Strijd over de Brexit is begonnen

Vóór eind 2017 beslissen de Britten of ze in de EU blijven. De messen worden geslepen. Zij die eruit willen, draaien verlekkerd ‘The Final Countdown’.

Tegenstanders van de regering betoogden zondag in Manchester (boven). Op het congres van de Conservatieve Partij, dat vandaag wordt afgesloten, zijn tal vanpartijparafernalia te koop (rechts). Foto’s Leon Neal/AFP

Een datum is er nog niet. Maar de argumenten van beide kampen in de aanloop naar het referendum over het Britse EU-lidmaatschap beginnen vorm te krijgen, zo leert een rondgang op de partijcongressen van de afgelopen vier weken. Bij het ‘Blijven’-kamp gaat het nog aarzelend, maar ‘Gaan’ is al op volle stoom, met bumperstickers en tasjes en snoepjes.

Het wordt een campagne als nooit tevoren. Of het nu de pro-Europese Liberaal-Democraten zijn, de overtuigde eurosceptici van UKIP, weifelend Labour, of de verdeelde Conservatieven, die vandaag hun congres afsluiten, over één ding is iedereen het eens: dit is dé kans om eindelijk iets over de Europese Unie te zeggen. Alleen wie pakweg zestig jaar en ouder is, heeft al eens over Europa mogen stemmen. In 1975, twee jaar na toetreding, besloten de Britten in een referendum in de Europese Economische Gemeenschap te blijven.

Daar komt bij dat dit keer elke stem telt. Britse verkiezingen worden normaal gewonnen of verloren in eenzesde van de kiesdistricten, maar bij dit referendum weegt elke stem in álle 650 kiesdistricten even zwaar. En 46 procent van de kiezers heeft zijn stem nog niet definitief bepaald.

Voor- en tegenstanders realiseren zich daarom dat de strijd moet beginnen – of liever gezegd: dat de strijd al ís begonnen, ook al wil premier Cameron pas een datum voor het referendum bepalen als hij zijn onderhandelingen in Brussel heeft afgerond (zie kader).

In een halfdonkere bioscoopzaal in Brighton probeert Alan Johnson, oud-minister van Binnenlandse Zaken, zijn Labourpartijgenoten enthousiast te krijgen voor ‘Blijven’. De bijeenkomst heet optimistisch een rally. Maar de aarzeling van de nieuwe partijleider, Jeremy Corbyn, om zich de afgelopen weken vóór Europa uit te spreken, heeft de stemming duidelijk beïnvloed: het vuur zit er niet in.

Johnson erkent: „Ik geloof niet dat Labour de laatste jaren duidelijk heeft uitgelegd waarom we lid moeten blijven.” Hij zegt: „Te lang waren we bang dat mensen zouden denken dat we een pleidooi voor deelname aan de euro hielden.”

Maar de reden voor de aarzeling is nu de herinnering aan ‘Schotland’. Bij het referendum over onafhankelijkheid trok Labour vorig jaar op met de Conservatieven en de LibDems. Daar werd de partij daarna electoraal voor afgestraft: van de 41 Schotse Lagerhuis-zetels is er nog maar één over.

Onder géén beding gaan we met de Conservatieven een podium delen, klinkt het dan ook in Brighton. „Als we Camerons hervormingen gaan verdedigen, zal men ons belachelijk vinden. Laten we niet doen alsof we dezelfde ideeën over Europa hebben”, zegt Lagerhuislid Tony Perkins. Sterker: partijleider Corbyn belooft dat een volgende Labourregering Camerons hervormingen zal terugdraaien als ze volgens hem nadelig uitpakken voor de Britten.

Knikkende hoofden

Nu verwacht niemand veel van Camerons onderhandelingen. Ook binnen zijn eigen partij niet, hoezeer staatssecretaris van Europese Zaken David Lidington op het Conservatieve partijcongres in Manchester ook volhoudt dat hij „de afgelopen vijf jaar steeds meer instemmend geknik rond de [Brusselse] tafel” heeft gezien als het ging om Britse wensen. Zoals Lagerhuis-lid Jacob Rees-Mogg het verwoordt: „Als Conservatief wil ik de premier het voordeel van de twijfel geven.” Instinctief neigt hij naar Gaan.

Blijven heeft het moeilijk bij de Conservatieven. Gedurende het congres bungelen steeds meer toegangspassen aan een koordje van de Gaan-groep Conservatives for Britain. Een gemeenteraadslid uit Stockport dat opstaat tijdens een debat, noemt zich bijna verontschuldigend pro-Europeaan.

