Tirannie van dom model

Hoe inventief moet je zijn om te roepen dat Nederland het van kennis moet hebben? Niet heel inventief. Ons parlement heeft in 2010 kamerbreed een motie aangenomen dat Nederland tot de top-5 kennis economieën van de wereld moet gaan behoren. Premier Rutte doet daar nog een schepje bovenop: “Nederland innovatieland” roept hij in Brussel. Roepen gaat ons goed af, maar hoe inventief moet je zijn om geld vrij te maken om daadwerkelijk te investeren in kennis?

Heel inventief. Daar heb je politici van formaat voor nodig, zoals Merkel en Schäuble. Geen Duits begrotingstekort en veel geld voor kennis. Wij hebben Rutte en Dijsselbloem, apetrots dat zij het begrotingstekort onder de 3 procent hebben gekregen. Zij zeggen er niet bij hoeveel miljard aan aardgasopbrengsten in 2014 verbruikt is om dit miraculeuze resultaat te bereiken. Zou dat aardgasgeld goed besteed zijn aan diepte-investeringen in kennis of in een fonds zijn gestopt voor toekomstige generaties (zoals in Noorwegen), dan was het begrotingstekort gapend en Nederland nu de zieke man van Europa.

Omdat wij geen politici van formaat hebben, kan het aardgasgeld zonder protest worden verstookt. Sterker, nu het iets beter gaat met de economie, gaan Rutte en Dijsselbloem geld uitdelen aan de kiezer. Ik heb nog geen grote politieke partij gehoord die daar tegen in opstand komt. Zelfs D66, dat vroeger nog wel eens over de kenniseconomie sprak, pleit niet voor investering in kennis. Het half miljard aan aardgasgeld dat geruisloos door ex-minister Verhagen is weggehaald uit de onderzoeksbegroting wordt niet teruggegeven, nu de economie opveert. Niemand in Den Haag komt zelfs maar op het idee.

Banen nu, ik weet het, maar waarom denken politici dat Nederlanders niet ook bezorgd zijn over de banen voor hun kinderen en kleinkinderen? Leuke, nuttige banen in kennisintensieve bedrijven die op de wereldmarkt kunnen concurreren? In de tijd dat Mariëtte Hamer fractievoorzitter was van de PvdA, was daar nog oog voor. Zij wist dondersgoed dat er geld naar kennis moest voor banen in de toekomst en haar achterban wist dat ook, zei ze. Die visie is weggespoeld door de angst voor SP en Wilders die consumptie nu eisen.

Voor banen moet die 5 miljard lastenverlichting zorgen, maar zelfs kritische economen zijn niet overtuigd dat dit beoogde resultaat bereikt gaat worden. Zou het geld niet beter gebruikt kunnen worden voor onderzoek, energiebesparing, infrastructuur, en zo meer? Dat gaat meer banen en groene groei opleveren dan domme lastenverlichting.

Dat investering in kennis banen oplevert, is een no-brainer. Daar zijn economen het over eens. Niet voor niets heeft Nederland vroom de Lissabon doelstellingen onderschreven: 3 procent van het bbp in kennis. Helaas is daar weinig van terecht gekomen, net als van de motie-Hamer, waarmee het parlement Nederland tot de kennistop van de wereld wilde promoveren. Waarom lukt dat niet?

In Den Haag heerst nog steeds een diepe argwaan tegen eigenzinnige onderzoekers, die vooral hun eigen interesses najagen. Zijn die wetenschappers echt de kippen die gouden eieren leggen, of zijn het varkens die meer in hun trog willen? Er moge dan een duidelijke correlatie zijn tussen investering in R&D en welvaart, maar kunnen we niet volstaan met toegepast onderzoek en de fundamentele kennis van elders betrekken? Onnozele vragen, maar zolang de solide antwoorden op die vragen niet algemeen bekend zijn in Den Haag, zullen Nederlandse onderzoekers (KNAW, NWO, beroepsverenigingen) onze volksvertegenwoordigers hinderlijk moeten blijven volgen, zoals onze Amerikaanse collegae doen.

Daar komt iets bij: onze politieke partijen worden getiranniseerd door de modellen van het Centraal Plan Bureau (CPB). In die modellen zit investering in kennis alleen als kostenpost, niet bij opbrengsten. Alle politieke partijen laten braaf hun partijprogramma’s doorrekenen door het CPB en dan blijkt al gauw dat het programma te duur is. Waar is dan een kostenpost, waar best wat af kan? Kennis!

Hans Clevers is als president van de KNAW op zoek gegaan naar geld voor onderzoek en stuitte al gauw op dat idiote model van het CPB waarin kennis alleen telt als kosten. Hij zette zijn formidabele overredingskracht in om het CPB aan een beter model te krijgen, maar het lukte hem niet. Geen zinnig mens in Nederland denkt dat investering in kennis uitsluitend een kostenpost is, maar het starre CPB is niet in staat om vlot de modellen aan te passen.

Maar nu gloort er licht aan de horizon. In Brussel zit Robert-Jan Smits. Hij is directeur-generaal onderzoek en innovatie en niet op zijn achterhoofd gevallen. Hij ziet de investeringen in kennis in de EU chronisch tekortschieten en laat modellen ontwikkelen die de opbrengst van investering in onderzoek kwantificeren en zichtbaar maken. De volgende keer dat Rutte naar Brussel trekt om te pochen over “Nederland, kennisland” (dat land waar maar 5 procent van de subsidieaanvragen voor fundamenteel onderzoek gehonoreerd kunnen worden), dan kan hij zo’n nieuw Brussels model meenemen als cadeau voor ons CPB.