De slag om de Turkse stemmen

De Turkse president Erdogan was op verkiezingscampagne in Frankrijk en België. Op 1 november kiezen de Turken een nieuw parlement. In juni haalde Erdogans conservatieve AKP geen absolute meerderheid. Dat zit hem dwars. Het verhinderde de grondwetswijziging waarmee hij zijn macht wil versterken. Uitgerekend de Koerdische partij hield hem van de meerderheid af. Recip Tayyip Erdogan, aan de macht sinds 2002, houdt niet van verliezen. Hij stuurde af op een constitutionele impasse en kon nieuwe verkiezingen uitschrijven om de zaak alsnog naar zijn hand te zetten. De escalatie in de Syrische oorlog en de vluchtelingencrisis geven hem nieuwe kaarten. Erdogans eerste campagnestop was Straatsburg. Liefst 12.000 Turken kwamen luisteren, per bus aangevoerd uit Frankrijk, Duitsland, Zwitserland en België. Wanneer zagen we in Nederland voor het laatst meer dan 10.000 mensen op een verkiezingsevenement? De president werd als een rockster onthaald. Hij sprak over de strijd tegen het terrorisme. Lees: tegen de ‘terroristische’ PKK van de Koerdische minderheid. Ook de sterke economie en nieuw gebouwde ziekenhuizen en universiteiten kwamen voorbij – alles op de Turkse tv uitgezonden. Maar het ging Erdogan tevens om de Turkse kiezers in West-Europa; dat zijn er ongeveer drie miljoen (tegen 53 miljoen thuis). In een verkiezingsslag om procenten kan het beslissend zijn.

Na het Turkse publiek in Straatsburg volgde het Europese publiek in Brussel. Erdogan besprak de vluchtelingencrisis met EU-voorzitters Tusk, Juncker en Schulz. De schaduw van de Turkse verkiezingen hing ook hier. Erdogan blufte de EU-leiders af, onder het motto ‘jullie hebben mij meer nodig dan ik jullie’. Hij kon eisen en dreigen. Inzet: wat gebeurt er met de twee miljoen Syrische vluchtelingen in Turkije – blijven ze daar of reizen er nog meer Europa in? Ankara wil best helpen vermijden dat de massa in beweging komt, maar „Europa moet de prijs betalen” (aldus een Turkse diplomaat in Le Figaro). De Turkse eisenlijst is lang. Graag meer EU-geld voor de vluchtelingenopvang in Turkije; vast bespreekbaar. Graag de PKK op de lijst van terroristische organisaties houden, dus een blanco cheque voor binnenlandse repressie afgeven; tja. Graag een eind aan de visumverplichting voor een bezoek van Turken aan EU-landen; het is een oude wens en Erdogans belangrijkste campagnepunt, maar slecht verkoopbaar bij ons. Graag Turkije op de toekomstige lijst van veilige herkomstlanden plaatsen; klinkt onschuldig, maar betekent dat we geen Koerden als politieke vluchtelingen meer zouden aanvaarden. En graag meer militaire steun tegen Assad. En anders? Dat blijft ongewis. Zeker is dat het voor ons onaangename keuzes en dilemma’s zijn. Keiharde politiek. De dag erna waarschuwde Donald Tusk in het Europees Parlement: „De landen om ons heen zijn niet van plan ons te helpen. Velen hebben zelf grotere problemen en zien onze problemen met genoegen aan. We zien de geboorte van een nieuwe vorm van politieke druk, waarin migratiestromen een wapen worden tegen buren.”

Er zijn 240.000 Turken in Nederland die in Turkije kunnen stemmen. Dit kiesrecht voor de Turkse diaspora bestaat een jaar. De AKP gokt erop dat de Turkse gastarbeidergemeenschappen in West-Europa conservatief zullen stemmen. De Nederlandse overheid is er niet happig op dat immigranten uit bijvoorbeeld Turkije een sterke band met het moederland houden. Maar dit kiesrecht maakt die band wel een tweesnijdend zwaard. Concreet: in principe kunnen de West-Europese Turken Erdogan van zijn meerderheid afhouden. Ze zouden zowel hun herkomstland als hun aankomstland een dienst bewijzen.