In beeld

De achthonderd vierkante meter illustratie van het Emma Kinderziekenhuis

Achthonderd vierkante meter is het. Je zou het niet zeggen als je er rondloopt, want de illustraties zijn over anderhalve verdieping aangebracht op tientallen wanden, ramen, deuren. Maar bij elkaar opgeteld zouden de tekeningen in het Amsterdamse Emma Kinderziekenhuis dat vandaag na een verbouwing van 14 jaar officieel wordt geopend door koning Willem-Alexander, zomaar eens de grootste illustratie van Nederland kunnen zijn. Er is door zeven kunstenaars vijf jaar lang aan gewerkt.
In 1988 vertrok het Emma Kinderziekenhuis uit de Amsterdamse Sarphatistraat naar de achtste verdieping van het AMC. Van een oud, hokkerig maar ook lekker rommelig en huiselijk onderkomen middenin de stad naar een betonnen kolos aan de stadsrand. Kale gangen, afstotelijke kamers: dat vonden de nieuwe bewoners ervan. In 2001 begon de verbouwing, die ze de metamorfose noemden. Foto Olivier Middendorp
Daar kwamen nieuwe inzichten aan te pas, met als belangrijkste uitgangspunt dat steeds meer van de kinderen die hier liggen met hun ziekte zullen opgroeien en volwassen worden. Je wilt dan, zegt Hans van Goudoever, hoofd van het kinderziekenhuis, „dat ze met hun leven verder kunnen, straks thuis, maar eerst hier”. En daarvoor was het, zoals hij het zegt, „nodig de buitenwereld naar binnen te halen”. Foto Olivier Middendorp
Dus werd de afgelopen jaren afdeling voor afdeling (grote kinderen, tieners, oncologie enzovoort) zo verbouwd dat iedereen er voortaan een eigen kamer heeft, net als thuis, met een eettafel, een eigen badkamer, een bureautje om aan te werken en voor iedereen internet. Foto Olivier Middendorp
Die individuele kamers liggen allemaal aan de buitenkant van het gebouw, met de ramen naar buiten. Zo komt het leven buiten het ziekenhuis letterlijk naar binnen, is het idee. Verder is er nu een filmzaal, zijn er schoollokalen en is er een restaurant waar je kan helpen koken, zoals je bij je thuis in de keuken zou doen. En er is een uitzendbureau, Emma at Work, voor een bijbaantje op je cv, dat er anders zo kaal uitziet vergeleken bij dat van je leeftijdgenoten. Foto Olivier Middendorp
Over de illustraties zegt Hans van Goudoever, hoofd van het kinderziekenhuis: "Je kunt vragen om aankleding en dan zeggen ze terug: koop maar wat affiches en lijst die in”. In plaats daarvan werd besloten een deel van de tien miljoen euro die waren binnengehaald aan sponsorgeld, uit te geven aan echte illustratoren. Zij moesten elke afdeling een eigen sfeer geven. Foto Olivier Middendorp
Behalve dat die illustratoren „conceptueel sterk moesten zijn”, zegt Pieter Baart van Art Associates Amsterdam die dit begeleidde, „zijn de illustratoren erop uitgezocht dat ze dit aan zouden kunnen”. Foto Olivier Middendorp
Dat was niet zonder reden. Het begon nog simpel, met in de tekenopdracht een van tevoren ontworpen icoon (dat dient als bewegwijzering), een vast kleurenpalet en een voor elke afdeling bepaald thema. Zulke thema’s waren bijvoorbeeld de haven (als in: safe haven) voor intensive care, Vondelpark en Leidseplein voor het uitgaansdeel met de bioscoop, de school en het restaurant, hortus voor de zuigelingen, fauna voor oncologie. Icoon, kleurenpalet en thema’s kwamen van OPERA Amsterdam, het bureau dat verantwoordelijk was voor de vormgeving van het interieur. Foto Olivier Middendorp
Alleen, zo eenvoudig als de opdracht klonk bleek het allemaal niet. Als een illustrator een schets had gemaakt, werd die beoordeeld door patiënten, ouders, artsen, verpleegkundigen. En als die dan bijvoorbeeld een aapje zagen afgebeeld, zeiden ze: dat kan niet, want kankerpatiëntjes worden soms aapjes genoemd. Ook belangrijk: hoe wel of juist niet doorzichtig de illustraties voor de glazen wanden werden. Of: de tekeningen bij intensive care moeten rustig zijn want anders kunnen ze hallucinerende reacties oproepen. En: als je grote dichte vlakken kleurt, zorg dan dat die niet te donker worden, en zeker niet zwart. Foto Olivier Middendorp
Net als bij de verbouwing werd er afdeling voor afdeling aan gewerkt. Ook dat leidde weer tot onvoorziene aanpassingen, bijvoorbeeld als een wand toch net iets breder of juist smaller werd dan voorzien. Pieter Baart: „Niemand van de illustratoren is afgehaakt, maar voor iedereen was het intens.” En allemaal werkten ze er langer aan dan ze van tevoren hadden gedacht. Foto Olivier Middendorp
Vonden ze dat erg? Helemaal niet, zegt Cyprian Koscielniak, de tekenaar van Vondelpark en Leidseplein. Acht maanden is hij ermee bezig geweest, op dagen tussen zijn andere werk door. Hij werkte met een tekenprogramma op de computer, waardoor hij zijn ontwerpen kon aanpassen als er bijvoorbeeld opeens een monitor op een van zijn wanden moest worden aangebracht. „Maar ik heb ook allemaal schetsen liggen hoor, sommige van een paar meter hoog, om te zien hoe het in het echt zou zijn.” Het is, zegt hij, een levenswerk geworden. „En ja, ik ben er echt trots op.” Foto Olivier Middendorp