontbijtend in een Starbucks dichtbij de universiteit. „Hij heeft geen vrienden. Hij praat over twee dingen: werk, en Donald Trump. In andere mensen is hij niet geïnteresseerd, en een diepgaand gesprek duurt hem snel te lang. Toen ik vertelde over mijn reis naar Duitsland, waar ik zijn familiegeschiedenis uitzocht, wuifde hij meteen ongeduldig met zijn handen. ‘Ja, ja. Next’.”

Het is niet terecht dat Donald Trump als inhoudsloos wordt gezien, zegt ze. „Tijdens de twee Republikeinse tv-debatten zag je Trump haperen zodra het echt ergens over ging. Maar vergis je niet: hij is goed voorbereid. Hij weet precies hoe hij zijn publiek moet bespelen. Daar heeft hij die details niet voor nodig, want het boeit zijn kiezers weinig. Hij concentreert zich op zijn optreden: hoe kom ik over? Hij wil een performer zijn.”

Fysiek domineren

Ook met zestien kandidaten op een podium slaagt hij erin fysiek te domineren, zegt ze. „De camera en het publiek zijn nooit verveeld, hij trekt automatisch de aandacht naar zich toe. Hij kreeg veel meer spreektijd dan zijn tegenstanders. Hij neemt gewoon bezit van ruimtes. Zo heeft hij het als zakenman ook altijd gedaan. Ik heb hem vaak ergens binnen zien lopen, met zijn grote gestalte, en hij zuigt alle zuurstof uit een kamer. Als je naast hem staat, maak je weinig kans.”

Uiterlijk vertoon staat bij Trump altijd voorop. In 1990, toen het hem zakelijk slecht ging, moest hij tientallen onverkoopbare appartementen in Florida laten veilen. „Hij kwam de rechtszaal binnen met een grote grijns. Mr. Arrogant. ‘Geweldig!’, riep hij. ‘Nu kunnen nog meer mensen in een Trump-huis wonen’.”

Donald Trump groeide op in rijkdom en breidde die uit. Hij begon grote bouwprojecten op Manhattan, liet een Trump Tower van 360 meter verrijzen in Chicago, en liet casino’s bouwen in Atlantic City en Las Vegas. Alleen in stijl week hij af van zijn vader, zegt Gwenda Blair. „Fred Trump bouwde met baksteen. Donald begreep: je moet de mensen een gevoel van glamour geven. Daar betalen ze voor. Bij hem is het allemaal bladgoud en glas. Hoe glimmender, hoe beter. Zoals een architect van Trump me eens vertelde: ‘Hij is Lodewijk XIV op LSD’.”

Blijven onderhandelen

Donalds vader was als onroerend goedmagnaat een legendarische onderhandelaar. Hij bracht geen enkele aantekening mee, had precies in zijn hoofd wat hij wilde. Van hem heeft Donald de kunst afgekeken. Blair: „Hij gelooft niet in zijn eigen zwakte. Hij is extreem goed voorbereid. Hij kent de details, weet waar de zwaktes liggen bij zijn tegenstanders. Hij weet ook wat ze nodig hebben, waar hij ze mee kan paaien. Hij is sluw, het maximale bereikt hij door te blijven onderhandelen over de kleinste zaken. Hij onderhandelt nog over een paar dollar. ‘Hoezo heeft een deur acht schroeven nodig? Kunnen dat er niet zeven zijn? En kan die deur niet een beetje kleiner?’ ”

Donald Trump wordt in de VS vaak als een exotisch verschijnsel gezien. Gwenda Blair noemt hem juist ‘oer-Amerikaans’. „Hij verenigt eigenschappen van ons land in zich waar we misschien niet trots op zijn. Hij is een klassieke kapitalist, wiens ideeën gemeengoed werden in de jaren tachtig. Voor die tijd schaamden mensen zich soms voor hun welvaart, vonden ze het vulgair. Maar in de jaren van Ronald Reagan mocht het weer. Nouveau riche kwam op: bezit is een teken van succes. Reagan herdefinieerde de American Dream: niet de ongelijkheid, maar de overheid stond het klimmen op de maatschappelijke ladder in de weg. Rijken werden opeens voorbeelden van hoe het moest. Trump was het boegbeeld van de Reagan-tijd.”

Ook spiritueel zit Trump dicht tegen de Amerikaanse ziel aan. Toen hij nog bij zijn ouders in Queens woonde, ging het gezin elke zondag naar Marble Collegiate Church, Manhattan, een van de oudste kerken van New York. Die kerk werd decennia geleid door dominee Norman Vincent Peale, die in 1952 een enorme bestseller schreef: The Power of Positive Thinking. Door positief te denken, dacht Peale, kunnen mensen hun lot in eigen handen nemen. Hij gaf in het boek tips als: voor elk probleem is een oplossing. En: blijf altijd ontspannen.

