Populistisch pad is voor een serieus bewindsman spiegelglad

Als Van der Steur zijn karakter ontleend had aan de rechtsstaat zou de foto van Volkert hem nooit de das om hebben gedaan, meent Thomas von der Dunk.

Illustratie Angel Boligan

Het Binnenhofkaasstolpjournalistenhart gaat er vaak sneller van kloppen, maar het interesseert de meeste burgers inmiddels geen biet: de vraag of een minister danwel staatssecretaris het vanwege een misstap of misstand nog in de Kamer gaat redden.

Het is deze oppervlakkige poppetjespolitiek die aan de onderliggende oorzaken voorbijgaat, die burgers als slachtoffers van falend beleid steeds meer gaat tegenstaan.

Dezer dagen zijn de media echter opnieuw sterk gefocust op die vraag: overleeft Van der Steur de publicitaire aanslag van Volkert van der G. op de Haagse gemoedsrust? Ontspoort de carrière van Mansveld nu definitief doordat overheidsinvloed op de bedrijfsvoering van ProRail een gepasseerd station is? In beide gevallen is de onuitgesproken verwachting dat, wanneer maar de verantwoordelijke bewindspersoon vervangen wordt, de met een schone lei beginnende opvolger het beter zal doen.

Nieuwe bewindspersonen zullen echter niets uithalen, zolang aan het structurele probleem niets verandert – dat geldt zowel voor de regelmatig terugkerende heibel rond Volkert als voor de nog veel regelmatiger terugkerende ellende rond ProRail. In het eerste geval is dat structurele probleem de angst voor het populisme, in het tweede het dogma van de marktwerking. Iedereen weet dat, alleen ontbreekt bij de verantwoordelijke politici de moed om ook naar dat inzicht te handelen.

Een nieuwe VVD’er op Justitie zal in gevoelige dossiers binnen de kortste keren hetzelfde gedraai en gestuntel als Van der Steur laten zien, zolang de VVD zich door haar electorale nood laat gijzelen en dus te laf blijft om tegenover het gesundes volksempfinden van Wilders en Eerdmans de rechtsstaat te verdedigen. Zij durft niet langer meer haar eigen (potentiële) kiezersachterban te vertellen hoe de grondbeginselen van het recht in elkaar steken; de premier heeft er sinds zijn aantreden in 2010, vanaf zijn eerste gedoogcoalitie, zelfs een gewoonte van gemaakt om bij alle aanrandingspogingen van Wilderszijde stelselmatig weg te kijken.

Daaruit vloeiden vervolgens niet alleen de zoveelste bij voorbaat onhoudbare verkiezingsbelofte van Rutte – een staatssecretaris die Volkert op proefverlof laat gaan is meteen zijn baan kwijt – en de verwoede pogingen van Teeven voort om te verhinderen dat ook in Volkerts geval het recht zijn loop zou hebben. Het vormt ongetwijfeld ook de oorzaak van de huidige fotoaffaire. Over de wijsheid van een van staatswege georganiseerd fotomoment – een podium bieden voor een crimineel of een paparazzi-jachtpartij voorkomen? – valt te twisten, maar kenmerkend is dat de buitenwacht dat niet mocht weten.

Ofwel wist Van der Steur er het nodige van (en stemde hij ermee in), maar durfde hij, uit angst voor De Telegraaf-hysterie, de daaraan ten grondslag liggende overwegingen niet te openbaren? Ofwel, de justitietop deed het op eigen houtje, in de veronderstelling dat Van der Steur dat wat zijzelf verstandig achtte anders zou dwarsbomen. De overhaaste desavouering en vervolgens benepen excuses van Van der Steur in de kwestie-Maat lijken vooral op een karakterdefect in eerstgenoemde zin te wijzen. Maar in beide gevallen blijft het probleem ook na een eventueel aftreden gewoon bestaan, zolang een nieuwe VVD-minister niet uit heel ander hout gesneden is.

De huidige VVD-mentaliteit in deze verklaart vast ook het door VVD-Kamerlid Taverne aangevoerde verzet tegen rechterlijke toetsing van nieuwe wetten aan de Grondwet, of toetsing daarvan door Brussel aan Europese verdragen. Natuurlijk voelt Taverne nattigheid: dat waar de VVD voor vermeende volkswil van het PVV-sentiment buigt, een neutrale autoriteit aan de opportunistische overwegingen van zijn partij wel eens geen boodschap zou kunnen hebben. Den Haag is de laatste jaren op juridisch gebied – ondoordachte plannen inzake griffierechten, rechtsbijstand, eigen bijdrage proceskosten, suggesties voor privatisering gevangenissen – het spoor zodanig bijster dat het steeds vaker noodzakelijk wordt om de rechtsstaat tegen de politiek te beschermen, nu de politiek de rechtsstaat aan haar veiligheidsobsessies en de roep om ‘daadkracht’ ondergeschikt heeft gemaakt.

Het spoor bijster is de politiek ook allang inzake het spoor zelf. Ongeacht Mansvelds onhandige optreden: zij is bij de formatie met een paar zeer zware kwesties opgezadeld, waar minister Schultz voor zichzelf een feestportefeuille vol lintengeknip had samengesteld. Onder die zware kwesties bevinden zich met Fyra en ProRail een paar lijken in de kast die in feite al zo oud zijn als Paars-I. Ook hier lost een personele wisseling van de wacht zonder fundamentele heroverweging van het beleid niets op. CU-senator Roel Kuiper verwoordde het dinsdag in Nieuwsuur zeer helder: het is de splitsing van het spoorbedrijf, in het kader van de fictieve marktwerking, die – samen met chronische onderinvestering als gevolg van onophoudelijke bezuinigingen – elke duurzame oplossing verhindert.

Ook dat weet iedereen, maar het vormt een van de grootste taboes in Den Haag: openlijk erkennen dat het opbreken van de NS waanzin was. Voor de VVD is dat onverteerbaar, omdat zij zo ook erkennen moet dat haar daaraan ten grondslag liggende ideologie van vermarkting van openbare nutsbedrijven failliet is.