Is er echt een omslag in de houding over asielzoekers?

Denken Nederlanders ineens negatiever over asielzoekers? En hoe uniek is de huidige onvrede eigenlijk?

Na de dood van Aylan Kurdi, begin september, leek Nederland één groot inzamelingspunt voor knuffels en draagdoeken. De wereld was ‘wakker geschud’ door het op een Grieks strand aangespoelde Syrische kleutertje. Maar inmiddels lijken de mensen die vluchtelingen met open armen ontvangen in de minderheid.

‘Nederlanders negatiever over opvang vluchtelingen’, kopte RTL Nieuws zaterdag. Volgens RTL vindt 66 procent van de Nederlanders dat we niet meer vluchtelingen moeten opnemen; eind augustus was dat nog 56 procent. Een andere indicator: de spectaculaire stijging van de PVV in de peilingen. De laatste weken voert Wilders weer hard campagne tegen het opzetten en uitbreiden van asielzoekerscentra.

Is er een omslag gaande in de Nederlandse houding tegenover asielzoekers? En, minstens zo interessant: hoe uniek is de huidige onvrede eigenlijk, er waren afgelopen decennia toch vaker grote aantallen vluchtelingen die hierheen kwamen?

„Veel kiezers zijn op drift”, concludeert politicoloog Tom van Dijk, die voor tv-programma EenVandaag peilingen doet. Vorige week signaleerde hij „één ronduit explosieve ontwikkeling”: de PVV steeg in een maandmet 7 zetels naar 34 – 11 meer dan naaste belager VVD. Peil.nl, het onderzoeksbureau van Maurice de Hond, liet een gelijke beweging zien.

Maar een echte omslag onder de bevolking? „Zeven zetels is maar een paar procent van het electoraat”, zegt Van Dijk. Bovendien blijkt uit onderzoek waarbij met groepjes van een man of acht langer (1,5 uur) en meer spontaan wordt gepraat ook niet dat nu veel meer mensen bezorgd zijn over de komst van vluchtelingen.

Sociale media laten evenmin een duidelijke trendbreuk zien, zo blijkt uit een inventarisatie van sociale-media-analysebureau Coosto. Sinds eind augustus wordt wel veel meer over asielzoekers en vluchtelingen gepraat op Facebook en Twitter en de toon is meestal negatief, maar de laatste tijd niet veel negatiever.

Chocola en sigaretten voor Hongaren

Hoogleraar migratiegeschiedenis Marlou Schrover vindt de huidige situatie niet uitzonderlijk. De angst voor vluchtelingen is niet nieuw: „Je ziet dezelfde reacties als in de jaren 90: toen demonstreerden mensen ook tegen de komst van asielzoekerscentra.” Hoe asielzoekers worden ontvangen hangt sterk af van hun afkomst, zegt ze. De ene groep wordt enthousiast binnengehaald, de andere krijgt een kille receptie. Een voorbeeld van de eerste soort waren de Hongaren die in 1956 de Sovjet-Unie ontvluchtten. „De regering wilde toen niet te veel Hongaren opnemen vanwege de woningnood, maar de bevolking demonstreerde voor ruimere toelating. Toen de eerste treinen arriveerden stonden duizenden mensen op de perrons om ze chocola en sigaretten te geven.” Ook Joegoslavische asielzoekers in de jaren 90 werden gastvrij ontvangen. „Terwijl het ging om wel 50.000 mensen.”

De Tamil-vluchtelingen die in de jaren 80 Sri Lanka ontvluchtten viel een andere behandeling ten deel. Toen een paar Tamils een opvanghuis in brand staken, ontstond er een „verschrikkelijke anti-Tamilstemming”, zegt Schrover. Ook de 14 miljoen ontheemden die na de Tweede Wereldoorlog een onderkomen zochten, hoefden hier niet aan te kloppen.

Schrover geeft verschillende verklaringen. De culturele: hoe bekender een land, hoe meer we geneigd zijn mensen daarvandaan op te vangen. Joegoslavië was een bekende vakantiebestemming; Sri Lanka was dat in de jaren tachtig niet en Syrië is het nu evenmin. Daar komt angst voor de islam bij.

Daarnaast spelen ook politieke argumenten. Het enthousiasme over de Hongaren moet je zien in de context van de Koude Oorlog: de Hongaarse vluchtelingen werden als helden binnengehaald omdat ze het arbeidersparadijs verlieten.

Maar misschien wel het belangrijkst is de economische verklaring, volgens Schrover. In 1956 selecteerde Nederland actief Hongaren die in de mijnbouw konden werken, zegt Schrover: die konden hier iets nuttigs doen. „Het gaat altijd om het belang dat Nederland heeft bij de komst van vluchtelingen. De Tamils kwamen in de jaren 80, toen de werkloosheid op zijn hoogtepunt was: die waren dus minder welkom.”

De angst en ongerustheid over vluchtelingen mogen dan volgens haar niet uniek zijn, Schrover ziet wel één verschil met een paar decennia terug: bange burgers krijgen minder weerwoord van politiek en media. „Wanneer mensen roepen dat alle asielzoekers verkrachters zijn, is er niemand die vraagt: hoe kom je daarbij?”

Maar hoe denkt Nederland nou echt?

Over hoe Nederlanders nou écht denken over de komst van vluchtelingen is nog veel onduidelijk. Kijk maar naar het onderzoek waarover RTL Nieuws berichtte. Onderzoeksbureau DVJ Insights stelde 500 Nederlanders de vraag: ‘Zou Nederland meer vluchtelingen moeten opnemen?’ De vraag werd niet nader toegelicht, zodat het onduidelijk was wat precies werd bedoeld. Je kan de vraag lezen als ‘moet Nederland doorgaan met het opnemen van vluchtelingen’ (of stoppen), maar ook als ‘moet Nederland een groter deel van de vluchtelingen opvangen dan het nu doet’ (of niet intensiveren). Ook weten we niet precies waarom het percentage nee-zeggers toenam: daarover is niet doorgevraagd.

Volgens Maurice de Hond is de kans groot dat bij komende verkiezingen vluchtelingenopvang een belangrijk thema wordt. „Wilders krijgt dan een heel gunstig speelveld.” Maar de kans dat de PVV nog veel groter wordt dan nu in de peilingen, acht hij niet erg groot. „Dan moeten er wel heel uitzonderlijke dingen gebeuren.”