Column

Actie staatssecretaris Dijkhoff is tegendeel van steun verwerven

De opvang van de toenemende stroom asielzoekers in Nederland is sinds deze week in de machteloze fase terecht gekomen. Het krap 140 inwoners tellende Drentse dorp Oranje staat model voor het kantelpunt. Dat kwam dinsdagavond in verzet na de aankondiging dat er nog eens 700 asielzoekers zouden worden ondergebracht, naast de 700 mensen die al in het hiervoor bestemde centrum waren geplaatst. Bussen met asielzoekers werden door een boze menigte tegengehouden.

Enige nuancering is op zijn plaats. De asielzoekers zijn gehuisvest op een voormalig vakantiepark in Oranje, waar vroeger recreanten zaten. Anders gezegd: Oranje is dus wel gewend aan mensen van buiten. Dat neemt niet weg dat het nu om heel andere aantallen gaat en eveneens om heel andere, want vaak getraumatiseerde mensen. Dan is een aantal van 700 mensen die worden opgevangen in de buurt van een 140 personen tellende gemeenschap al fors.

Wordt dat aantal vervolgens door staatssecretaris Dijkhoff (Veiligheid en Justitie, VVD) met onmiddellijke ingang door middel van een bestuurlijke aanwijzing en dus onder dwang verdubbeld, dan eist hij te veel van een dorp dat eerder al verantwoordelijkheid had genomen. Dijkhoff beroept zich op een noodsituatie. Die zal er ongetwijfeld zijn. Maar ook dan is een minimum van normaal overleg noodzakelijk – en dat is juist niet gebeurd.

Het onderbrengen van asielzoekers vergt bij uitstek het creëren van draagvlak. Iets dat al moeilijk genoeg is. Met deze drieste aanpak heeft de staatssecretaris het tegendeel bereikt. Hij had er alles aan moeten doen om de burgemeester en de commissaris van de Koning tot zijn bondgenoten te maken. Maar door zijn directieve optreden heeft Dijkhoff het lokaal bestuur juist van zich weten te verwijderen.

Te vrezen valt dat de gebeurtenissen in Oranje pas het begin zijn van veel meer maatschappelijke onrust rondom het opnemen van asielzoekers. Het ‘not-in-my-backyard-fenomeen’ is overal aanwezig. Ondertussen probeert PVV-leider Geert Wilders de ongerustheid onder de bevolking maximaal te exploiteren.

De vraag is wat overige politici hier tegenover moeten stellen. Het verwijt dat de andere partijen het onderwerp door Wilders laten kapen, is in elk geval te simpel. De makkelijke boodschap verkondigen is nu eenmaal het kenmerk van populistische politiek. Degene die hier een antwoord tegenover probeert te zetten staat eigenlijk al bij voorbaat op achterstand.

Toch is dit antwoord wat in het huidige explosieve klimaat rondom asielzoekers wordt verwacht van het ‘overige deel’ van de politiek. De acute opvang van asielzoekers – iets waar heel Europa mee heeft te maken – leent zich nu even niet voor alledaagse partijpolitiek.