EU-landen mogen spoorcontracten blijven gunnen aan vervoerders

Een NS-trein op Utrecht Centraal Foto ANP / Bart Maat

Lidstaten van de Europese Unie mogen contracten voor treinvervoer onderhands blijven gunnen aan transporteurs. Wel moeten in de contracten duidelijke afspraken worden vastgelegd die garanderen dat het spoorvervoer ieder jaar verbetert.

Dat spraken Europese Transportministers vandaag af op een overleg in Luxemburg, meldt het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. De situatie is ook van toepassing op Nederland. Eind vorig jaar sloot staatssecretaris Wilma Mansveld (Infrastructuur en Milieu, PvdA) met de NS een contract af voor tien jaar. Zij is dan ook tevreden over het bereikte akkoord:

“Hiermee houden we de ruimte om zelf te beslissen wie met reizigerstreinen op het Nederlandse spoor mag rijden. Met die vervoerder maken we strakke afspraken om de prestaties voor de reizigers jaar na jaar te verbeteren.”

Meer treinen op tijd

Met de NS heeft Mansveld afgesproken dat er meer treinen moeten gaan rijden, meer verbindingen worden aangelegd en dat de service wordt uitgebreid. Ook moet de vervoerder ervoor zorgen dat meer treinen op tijd rijden. De vele vertragingen en uitgevallen treinen zijn een doorn in het oog van het kabinet. Volgens de staatssecretaris waren de afspraken met de NS een voorbeeld voor het akkoord dat vandaag in Europees verband is bereikt.

Aan de afspraken zijn ook consequenties verbonden. Als NS en ProRail de voorwaarden die in het vervoerplan en beheerplan staan niet nakomen, kunnen zij een miljoenenboete krijgen. Maar er zijn ook positieve prikkels. Als de NS de afspraken ruimschoots haalt, kan het bedrijf een beloning tegemoet zien. De regering hoopt met keuzevrijheid kwaliteit en efficiency op het spoor te bevorderen.