Peale brak met de traditionele protestantse kijk op het leven, die uitging van de almacht van God. De mens heeft zijn eigen lot in handen. Gwenda Blair: „Neem jezelf, denk er 10 procent bij, en je hebt een nog betere versie van jezelf gemaakt. Dat was het idee. Critici noemden het zelfbedrog van een cultleider, maar het sloeg enorm aan.”

Megakerken als die van Joel Osteen in Texas zijn op die gedachte gebaseerd. De theorie van het welvaartsevangelie, die hier sterk aan verwant is, heeft school gemaakt in het Amerikaanse christendom. Donald Trump, die overigens nog zelden de kerk bezoekt, is een aanhanger van het eerste uur.

Geen programma

Als politicus wil Trump maar één ding: winnen. Hij heeft geen programma, en weinig vaststaande ideeën. De wetten die voor andere politici gelden – niet draaien, altijd hetzelfde verhaal houden – gaan voor Trump niet op. Als hij liegt, of van mening verandert, haalt zijn aanhang de schouders op.

Steeds wordt na een incident het einde van Trump voorspeld, bijvoorbeeld toen hij het militaire verleden van John McCain, Republikeins senator en veteraan, belachelijk maakte. Steeds zitten alle deskundigen ernaast. Website RealClearPolitics geeft Trump met landelijk 23,3 procent van de Republikeinse kiezers een ruime voorsprong. Alleen Ben Carson komt met 17,2 procent in de buurt.

Gwenda Blair: „Hij is bewust principeloos. Hij mikt op een groep die voor een groot deel op de uiterste rechterflank zit, maar niet alleen. Het is een grote groep oudere, witte kiezers die zich in de steek gelaten voelen, zich voortdurend slachtoffer wanen van grote krachten buiten hun controle. Benadeelden, die in complotten geloven. Ze willen iemand de schuld geven: hun land, de overheid, de president.”

Republikeinen proberen elkaar tijdens voorverkiezingen te overtreffen in conservatieve dogmatiek. Trump niet. „Zijn aanhang is daar niet in geïnteresseerd. De kiezers verschillen onderling ook sterk van mening. Het is een electoraat dat ook viel voor de onafhankelijke kandidaat Ross Perot in 1992, en George Wallace in de jaren zestig.” Ondanks zijn rijkdom slaagt Trump erin zich als man van het volk te verkopen. „Dat maakt hem briljant. Hij gaat niet in het bestuur van een operavereniging zitten, zoals veel rijken doen. Hij houdt het simpel.”

Trump biedt een wereldbeeld dat ook uit complotten bestaat. Hij is een belangrijke aanjager van de birther-beweging, die gelooft dat president Barack Obama niet in de VS geboren is. En hij gaat, tot plezier van zijn aanhang, in de aanval. Na een tv-debat op Fox News suggereerde hij dat presentator Megyn Kelly, die lastige vragen had gesteld, ongesteld was. Hij maakte grappen over het uiterlijk van zijn Republikeinse tegenstanders („Kijk naar dat gezicht”, zei hij over Carly Fiorina). Op Twitter maakt hij iedereen in Washington uit voor loser. „Hij heeft mensen al uitgemaakt voor dik, zweterig, futloos, kort. Niemand komt daarmee weg, alleen Trump. Die scherpe uithalen staan symbool voor: we pikken het niet meer.”

Al in 1987 kreeg Trump het idee president te worden. Daarna speelde hij nog vijf keer met de gedachte, maar haakte hij af. Deze keer ziet hij serieuze kansen, zegt Gwenda Blair. „Zolang hij meedoet, is hij een grote kanshebber. Hij financiert zijn campagne zelf, en heeft miljarden liggen. Hij komt met zijn eigen vliegtuig op campagnebijeenkomsten. Spotjes maakt hij niet, hij komt toch wel in het nieuws. Geld zal dus nooit de reden zijn om te stoppen. Hooguit als hij denkt te gaan verliezen, of als zijn merknaam beschadigd raakt.” Maar dan? Wat als Trump president wordt? Blair: „Hij ziet politiek als het bedrijfsleven. Hij praat alleen maar over onderhandelingsstrategieën. Maar in het Witte Huis gaat het niet langer om jezelf, maar over het algemeen belang. Ik kan me moeilijk voorstellen dat hij daar zin in heeft.”

Vox legde Trump uit in tien overzichtelijke hoofdstukjes.