Ach, die paar bijwerkingen

Een Amerikaanse journalist legde de methoden bloot waarmee farmareus Johnson & Johnson een antipsychoticum met ernstige bijwerkingen aan de man wist te brengen.

Austin Pledger, een Amerikaanse jongen met een ernstige vorm van autisme, was nog maar een kind toen de dokter hem het antipsychoticum Risperdal voorschreef om hem rustig te krijgen.

Op zijn twaalfde kreeg Austin Pledger borsten, die nu, nu Pledger 21 jaar is, de maat 46DD hebben.

Austin Pledger op jongere leeftijd. Foto Benita Pledger

De rechter oordeelde dat de borstvorming een bijwerking is van Risperdal, dat zorgt voor een verhoogd niveau van het hormoon prolactine – en daarmee de schuld van de fabrikant Johnson & Johnson, die de dokter stimuleerde het geneesmiddel voor te schrijven. 

Johnson & Johnson, een van de grootste medicijnfabrikanten ter wereld, heeft de afgelopen jaren miljarden dollars verdiend met de verkoop van Risperdal aan patiënten die het middel tegen psychoses niet mochten gebruiken, zoals kinderen en ouderen. Hoe Johnson & Johnson dat heeft gedaan, vertelde de Amerikaanse onderzoeksjournalist Steven Brill afgelopen weken in een vijftiendelig feuilleton op de nieuwssite The Huffington Post.

Onder de titel America’s Most Admired Law Breaker schetste hij daarin een onthullend beeld van de manier waarop de verkopers van Johnson & Johnson in de jacht op steeds hogere omzetcijfers niet alleen zelf de regels overtreden hebben, maar ook artsen, wetenschappers en zorginstellingen hebben gecorrumpeerd.

Inmiddels heeft J&J zo’n 3 miljard dollar aan boetes, schikkingen en schadevergoedingen moeten betalen. Voor jongens die borsten kregen, maar ook voor ouderen die stierven door herseninfarcten en hartfalen – erkende bijwerkingen van het antipsychoticum.

Johnson & Johnson behoort – gemeten naar beurswaarde – tot de tien meest waardevolle bedrijven van de VS en ook tot de grootste spelers van de farmaceutische industrie, ook wel bekend als Big Pharma.

Door in te zoomen op één fabrikant en op één medicijn biedt Brill een inkijkje in de manier waarop Big Pharma zijn pillen aan de wereld slijt. Want hoe uniek het verhaal over Johnson & Johnson ook is, de verkooptechnieken die Brill blootlegde, maken deel uit van een al lang bekende receptuur in de industrie. Dit zijn de vijf belangrijkste ingrediënten:

1. Prop patenten in de pijplijn

Het patent is het alfa en omega van de pillenindustrie. Een patent beschermt een fabrikant tegen diefstal van ideeën en goedkope concurrentie en zorgt ervoor dat de vaak hoge investeringen terugverdiend kunnen worden.

Deze bescherming duurt maximaal twintig jaar, maar doordat er veel tijd gaat zitten in de ontwikkeling en toelating van een geneesmiddel is de effectieve terugverdientijd korter; soms maar een jaar of zeven. In die periode kunnen fabrikanten heel veel verdienen op hun merkmedicijn; daarna vagen generieke geneesmiddelen de winst weg.

Beleggers kijken dan ook vooral hoeveel veelbelovende gepatenteerde geneesmiddelen een fabrikant in de ‘pijplijn’ heeft; dat bepaalt de toekomstige winst. Voordat een geneesmiddel uit het patent dreigt te lopen, zetten fabrikanten dan ook voor dezelfde aandoening een gepatenteerde opvolger klaar. Dit middel moet ook beter werken dan zijn – inmiddels goedkope – voorganger, anders is er medisch gezien geen reden het voor te schrijven.

Dat was een groot probleem voor J&J, toen in de jaren negentig van de vorige eeuw het patent van een bestaand antipsychoticum, Haldol, afliep. J&J presenteerde Risperdal aan beleggingsanalisten als de opvolger, maar de Amerikaanse toezichthouder Food and Drugs Administration (FDA) verbood om Risperdal te verkopen als ‘beter’ dan het oude. Risperdal werd alleen geregistreerd voor een groep patiënten met een bepaald type psychose – veel te klein om een melkkoe te kunnen worden. 

