Wachten op de bus in een kleurige schelp

Christopher Herwig fotografeerde buitengewone bushokjes in de voormalige Sovjet-Unie.

Is het een ruimteschip? De bovenkant van een Kodak-diacarrousel? Nee, het zijn bushokjes in de voormalige Sovjet-Unie. De Canadese fotograaf Christopher Herwig reisde de afgelopen twaalf jaar door het land om buitengewone abri’s te fotograferen voor zijn boek Soviet Bus Stops, dat vanwege succes deze maand opnieuw wordt uitgegeven.

Herwigs obsessie met bushokjes begon in 2002, tijdens een fietsreis van Londen naar Moskou. Aan website Wired vertelde hij over zijn eerste bushokje: „Het zag eruit alsof iemand met een oog voor design een hoop lol had tijdens het ontwerpen.”

Herwig fotografeerde zo’n 150 exemplaren in veertien landen: van Turkmenistan tot Moldavië. Tijdens zijn omzwervingen nam hij meer dan negenduizend foto’s, vooral op het platteland. Daar was het bussysteem – en dus het bushokje – belangrijk, legt de Wit-Russische wegenarchitect Armen Sardarov uit op Herwigs website: „We leefden in een socialistische maatschappij, waarin individueel transport werd ontmoedigd. Niet iedereen had een auto, het hele vervoersysteem bestond uit busroutes die het land verenigden.”

De meeste gefotografeerde abri’s stammen uit de jaren zeventig, toen architecten in de Sovjet-Unie veel sculpturale betonnen gebouwen ontwierpen. Aan Wired legt Herwig uit dat de budgetten voor bushokjes klein waren en er weinig op het spel stond; architecten konden zich daar dus meer vrijheden veroorloven dan gebruikelijk. Dat leverde bijzondere ontwerpen op. Zoals een bushokje in Taraz, Kazachstan, een opgevouwen metalen vel dat lijkt op een zittend dier. Weer een ander hokje in Abchazië doet denken aan een met mozaïeken versierde open schelp.

Volgens Herwig is zijn bushokjesproject een andere manier om naar geschiedenis te kijken: „Veel mensen zien de Sovjet-Unie als één entiteit. Hiermee laat ik zien wat sommige plaatselijke kunstenaars vonden en dachten in een tijd waarin veel massaproductie plaatsvond.”