Brieven

Rutte, spreek de natie toe!

Nederland broeit. De ene helft van ons land is druk met het opvangen en huisvesten van vluchtelingen. En de andere helft voelt zich overvallen, zeker als de voorzieningen hiervoor in de eigen achtertuin terecht komen. Europa beleeft een situatie van grote onzekerheid. Niemand immers weet waar dit eindigt.

Onzekerheid vraagt om leiderschap. Dat tonen veel burgemeesters in hun zoektocht naar geschikte locaties. Leiderschap hebben we ook landelijk nodig. De premier van Nederland dient zich snel boven de partijen te verheffen. In essentie dient zijn boodschap tweeledig te zijn. Eén: erken de onzekerheid, de angsten en boosheid van veel landgenoten. Toon u empathisch, toon begrip voor hun chagrijn over bijvoorbeeld de wachtlijsten voor sociale huurwoningen die nòg langer worden.

En twee: roep ons op om vooral de democratie zijn werk te laten doen. Stimuleer voor- èn tegenstanders van toelating en opvang van vluchtelingen om hun stem te laten horen. In gemeenteraden en op andere podia. Maar dan wel geweldloos.

Premier Rutte, laat uw Rijksvoorlichtingsdienst zo snel mogelijk extra zendtijd inhuren. Toon u de premier van alle Nederlanders en spreek de natie toe. We hebben uw verbindend leiderschap hard nodig.

Beroep tegen Urgenda

Misleidend activisme

Maatschappelijke of politieke betrokkenheid is een groot goed, ook waar het om academici gaat. Zelfs activisme door academici is verdedigbaar, maar, zoals de klimaatzaak inzake Urgenda heeft getoond, dit kan uit de hand lopen.

Een groep van buitenlandse wetenschappers verbonden aan topuniversiteiten als Harvard, Yale en Columbia, dienden één dag voor het verstrijken van de beroepstermijn een petitie in bij de Nederlandse regering waarin ze aandringen om van beroep af te zien (NRC 25/9).

Veel van deze wetenschappers, zo niet alle, zijn de Nederlandse taal niet machtig. Een enkeling zou mogelijk enige kennis kunnen hebben van het Nederlands recht, maar geen van hen is een expert op het gebied van Nederlands burgerlijk en staatsrecht.

Desondanks staat in deze petitie dat de rechter „bestaande normen en wetgeving heeft toegepast.” De ondertekenaars bevelen de regering aan om het vonnis te accepteren omdat dit „gestoeld is op bestaande normen, wetgeving, en jurisprudentie.”

Hoewel deze academici niet in staat zijn om de juistheid van hun stellingen te verifiëren, hebben zij deze petitie ondertekend met vermelding van hun academische titels en affiliaties, niet op persoonlijke titel.

Deze wetenschappers hebben zich buiten het gebied van hun expertise begeven en zich bemoeid met een complexe juridische beslissing zonder kennis van zaken.

Door het gebruik van hun academische titels en affiliaties zetten zij hun verzoek op oneigenlijke wijze kracht bij en geven ze het een aura van wetenschappelijkheid. Hier komt de wetenschappelijke integriteit in het geding.

Het is tijd dat de universitaire gemeenschap in Nederland dergelijke misleidende praktijken aan de kaak stelt. Wetenschappelijke vrijheid is immers geen vrijbrief om ongefundeerde persoonlijke opinies te ventileren in naam van de wetenschap.

Lucas Bergkamp

Rosanne Hertzberger

Wij zijn juist trots op de VN

Ik was de moeder van een zoon die op hetzelfde gymnasium als Rosanne Hertzberger meedeed aan een model- United Nations in Alkmaar (3/10).

Op die conferentie werd geleerd hoe een land te vertegenwoordigen, een resolutie te schrijven, belangen te verdedigen. Ik was daar gelukkig mee. Je kunt immers niet jong genoeg beginnen met het laten weten hoe de wereld zou kunnen zorgen voor het uitbannen van armoede en het tegengaan van kindersterfte.

Hertzberger heeft ervan onthouden dat de Verenigde Naties zich bezighouden met onleesbare stukken. Verder kon ze er niets mee winnen, zoals bij het schieten in een kermistent. Treurig is het wel dat grote agenda’s die veranderingen willen brengen op deze wijze in haar herinnering staan. Mijn herinnering is anders. Na de oorlog kwam een nieuwe tijd, de overwinnaars hadden elk een zetel in de VN. Een land dat mee mag doen, is een goed contact voor later. Juist die kleine stip op de kaart, zoals Nederland, kan die steun goed gebruiken.

