Kabinet komt niet uit zzp-discussie

Het ideologische verschil tussen VVD en PvdA over zzp’ers is te groot. En dus komen er geen verplichte verzekeringen voor zzp’ers.

De tijd van ‘bruggen slaan’ en ‘elkaar wat gunnen’ lijkt ver weg te zijn voor regeringspartijen VVD en PvdA. Na maandenlang onderzoek en onderling overleg verandert het kabinet vrijwel niets aan de positie van zzp’ers in Nederland. VVD en PvdA, die fundamenteel van mening verschillen over zelfstandigen zonder personeel, schuiven de beslissingen daarover door naar later.

Die uitkomst pakt gunstiger uit voor de VVD dan voor de PvdA: de VVD wilde toch al liever niets veranderen aan de positie van zzp’ers, die de partij ziet als vrije ondernemers.

De VVD moet als politieke uitruil wel toegeven aan de PvdA op een ander gevoelig arbeidsmarktthema: de verplichting van werkgevers om hun personeel bij ziekte twee jaar lang door te betalen. Rutte II wil die loonkosten omlaag brengen, zodat werkgevers meer mensen kunnen aannemen en minder (goedkopere) zzp’ers inhuren. De VVD en werkgevers willen die loonkostenverlaging ook, alleen niet op de manier zoals het kabinet wil: een collectieve verzekering voor het tweede ziektejaar in plaats van doorbetaling. Volgens de werkgevers leidt zo’n collectieve regeling tot méér ziekteverzuim.

Het kabinet kondigde gisteren aan dat die optie besproken zal worden met de vakbonden en werkgevers. En dat betekent geheid ruzie tussen kabinet en werkgevers.

Verhit

De werkgevers voelden er, net als de VVD, ook weinig voor om zzp’ers te verplichten zich te verzekeren op te leggen en hun fiscale voordelen te verminderen of af te schaffen. Dat gaat voorlopig ook niet gebeuren. Het kabinet schrijft in een reactie op een langverwacht beleidsonderzoek, dat gisteren naar buiten kwam, dat er eerst „een brede politieke en maatschappelijke discussie” nodig is.

Ook al is zo’n verhitte discussie over de zzp’ers al een tijdlang aan de gang, van Rutte II mag het nog doorgaan. De werkgevers, vakbonden en zzp-organisaties zullen er weer volop aan meedoen. Dat er geen onomkeerbare beslissingen zijn genomen, zien ze ook wel weer als voordeel.

Omdat het aantal zzp’ers de afgelopen vijftien jaar is verdubbeld tot 800.000 (zelfs 1.020.000 mensen, volgens de CBS-definitie) vroeg het kabinet al in mei 2014 om een groot ambtelijk onderzoek. Dat bevestigt dat er geen urgente problemen zijn: bijna negen op de tien zzp’ers wil graag zzp’er blijven. Ze verdienen gemiddeld minder dan werknemers (respectievelijk 33.000 en 37.000 euro bruto per jaar), maar hun inkomen per huishouden is vergelijkbaar.

De vraag is alleen of Nederland afstevent op een maatschappelijke tweedeling van haves en have nots. Eén op de drie zzp’ers is niet verzekerd tegen arbeidsongeschiktheid en de helft bouwt gemiddeld minder pensioen op dan werknemers.

Mismatch

Het zzp-onderzoek signaleert een „mismatch” tussen beleid en praktijk. Een deel van de zzp’ers zou meer bescherming nodig hebben tegen arbeidsongeschiktheid en baanverlies, terwijl werknemers weer weinig te kiezen hebben, bijvoorbeeld in hun sociale verzekeringen.

„Er is niet één zzp’er”, zeggen de onderzoekers. Ook ideologisch zijn er meer soorten zzp’ers. De VVD ziet zelfstandigen als ondernemers die je niet moet dwarszitten. De PvdA ziet de zzp-groei vooral als probleem: zzp’ers worden ook wel gebruikt als goedkope schijnwerknemers.

Het kabinet vindt dat het verschil tussen zzp’ers en werknemers kleiner moet worden – ook de verschillen in loonkosten. En zo kwam Rutte II uit bij beperking van de loondoorbetaling bij ziekte. Als kleine werkgevers (met minder dan tien mensen in dienst) hun zieke medewerkers nog maar één jaar moeten doorbetalen in plaats van twee, durven ze misschien meer mensen aan te nemen.

Het tweede jaar zou vergoed moeten worden vanuit een publieke verzekering, waar werkgevers een sectorale premie voor afdragen. De werkgeversorganisatie VNO-NCW wijst dat af: het tweede jaar zou volgens VNO-NCW geregeld moeten worden door private verzekeraars.

Op dit moment betalen veel werkgevers 100 procent loon in het eerste jaar ziekte en 70 procent in het tweede jaar. Het kabinet wil met sociale partners gaan praten over het verlagen van de bovenwettelijke loondoorbetaling, die er nog bovenop komt, in de hoop dat werkgevers dan meer mensen kunnen aannemen.

Het kabinet komt niet met verplichte zzp-verzekeringen tegen bijvoorbeeld arbeidsongeschiktheid, werkloosheid of voor pensioen. Het kabinet wil hen wel meer „bewust” gaan maken van de risico’s die ze lopen zonder deze verzekeringen– meer niet. Ook komen er geen aanvullende maatregelen tegen het inzetten van ‘schijnzelfstandigen’.