Het laatste etmaal van de Italiaanse mythe Pasolini

Op 2 november is het precies veertig jaar geleden dat de Italiaanse cineast, schrijver en dichter Pier Paolo Pasolini werd vermoord op het strand van Ostia, nabij zijn woonplaats Rome. Abel Ferrara’s Pasolini reconstrueert gedetailleerd zijn laatste etmaal, van zijn terugkeer uit Stockholm tot zijn tragische dood. Die is altijd omgeven geweest door mysteries: was het een complot, werk van een eenling of iets anders?

Hoewel de handeling zich beperkt tot die ene fatale dag en nacht, roept Ferrara in zijn film een vrij compleet beeld op van de complexe kunstenaar die keer op keer conservatief Italië schokte, alleen al met zijn openlijke homoseksualiteit. Voer voor Pasolinifans, maar voor anderen ongetwijfeld lastiger te duiden.

De soms wat slepende film is een associatieve collage van zaken waarmee Pasolini zijn leven lang bezig was. Hij opent met beelden uit Pasolini’s laatste schandaalfilm Salò, een op Markies de Sade gebaseerde parabel over een geperverteerd, fascistisch Italië waaruit elk mededogen verdwenen is - het contrapunt op zijn ‘trilogie van het leven’, drie vitale films gebaseerd op volksverhalen. Ook zien we Pasolini thuis achter de typemachine werken aan verschillende projecten. Twee van die projecten worden door Ferrara gevisualiseerd, met scènes uit Pasolini’s postuum gepubliceerde roman Petrolio en het scenario van Porno-Teo-Kolossal. Ook geeft de cineast zijn laatste interview, waarin hij waarschuwt voor het afglijden van Italië in gewelddadige chaos.

Als Pasolini in zijn zilveren Alfa Romeo aan het cruisen is door Rome, lijken de straatjongens die hij zoekt zo weggelopen uit zijn debuutfilm Accatone (1961). Ferrara speelt een leuk spel met die grotendeels op Pasolini’s roman Jongens uit het leven gebaseerde film: actrice Adriana Asti, Amore in Accatone, speelt hier Pasolini’s moeder Susanna. Iets soortgelijks doet Ferrara met Pasolini’s grote liefde Ninetto Davoli, de acteur die speelde in vrijwel alle Pasolini-films en een affaire met hem had voor hij braaf trouwde en een gezin stichtte. Ferrara laat de oude Davoli de rol van Epifanio spelen in fragmenten uit het nagelaten script van Porno-Teo-Kolossal.

Om dit web aan verwijzingen op te pikken, moet je over veel kennis van Pasolini’s leven en werk beschikken: Ferrara legt deze dwarsverbanden verder niet uit. Ook de muziek in de film is vaak door Pasolini zelf gebruikt, zoals Bach in Il vangelo secondo Matteo – een van de beste films over Jezus. Dat hoofdrolspeler Willem Dafoe, die een sterke gelijkenis vertoont met Pasolini, Jezus speelde in The Last Temptation of Christ brengt een treffende associatie teweeg. Lijkt het bebloede hoofd van Pasolini op het desolate strand van Ostia niet heel erg op het met een doornenkroon getooide hoofd van de Verlosser?