Dat zag ik terug toen mijn zoon apetrots meedeed aan het naspelen van de Verenigde Naties.

Cora Duin

ProRail

Moet bij Rijkswaterstaat

Vorige week constateerde de oppositie in de Tweede Kamer dat staatssecretaris Mansveld als enige aandeelhouder van spoorbeheerder ProRail geen greep lijkt te hebben op de chaos binnen het bedrijf (30/9). Mansveld reageerde door te stellen dat zij „niets te maken heeft met het besproken interne onderzoek naar de bedrijfsvoering”, zij staat op „op afstand”. Hieruit blijkt eens te meer dat de overheid haar greep op het spoorbeheer heeft verloren. In de jaren ’90 is de exploitatie van het spoor tot een private taak gemaakt. Gek genoeg heeft men er destijds, anders dan bij weg- en waterbeheer, voor gekozen om ProRail de status van zelfstandig bestuursorgaan toe te kennen. Daardoor kan het Rijk alleen op afstand invloed uitoefenen en niet direct ingrijpen. Voor Rijkswaterstaat geldt dat niet; de minister of staatssecretaris kan daar direct besluiten. Door ProRail onder te brengen bij Rijkswaterstaat kan de overheid bij grote problemen ingrijpen. Nu kunnen de minister en staatssecretaris hun verantwoordelijkheid over het spoor ontwijken door te wijzen op de beperkte invloed die zij hebben.

Het onderbrengen van ProRail bij Rijkswaterstaat heeft daarnaast andere voordelen. ProRail kan de ruime ervaring van Rijkswaterstaat in het managen van infrastructuur gebruiken als handvat. Kennis in stakeholdermanagement, aanbestedingsprocessen en de bouw van ‘complexe technische kunstwerken’ – tunnels, bruggen en waterkeringen – kan zo op efficiënte wijze worden gedeeld.

Rik van Berkel, Carl Dirks Jonge Democraten

Engelen en de economen

De Pravda-waarheid

Zeven jaar na de crisis is er niet veel veranderd in het denken van de economen, vindt Ewald Engelen (3/10). Om vervolgens uit te weiden over allerlei economen en hun theorieën die door de crisis weer in de belangstelling staan. En over het feit dat vrijwel elke zichzelf respecterende econoom via blogs de crisis live van kritisch commentaar voorziet. Ook constateert hij dat het IMF op tal van dossiers tot heel andere standpunten komt dan vroeger. Maar deze waslijst aan ontwikkelingen zou de top van de economische beroepsbeoefenaars nauwelijks beroerd hebben.

Engelen laat zich volledig op sleeptouw nemen door zijn tastbare aversie tegen economen en de ‘financialisering’ van de maatschappij. Zijn oplossing tegen dit kwaad is dat universiteiten ‘waarheidssprekers’ moeten afleveren die ‘onverbiddelijke en nietsontziende kritiek’ uiten op de status quo. Die niet dienstbaar zijn aan het grootkapitaal. Met Engelen ben ik het eens dat academici, economen incluis, kritisch moeten kunnen en durven denken. Maar hopelijk accepteert hij ook dat er ‘waarheidssprekers’ kunnen zijn die iets anders verkondigen dan zijn waarheid. Aan waarheidssprekers die ageren tegen het grootkapitaal is op universiteiten nooit gebrek geweest. Ook niet op de economische faculteiten. De waarheid verkondigen – totalitaire regimes doen het graag. De Sovjet-Unie had er een speciale krant voor.

Ewoud Jansen

René Marres

Nooit antwoord gekregen

Terecht merkt Sjoerd de Jong in zijn necrologie van René Marres (3/10) op dat diens pamflet over Friedrich Weinreb geen nieuwe affaire opleverde. Inderdaad hebben Regina Grüter en anderen Marres’ conclusies weerlegd, maar dit gebeurde in beknopte artikelen. Marres bleef daarom beweren dat zijn critici niet inhoudelijk ingingen op de zaken die hij behandelde. In mijn studie Onder een massa schijn bedolven ben ik wel uitgebreid ingegaan op Marres’ beweringen en heb ik aangetoond dat hij niet terugschrok voor bedrog. Uiteraard heb ik Marres mijn studie toegestuurd, maar een antwoord heb ik nooit ontvangen. Het roept de vraag op of deze verdediger van het vrije woord prijs stelde op debat.

Pim Derks