Deze twee moleculen redden massa's mensen

De eerste Nobelprijs van dit jaar is voor pillen tegen tropenziekten. Ze voorkomen op grote schaal sterfte.

Molecuulmodel van het ontwormingsmiddel ivermectine. De kleurcodes voor de atomen zijn: koolstof grijs, waterstof wit, zuurstof rood.

Het Nobelcomité beloonde gisteren drie wetenschappers voor het ontdekken van twee stoffen uit de natuur, die de levens van miljoenen mensen in de armste landen ter wereld hebben gered.

Het gaat om artemisinine tegen malaria en ivermectine tegen worminfectie. De middelen zijn op grote schaal ingezet in de strijd tegen parasitaire infecties. De grote bijdrage van deze middelen is niet alleen dat zij sterfte voorkwamen. Het voorkomen van ernstige invaliditeit (zoals rivierblindheid, veroorzaakt door een parasitaire worminfectie) heeft in ontwikkelingslanden ook een belangrijke belemmering voor economische ontwikkeling uit de weg geruimd.

Veertig jaar geleden ontdekt

De ene helft van de Nobelprijs voor Fysiologie of Geneeskunde gaat naar Youyou Tu, de Chinese die veertig jaar geleden artemisinine ontdekte. Die stof uit de plant Artemisia annua is dodelijk voor de malariaparasiet. De Ier William C. Campbell en de Japanner Satoshi Omura delen de andere helft van de Nobelprijs. Hun onderzoek leverde een geneesmiddel tegen wormparasieten: ivermectine.

„Ik ben blij verrast door deze Nobelprijs”, reageert malariadeskundige Robert Sauerwein van het academisch ziekenhuis Radboudumc in Nijmegen. „Het zijn twee enorm potente geneesmiddelen die de laatste decennia heel veel goeds hebben gedaan in de tropen.”

Artemisinine is volgens Sauerwein nu zelfs „de moeder van alle malariageneesmiddelen”. De ontdekking van deze stof heeft „een heel nieuw mechanisme blootgelegd waarmee we de Plasmodium-parasiet effectief en bijna zonder bijwerkingen kunnen bestrijden” , zegt hij. „Daarom is het zo groot geworden. Het middel heeft heel lang in de schaduw gestaan omdat het uit China kwam en er geen gegevens over waren in de westerse wetenschappelijke literatuur.”

Ook hoogleraar Tropische Geneeskunde Martin Grobusch van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam benadrukt hoe revolutionair de middelen geweest zijn. „De Wereldgezondheidsorganisatie heeft ze tot speerpunt gemaakt in bestrijdingscampagnes”, zegt Grobusch. „Bijna iedereen ter wereld heeft nu toegang tot deze middelen.”

Voor artemisinine was dat nog een uitdaging: vanwege de complexiteit van het molecuul was het niet mogelijk om het te synthetiseren.

Tien jaar geleden stierven er nog jaarlijks 1,5 à 2 miljoen mensen aan malaria. Dat is nu teruggebracht tot ongeveer 0,5 miljoen, met een belangrijk aandeel van artemisinine. Grobusch: „Maar het is belangrijk om geen al te rooskleurig beeld te schetsen, want ook tegen artemisinine ontstaat al resistentie.”