Sluiting van basisscholen bereikt nieuw record

Een recordaantal basisscholen is vorig schooljaar dichtgegaan. Dat meldt het dagblad Trouw op basis van cijfers van de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO). 124 scholen hebben hun deuren definitief gesloten.

Eén jaar eerder verdwenen 108 basisscholen door opheffing of fusie. De meeste ervan kwamen onder de opheffingsnorm van 23 leerlingen.

DUO, onderdeel van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, houdt deze informatie sinds 2011 bij. Uit de cijfers van de dienst blijkt dat bijna 8.200 kinderen tussen september 2014 en juli 2015 moesten overstappen naar een andere school.

De meeste scholen gingen weg in Gelderland: negentien in totaal. In Noord-Holland werden achttien scholen gesloten. Hekkesluiters zijn Flevoland en Utrecht, met vier respectievelijk vijf verdwenen scholen. De voornaamste reden voor sluiting is krimp: in Nederland worden minder kinderen geboren, en met name uit provincies die verder van de Randstad liggen trekken jonge gezinnen weg.

Tegenover de gesloten scholen staan ook nieuwe. Vorig schooljaar waren dat er negen, tegenover twaalf het jaar daarvoor. Alleen in de grote steden is sprake van enige groei, zegt een woordvoerder van de PO-raad, de koepel voor primair onderwijs. Verwacht wordt dat de vermindering van het aantal basisscholen de komende jaren aanhoudt. Nu zijn er nog anderhalf miljoen leerlingen, in 2020 zouden dat er 100.000 minder zijn.