Maar ze zijn er wel, de aanhangers van Blijven. Een borrel van pro-Europeanen is zo vol dat de beveiliging laatkomers wegstuurt. Binnen roept Lagerhuislid Neil Carmichael om „perspectief”. De reden dat de Britten niet zo veel handelen met China, is niet dat de EU dat afremt: „Duitsland exporteert ook naar China.” Laura Sandys, oud-Lagerhuislid en voorzitter van European Movement UK houdt de zaal voor: „Wil jij Nigel Farage laten beslissen over je zwangerschapsverlof?”

Maar ter vergelijking: de bijeenkomst waar het eurosceptische Business for Britain het opneemt tegen het pro-Europese Business for New Europe trekt vijf keer zo veel luisteraars. De rij loopt tot ver buiten de tent. Vierhonderd man druipen teleurgesteld af. In de opulente feestzaal van het gemeentehuis van Manchester zweept Europarlementariër Daniel Hannan een deel van hen op: „Zijn wij te klein om op eigen benen te staan? We zijn de zesde economie in de wereld, de op drie na grootste defensiemacht, zitten in de VN-Veiligheidsraad. Hoeveel groter moeten we worden? Zelfs [Kanaaleilanden] Jersey en Guernsey kunnen het zonder de EU.”

Er zit geen passie in Blijven, erkent Will Straw, leider van The In Campaign op het partijcongres van Labour. Hij heeft het over een „enthousiasmekloof” tussen Blijven en Gaan. Bij de Conservatieven spreekt Anna Soubry, staatssecretaris voor het midden- en kleinbedrijf, over de „ongezonde obsessie” die ze ziet bij de tegenstanders. Er wordt om gelachen.

Blijven worstelt ook met zijn boodschap. Waarom is EU-lidmaatschap eigenlijk goed voor de Britten? In een nachtclub in Brighton – de vloer kleeft nog van het bier – proberen twintig man tot een antwoord te komen. De conclusie: „Mensen willen geassocieerd worden met succes, en Europa doet het nu niet echt goed.”

Labour-Europarlementariërs schrikken zo van de journalist die zich bij hun kraampje meldt, dat de lippen stijf op elkaar gaan. De bijeenkomst ‘Hoe winnen we het EU-referendum?’ wordt afgelast. Manmoedig deelt Europarlementariër Richard Corbett kaartjes uit met argumenten die kunnen worden gebruikt in gesprekken met kiezers, maar echt enthousiast wordt er niet op gereageerd.

In debatten elders wordt teruggegrepen op de vrede in Europa en de markt van vijfhonderd miljoen consumenten. Op het partijcongres van de LibDems in Bournemouth pleit oud-Energie-minister Ed Davey tegen „te rationele argumenten”: „Dat vervreemdt kiezers. We hebben emotie nodig.” Conservatieven pleiten juist voor de ratio, economische argumenten. Of moet er angst worden ingeboezemd? Iemand verzucht dat zelfs geen hashtag voor sociale media zou kunnen worden verzonnen om Blijven aan te prijzen.

En wat moet je zeggen als de kiezer over migratie begint? Dat EU-migranten banen ‘inpikken’ is voor sommige Britten reden om uit de EU te willen. „We moeten een antwoord hebben”, zegt bij Labour Frances O’Grady, van de vakbondskoepel TUC. „Het enige wat wij te bieden hebben is dat we een ander beeld hebben van Europa: een Europa waar arbeiders rechten hebben en bescherming genieten.”

Faragistas

De LibDems zijn van de Blijvers het strijdvaardigst. Niet dat het eurofielen zijn, zoals critici beweren. Ze zien de zwakke plekken van de EU. Maar migratie – of liever: vrij verkeer van personen – wordt in Bournemouth bijvoorbeeld geprezen. De LibDems verheugen zich op de strijd tegen wat zij de Faragistas noemen: het leger aanhangers van Nigel Farage, wiens UKIP diametraal tegenover de LibDems staat.

„Veel plezier”, jut partijleider Tim Farron zijn partijgenoten tijdens een peprally op. Oud-Europarlementariër Graham Watson moedigt aan niet te wachten op het resultaat van Camerons onderhandelingen in Brussel. „We kunnen nu al de argumenten voor Blijven bedenken.”

Bij Gaan hebben ze hun argumenten al klaar. ‘Controle’ is het toverwoord. Een Brexit betekent in hun ogen dat de Britten weer soeverein zullen zijn: niet langer zullen „ondemocratische, niet-gekozen bureaucraten in Brussel” Britse wetten bepalen, houdt UKIP-leider Farage zijn partijcongres in Doncaster voor. „Het risico van blijven is groter dan het risico weer controle over ons eigen land te hebben.”

UKIP heeft zich tientallen jaren op dit moment voorbereid. Als Farage de zaal binnenkomt, klinken de tonen van ‘The Final Countdown’, de nummer-1-hit uit 1986 van de Zweedse band Europe. „Dat vonden we wel gepast”, zegt zijn woordvoerder. De strijd is begonnen.