Il Lombardia

Ajax-PSV is zeker een beladen wedstrijd, maar een klassieker kun je het niet noemen. Niet in de traditie van Ajax-Feyenoord. Zelfs in de jaren dat PSV in successie landskampioen werd, hoorde je niemand over de ‘clash’ Ajax-PSV. Het was ook misplaatste hoogmoed van de Randstad.

PSV verzuimde legende over zich af te roepen door zich in de underdogpositie te wentelen. Zelfs met de wereldtop in eigen rangen (Romario, Ronaldo) bleef de schemer van valse nederigheid over de Herdgang vallen. Guus Hiddink werd pas na het winnen van de Europa Cup wereldburger en met de oude meneer Philips op de tribune moest het clubleven niet al te werelds worden.

Dat zie je vandaag nog steeds terug bij de Brabantse hoogvlieger. Iets van een naar binnen gekeerd cultuurtje. Met Phillip Cocu als icoon van innerlijke beschaving. Niet toevallig zijn het woelmuizen als de Belg Maxime Lestienne en een paar Mexicanen die polariserend voetballen. De Nederlandse jongens liggen geketend aan de eenklank van spel en verschijning. Mark van Bommel heeft een groot gat achtergelaten in de clubcultuur.

Misschien lijden voetbalbegrippen als klassieker en derby ook aan de erosie van nevencompetities. De overkill aan Europees voetbal met bijkomende revenuen heeft de volkssport een tikje meer vaderlandloos gemaakt. De clubspelers zelf komen nu uit de vier windstreken, niet meer uit Betondorp. Aan Frank de Boer hoor je keer op keer dat verlies in Europa hem meer pijn doet dan een nederlaag tegen Vitesse. Alsof hij pas in het buitenland diep gekrenkt wordt in zijn eergevoel.

Enfin, Ajax-PSV kan leuk worden, maar van een bloedstollende klassieker is wellicht andermaal geen sprake.

De echte klassieker van deze zondag is de Ronde van Lombardije. Een monument in de categorie Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix en Luik-Bastenaken-Luik.

Il Lombardia is aan de 109de editie toe. Een zware koers met zes hellingen, waarvan vier in de finale, in misschien wel het mooiste landschap van Italië. Een verliefdheid aan het Comomeer gaat niet meer weg.

Alle grote wielerkampioenen waren gebrand op de Ronde van Lombardije. De erelijst zegt genoeg: Fausto Coppi (5x), Eddy Merckx, Rik Van Looy, Bernard Hinault, Hennie Kuiper, Michele Bartoli, Philippe Gilbert…

Topfavoriet is Joaquim Rodriguez, die de klassieker al twee keer won. Maar voor het eerst sinds lange tijd maakt ook een Nederlander een kans. Op het WK in Richmond dansten Robert Gesink en Bauke Mollema op de pedalen. Zij hebben de inhoud voor ‘Lombardije’, meer in het bijzonder voor de beklimming van de beroemde Madonna del Ghisallo op 70 kilometer van de streep.

Het is een mythische col, ook al omdat daar het standbeeld van Coppi staat aan een wit kerkje. Het kerkje is een bedevaartsoord voor wielertoeristen die op jacht zijn naar memorabilia. Die zijn er in overvloed, van fietsen, tot truitjes, stuurlinten en bidons. Mercantiele godsvrucht alom.

Het zou prachtig zijn als Robert Gesink zijn indrukwekkende comeback zou kunnen bekronen met winst in de laatste klassieker van het jaar. Hij verdient het als geen ander.

Het wielerseizoen eindigt met een valse noot. LottoNL-Jumbo doet geen beroep meer op Laurens ten Dam. Hij is er ook in Lombardije niet bij, al was dat nou net de klassieker waarin hij ons met zijn kreun- en hoorspel van lijden in een veelvoud van grimassen had kunnen vermaken. De mythe Lau en Bau was natuurlijk al gehalveerd na het vertrek van Mollema naar Trek, maar Ten Dam bleef het oudtestamentische gezicht van het Nederlandse cyclisme.

Hollandser worden ze niet meer geboren.