 

Artsen hebben wel het recht om zo’n niet-geregistreerd geneesmiddel voor te schrijven aan een individuele patiënt, als zij denken dat die daarbij baat kan hebben; het zogeheten off-label voorschrijven. Met hun receptenboekjes kunnen artsen de doelgroep van een geneesmiddel dus flink uitbreiden, waardoor zij een belangrijk doelwit vormen voor marketing. Voor Risperdal besloten de verkopers van J&J zich dan ook te richten op het off-label voorschrijven door artsen.

2. Zoek de MOL

Off-label voorschrijven doen artsen volgens richtlijnen die een speciale commissie heeft opgesteld voor de behandeling van een aandoening. In die commissies zitten doorgaans de grootste experts in een bepaalde aandoening, artsen die vaak ook internationaal hoog staan aangeschreven. Zij worden Medical Opinion Leaders genoemd, kortweg MOL, ook wel whales genoemd. Farmaceutische bedrijven vertroetelen hen met ruimhartige financiering van hun onderzoeken en ook wel met goedbetaalde lezingen.

Voor de marketing van Risperdal wierf J&J een kinderpsychiater met een grote reputatie in de VS. Hij kreeg 2 miljoen dollar voor het opzetten van een speciale kliniek en wees in lezingen voor vakgenoten op de gevaren van concurrerende middelen van Risperdal. Een andere kinderpsychiater leende zijn grote naam voor een gemanipuleerd onderzoek, waarmee Risperdal in 2006 uiteindelijk toch geregistreerd kon worden als geneesmiddel voor bepaalde autistische kinderen.

3. Gebruik medicijnonderzoek als marketinginstrument

Om een geneesmiddel geregistreerd te kunnen krijgen, moet onderzoek worden gedaan onder patiënten. Dit onderzoek wordt weliswaar betaald door de fabrikant, maar is wel aan strenge regels gebonden en gebeurt in elk geval deels door – in principe – onafhankelijke wetenschappers. Probleem is dat alleen onderzoeken worden gepubliceerd die een effect aantonen van een middel, de andere niet. Daardoor ontstaat per definitie een te rooskleurig beeld van de werking.

J&J ging nog een flinke stap verder, door bijwerkingen te verzwijgen en te verdonkeremanen. Een onderzoek waaruit bleek dat Risperdal zorgde voor een vergrote kans op sterfte onder ouderen, werd nooit gepubliceerd. Een studie waaruit bleek dat jongens door Risperdal een sterk verhoogde kans hebben op borstvorming, werd zo bijgewerkt dat de kans ogenschijnlijk kleiner was.

4. Verkoop de symptomen, niet de aandoening

Om dokters off-label te laten voorschrijven hanteren verkopers het door J&J gemunte devies ‘Verkoop niet de ziekte, verkoop de symptomen’. Kind niet psychotisch, maar wel angstig? Oudere wel dementerend en lastig, maar niet psychotisch? Misschien kon Risperdal worden voorgeschreven – en dat gebeurde dan ook.

Dokters die veel Risperdal voorschreven, kregen cadeautjes, van zakken popcorn met Risperdal-opdruk tot ruimhartige vergoedingen voor lezingen en advies. In de wachtkamers van kinderafdelingen van ziekenhuizen legden de verkopers speciale legoblokjes met een Risperdal-logo neer.

5. Betaal de boete – en glimlach

Hoewel rechtszaken farmaceutische bedrijven veel geld kunnen kosten, valt dat doorgaans in het niet bij de winsten die gemaakt worden. Zo moest GlaxoSmithKline (GSK) enkele jaren geleden 3 miljard dollar betalen, omdat de farmagigant had gezwegen over de ernstige bijwerkingen van een antidepressivum. Het maakt de farmaceutische bedrijven niet minder populair bij beleggers. Een beleggingsanalist zegt tegen Brill:

Alle farmabedrijven hebben te maken met rechtszaken. Het stelt niet zoveel voor.